Studenten onder druk

Studentenstress anno 2019: ‘Het is een beetje een hype’

Beeld Nanne Meulendijks

Nemen de stress en psychische klachten onder studenten nu juist toe of niet? Onderzoeken zijn niet eenduidig. ‘Het is een beetje een hype.’

‘Studenten steeds meer onder druk.’ Deze krantenkop zou moeiteloos passen in de discussie van vandaag de dag: door het leenstelsel, het bindend studieadvies, extra vakken en bijbaantjes om de studie te bekostigen, staan studenten constant onder druk, luidt de kritiek. Het levert stress op en in sommige gevallen psychische klachten.

Maar bovenstaande krantenkop is afkomstig uit Het Parool. Jaartal: 1981. Artsen voorspelden toen een toename van het aantal psychische klachten onder studenten omdat het hoger onderwijs een transformatie zou doormaken: de studieduur werd verkort en er werd meer van studenten verwacht. Pas daarvoor op, waarschuwden de artsen destijds in de krant.

Het is alsof de discussie over studentenstress nooit is veranderd. Al in 1955 stond boven een stuk in de Friese Koerier: “Van studenten 10 procent naar psychiater.” Ook toen werd de oorzaak gelegd bij de studie.

Het is inmiddels een bekend recept: met elke verandering in het hoger onderwijs, neemt de druk toe. Tenminste, zo luidt de klacht. En de afgelopen vijftig jaar zijn er nogal wat transformaties geweest. Van een ruime basisbeurs naar het leenstelsel, om er maar één te noemen.

‘De student betaalt de rekening’

Steeds nieuwe ingrediënten voor groeiende druk op jongeren, concludeerde ook de Sociaal-Economische Raad laatst in een rapport. Een opeenstapeling van onzekerheden – een flexibele arbeidsmarkt, onbetaalbare huizen en een enorme studieschuld – zorgt ervoor dat jongeren stress ervaren.

“Voor alle maatregelen die de afgelopen jaren in het onderwijs zijn doorgevoerd, betaalt de student de rekening”, zegt onderzoeker en docent Jolien Dopmeijer, verbonden aan Hogeschool Windesheim.

Maar hoe erg zijn die psychische en stressgerelateerde problemen nu echt? Nemen ze toe? Een nieuw fenomeen is het niet: tijdens de studieperiode verandert er sowieso veel. Jongeren gaan op zichzelf wonen, moeten voor zichzelf zorgen en ondertussen een zware studie afronden binnen vier jaar. Ze zijn kwetsbaar.

De afgelopen jaren zijn er heel wat onderzoeken verschenen naar studentenwelzijn. Vaak zijn die alarmerend. Neem het onderzoek van Saskia Kelders van de Universiteit Twente. Daaruit bleek onlangs dat 80 procent van de Twentse studenten lichte of zware psychische problemen ervaart. Wat Kelders vooral opviel: veel internationale studenten hebben problemen. Overigens maakt zij geen vergelijking met andere jaren.

Een zekere vertekening in de studie kan Kelders niet ontkennen. Tienduizend studenten ontvingen een mail met de vragenlijst, 15 procent reageerde. Het zou kunnen dat alleen jongeren met klachten zich geroepen voelden de vragenlijst in te vullen. “Dus het werkelijke percentage van studenten dat dit soort klachten ervaart, zal wel iets lager liggen: rond de 50 procent verwacht ik. Daarmee is Twente vergelijkbaar met andere hogescholen en universiteiten.”

Groningen heeft extra studentenpsychologen aangenomen

Een beetje een hype, zegt Peter van der Velden van onderzoeksinstituut CentERdata over de discussie rondom studentenwelzijn. “Uit geen enkel wetenschappelijk onderzoek blijkt dat er sprake is van een forse toename van psychische problemen”, zegt de gezondheidspsycholoog en voormalig hoogleraar victomologie. Samen met collega’s van de Tilburgse universiteit vergeleek hij de mentale gezondheid van 1100 jongeren in 2007, 2012 en 2017. Wat blijkt: de psychische problemen namen niet toe. In 2007 én in 2017 had 7 procent van de studenten problemen met studie of werk vanwege gezondheid of psychische klachten, 35 procent voelde zich regelmatig vermoeid en 9 procent kampte met angstige of depressieve gevoelens. Ook is er geen verschil tussen studerende en niet-studerende jongeren.

Die uitkomsten sluiten aan bij een studie van het Centraal Bureau voor de Statistiek waaruit blijkt dat er amper sprake is van een toename in psychische klachten onder 15- tot 25-jarigen. “De media suggereren dat psychische problemen onder studenten schrikbarend snel toenemen”, zegt Van der Velden. “Blijkbaar weten belanghebbenden hun boodschap goed voor het voetlicht te brengen.”

Wat de gezondheidspsycholoog opvalt: “Er is sprake van gezondheidsongelijkheid. Mensen met een lagere sociaal-economische status leven korter en leven ook minder lang in een gezonde toestand. Nu gaat alle aandacht naar studenten, maar die zijn juist de toekomstige welvarende generatie. Uit ons en ander onderzoek blijkt dat niet-studenten evenveel psychische problemen hebben. Waarom horen we daar niemand over?” 

Zo’n beetje iedere universiteit in Nederland heeft een programma voor studentenwelzijn. In Utrecht, Maastricht en Wageningen hadden de studenten tussen de colleges door onlangs de mogelijkheid om deel te nemen aan stiltewandelingen of een mindfulnesscursus. De Groningse introductieweek stond dit jaar in het teken van studentenstress: studenten konden een yogales of meditatietraining volgen en een arts gaf tips over omgaan met studiedruk. De Rijksuniversiteit Groningen heeft zelfs extra studentenpsychologen aangenomen, gefinancierd met het geld dat bespaard is met de invoering van het leenstelsel.

Huilen in de huilkamer

Ook de Radboud Universiteit in Nijmegen pakt het grondig aan: tijdens tentamenperiodes mogen studenten met voorstellen komen om de druk iets te verlichten. In oktober stonden er massagestoelen en kregen de studenten stressballetjes. Afgelopen zomer werd zelfs een huilkamer ingericht – volgens de universiteit een ludieke actie om het probleem onder de aandacht te brengen.

“Wij hebben zes studentpsychologen in dienst, we hebben burn-out- en mindfulness-trainingen, we hebben scriptie-ateliers en speciale voorzieningen voor studenten met autisme, en studenten kunnen gebruik maken van een loopbaanbegeleider”, somt Alex Roomer op, het hoofd van de afdeling studentbegeleiding van de Radboud Universiteit. Hij signaleert een toenemende vraag naar studentpsychologen. “Er melden zich zo’n acht tot tien studenten per dag.”

Dat onderzoeken aantonen dat psychische problemen onder studenten niet toenemen, vindt Roomer geen reden om als universiteit dan maar niets te doen. “Het is nu eenmaal een maatschappelijk probleem.”

Die mening wordt breed gedeeld: studentorganisatie Iso maande minister Ingrid van Engelshoven onlangs om sneller actie te ondernemen. Zij heeft het RIVM de opdracht gegeven een nulmeting uit te voeren naar studentenwelzijn, maar die is pas eind 2020 af. Te laat, meent het Iso. “We kunnen niet op onze handen blijven zitten en niets doen”, zegt Iso-voorzitter Kees Gillesse. “Daarvoor zijn de cijfers te alarmerend.”

“Het is goed dat universiteiten extra ondersteuning bieden”, zegt Roomer. Volgens hem is het onderliggende probleem dat veel studenten willen voldoen aan ‘het perfecte plaatje’. “Ze willen een tien voor het leven én voor de studie. Ze willen voldoen aan alle verwachtingen door een zo indrukwekkend mogelijk cv op te bouwen en ze hebben angst om te falen.”

‘Pas op dat het geen ggz-instelling wordt’

Zeker, er is iets aan de hand, erkent ook Van der Velden. “Dat studenten zo’n enorme schuld opbouwen vanwege het leenstelsel, is ernstig. Maar wees terughoudend met dat door te trekken naar psychische klachten. Dat de universiteiten zorg hebben voor mensen die ze opleiden is goed, maar pas op dat je geen ggz-instelling wordt.” (Roomer: “Dat zijn we niet. Zodra de klachten om specialistische hulp vragen, verwijzen we door.”)

Net als Roomer ziet Van der Velden dat studenten een perfect plaatje nastreven. “Ze willen twee masters én een bijbaantje. Leg dat jezelf niet op. Leer keuzes maken.”

Dat laatste is een probleem, denkt onderzoekster Jolien Dopmeijer. Want studenten hebben het gevoel dat ze moeten voldoen aan hoge verwachtingen, bijvoorbeeld door goede cijfers te halen. “Het is een maatschappelijk probleem, dus die druk ervaren ook jongeren die niet studeren”, beaamt ze. “Maar als je studeert kunnen die verwachtingen zorgen voor nog meer druk: het kan stress, burn-outklachten of angst en somberheid met zich meebrengen.”

Nina Saelmans, student aan de Universiteit Utrecht, is zo iemand die alles oppakt. Ze zit in het tweede jaar van de bachelor geschiedenis, daarnaast volgt ze filosofievakken. Volgend jaar begint ze aan een minor rechtsfilosofie. Ook is ze actief binnen een studievereniging, waar ze lid is van drie commissies en ze werkt bij een tijdschrift in Amsterdam. Daarnaast heeft ze nog twee bijbaantjes.

Zoveel mogelijk vakken volgen

“Ik volg twee vakken meer dan reguliere studenten. Dus het zorgt er soms voor dat ik begraven lig onder deadlines en dat resulteert vaak in stress”, zegt ze. “Het wordt dan chaotisch in mijn hoofd. Ik verlies het overzicht. Ik raak van streek om kleine dingen die misgaan. Een poosje geleden moest ik bijna huilen in de supermarkt omdat ik het water niet kon vinden.”

Bij een studentpsycholoog is Saelmans nog nooit geweest, maar het leenstelsel zit vaak in haar achterhoofd. “De schuld die ik aan het opbouwen ben, moet ik ook een keer terugbetalen. Dat kan door een goede baan te vinden. Mijn eigen vaardigheden zijn van belang, omdat de studie geschiedenis niet per definitie een goed betaalde baan oplevert. Daarom push ik mezelf tot het uiterste door contacten te leggen met anderen, en zoveel mogelijk vakken te volgen. Dus ja: ik heb last van prestatiedruk.”

Saelmans ziet dat de mensen om haar heen met soortgelijke problemen kampen. Ze vindt dat de universiteit daar een nog grotere rol in mag spelen. “Ze mogen nog meer promoten dat er studentpsychologen zijn. Veel studenten gaan tot het uiterste en komen er dan achter dat ze al veel eerder aan de bel hadden kunnen of moeten trekken.”

Het is een klacht die Kelders van de Universiteit Twente herkent. “Veel studenten weten de weg niet te vinden naar al deze ondersteunende diensten. Daarom moet het thema tijdens de lessen besproken worden.”

Hoe denkt Van der Velden erover: is het goed dat universiteiten programma’s hebben voor studenten? “Dat is een morele vraag, daar kan ik geen antwoord op geven. Wat ik wel weet is dat psychische problemen vrijwel nooit het resultaat zijn van één factor, zoals studiedruk. Wat meespeelt is bijvoorbeeld welke opvoeding je hebt genoten, je fysieke gezondheid, de genen die je geërfd hebt, en je sociale leven.”

Lees ook:
Burn-outklachten, prestatiedruk en soms zelfmoord: de psychische nood onder studenten is hoog

De grote druk op studenten leidt tot psychische problemen, blijkt uit een analyse van studentenorganisatie Iso. ‘Wacht niet, grijp nu in!’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden