Interview Onderwijswethouder Marjolein Moorman

Onbegrijpelijk dat de onderwijscrisis niet elke dag voorpaginanieuws is

Onderwijswethouder Marjolein Moorman Beeld Patrick Post

Het water staat Amsterdamse basisscholen aan de lippen, zegt onderwijswethouder Marjolein Moorman. ‘Door het lerarentekort krijgt een hele generatie kinderen niet het onderwijs dat ze verdient.’

Soms wordt erover gesproken in ­termen als ‘praktisch onhandig’, maar dat is volgens Marjolein Moorman (45, PvdA) nogal een understatement. “Het onderwijs zit in een crisis”, zegt de Amsterdamse onderwijs­wethouder op felle toon in haar werkkamer.

In de hoofdstad is het lerarentekort groter dan elders in Nederland en daarom staan dagelijks honderden mensen onbevoegd voor de klas. “Een hele generatie kinderen krijgt op dit moment niet het onderwijs dat ze verdient, doordat het ­onderwijs ongelooflijk onder druk staat”, zegt Moorman. “Dat vind ik niet uit te leggen.”

Hoe groot zijn de problemen in Amsterdam?

“In het basisonderwijs en speciaal onderwijs hebben we een tekort van 310 voltijdse leerkrachten. Dat is wat we in kaart hebben kunnen brengen, het werkelijke tekort ligt waarschijnlijk hoger. Het BBO (de vereniging van schoolbesturen in het Amsterdamse basisonderwijs, red.) heeft aangegeven dat 220 van die voltijdse functies nu zijn ingevuld door onbevoegde mensen. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen: dit is echt een crisis. Ik snap niet dat dit niet elke dag voorpaginanieuws is.”

Wat moet er volgens u gebeuren?

“Ten eerste moeten de lonen structureel omhoog. De loonkloof tussen basisonderwijs en middelbaar onderwijs moet worden gedicht. De grootste tekorten in Amsterdam zitten in het basisonderwijs en het speciaal onderwijs. Dat vind ik onbegrijpelijk. Docenten staan daar voor een enorme opgave, met kinderen die veel zorg en aandacht nodig hebben. Ik kan er niet bij dat die mensen minder waard zouden zijn dan mensen in het middelbaar onderwijs.”

“Ik pleit ook voor een toelage voor leraren in grote steden. Dat ­gebeurt in Londen en Parijs ook, met succes. En ik vind dat je per school moet kunnen differentiëren in salaris. Je wilt de beste leraren op de scholen waar ze het hardst nodig zijn, bijvoorbeeld op scholen met veel kinderen met taalachterstand of leerproblemen. We willen een ­hoger salaris voor leraren die de zwaarste opgave hebben.”

U was vorige week in Den Haag met andere wethouders van de grote steden. Hoe reageerde minister Slob op de voorstellen?

Ze zucht. “Hij zegt: ‘we kunnen erover nadenken of jullie dat zelf misschien kunnen doen’. Maar ík heb het geld niet voor de salarissen. Dat heeft het kabinet.”

Gisteren maakte het kabinet bekend 285 miljoen euro beschikbaar te stellen voor betere arbeids­voorwaarden in het basisonderwijs. Goed nieuws?

“Nou, ik ga niet zeggen: hou die miljoenen maar in je zak, maar dat geld is een reparatie van jaren achterstallig onderhoud. Het onderwijs­personeel heeft jaren op de nullijn gezeten. Gelukkig is er nu geld om leraren in het basisonderwijs de gebruikelijke loonontwikkeling te laten volgen. Maar dit is geen crisisaanpak, waarbij alle partijen om de tafel gaan zitten om structurele ­oplossingen te verzinnen.”

U bent voorstander van onorthodoxe maatregelen. Wat doet Amsterdam om het tekort aan leraren aan te pakken?

“We investeren komende jaren 23 miljoen euro om leraren maximaal te helpen. We geven ze parkeervergunningen, voorrang op huisvesting, een elektrische fiets, zij-instroombeurzen. Er is zelfs een gratis griepprik. Ook staat als experiment een deel van onze eigen ambtenaren met een lesbevoegdheid één dag per week voor de klas. Een ander deel springt bij met administratieve taken. De kritiek is dat het geen structurele oplossing is. Nou, daar ben ik het mee eens. Het laat zien dat het water ons aan de lippen staat.”

Helpen die maatregelen?

“We horen van scholen dat ze er blij mee zijn, maar het is niet genoeg. Daarom kijken we nu ook naar voorrang in de sociale huursector. Dat is niet makkelijk, dat erken ik direct.”

Maken hogere lonen op basisscholen echt het verschil?

“Ja, dat denk ik echt, met een toeslag voor de grote steden dus. De ­lerarentekorten zijn in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht het grootst. Dat is logisch: het leven is er duurder, het is moeilijker om een huis te vinden.

Uit onderzoeken blijkt telkens weer dat mensen het beroep van ­leraar hoog waarderen. Het is ook een prachtig beroep. Ik ben ervan overtuigd dat als je daar een goed ­salaris voor geeft, heel veel mensen ervoor zullen kiezen. Maar dan moet je dus wel de portemonnee trekken.”

Lees ook:

Onbevoegde leraar vult de gaten in het onderwijs

Door het lerarentekort staan er steeds vaker onbevoegde mensen voor de klas, signaleert de Onderwijsinspectie. Juist de kwetsbaarste kinderen die meer begeleiding nodig hebben, lijken te worden geraakt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden