Déjà Vu Lerarentekort

In de jaren vijftig was het lerarentekort nóg nijpender

Beeld ANP

Alles is relatief. De PO-raad mag het huidige, nog altijd toenemende lerarentekort nijpend noemen, in de jaren vijftig van de vorige eeuw was de situatie een stuk dramatischer. Het land met op Ierland, Spanje en Portugal na de grootste klassen van Europa zag de leerlingenaantallen als gevolg van de naoorlogse babyboom snel toenemen, net als het tekort aan onderwijzers voor het lager onderwijs.

Nieuwe scholen en nieuwe lokalen konden slechts beperkt worden neergezet. Mensen en materialen waren ook nodig voor de rest van de wederopbouw. Er heerste grote woningnood. Een evenwichtige overheidsbegroting noopte bovendien tot soberheid.

Wat ook niet meehielp, was dat wettelijk was vastgelegd dat gehuwde vrouwen bij de overheid geen vaste aanstelling mochten hebben. Het betekende in de praktijk dat vrouwen op de dag van hun huwelijk een ontslagbrief konden verwachten. Anno 1954 werd dat verbod in zo’n 140 gevallen omzeild: onderwijzeressen die hun vaste aanstellingen kwijt waren geraakt, kregen een tijdelijke aanstelling.

Ooievaar

Tegelijkertijd was de Koude Oorlog in volle gang. Een deel van de jongemannen met lesbevoegdheid moest in militaire dienst. Minister Kees Staf van Oorlog, zoals Defensie toen nog heette, streek één keer over zijn hart en gaf onderwijzers voor 1954 een vrijstelling. Maar een verlenging van de regeling zag hij niet zitten, de mannen konden niet worden gemist. Ook omdat het tot een gebrek aan kader zou leiden. 80 procent van de jonge onderwijzers kwam daarvoor in aanmerking.

In 1954 kondigde minister Jo Cals van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (KVP) in een nota aan dat het ergste nog moest komen. In 1956 zou Nederland 3160 onderwijzers te weinig hebben, in geval van kleinere klassen met maximaal dertig leerlingen (voorlopig een onrealistisch doel) zouden dat er 7000 te weinig zijn. De tekorten zouden zeker tot 1963 blijven aanhouden. De verdere toekomst was ongewis, aangezien de wegen van de ooievaar behoorlijk ondoorgrondelijk konden zijn.

Heel veel hoopvols kon Cals er niet tegenover stellen. Hij zou nog eens gaan praten met zijn ambtgenoot Staf van Oorlog. En kleuterleidsters konden met een spoedcursus een bevoegdheid voor de lagere school verdienen. Maar het was onduidelijk hoeveel van hen daar gebruik van zouden maken.

Ministersloopbaan

In beide Kamers kreeg de minister in het najaar de wind van voren. “Baby’s worden toch niet als 6-jarigen geboren”, schamperde VVD-leider Pieter Oud in de Tweede Kamer. Zijn partijgenoot in de senaat, Willem Wendelaar, had het over ‘een erbarmelijk tekort aan vooruitzien’. Cals had het lastig. Media speculeerden over een vroegtijdig einde van een ministersloopbaan.

Kort daarna meldde de bewindsman, ook nog eens geconfronteerd met de dood van zijn vader, zich ziek. Hij was overspannen. Kuren en poeders hielpen hem er weer bovenop, maar een longontsteking zorgde begin 1955 voor een nieuwe onderbreking.

Cals krabbelde op en zou uiteindelijk tot 1963 minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen blijven. Daarmee zou hij de langst zittende bewindsman op dat departement worden. Langzaam maar zeker werden zijn problemen iets overzichtelijker. Defensie bleef weerbare mannen opeisen, maar het verbod op werk voor gehuwde vrouwelijke ambtenaren werd in 1955 afgeschaft.

De pil

Tegen het einde van het decennium kwam ook de bouw van nieuwe scholen op stoom. De jaren zestig brachten de anticonceptiepil die uiteindelijk grote gevolgen zou hebben voor de gezinsgrootte en de leerlingenstromen.

Maar dat effect liet nog even op zich wachten. Eind jaren zestig kondigde zich nog even een nieuwe piek aan in de vorm van de kroost van de babyboomers. Maar extreem problematisch werd het niet meer. De meeste klassen, ook nog eens kleiner dan voorheen, hadden een bevoegde leerkracht voor het schoolbord staan.

Deja vu

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden