Taal en cultuur

Het Confucius Instituut: spionage of waardevolle kennis?

Beeld Studio Vonq

De Chinese overheid heeft via haar Confucius Instituten een flinke vinger in de pap in het Nederlands onderwijs. Politici maken zich zorgen en vrezen voor spionage.

Is het een propaganda-instrument van de Chinese overheid in het buitenland of levert het Confucius Instituut waardevolle kennis? De vraag is actueel na een schandaal bij een Belgische universiteit, waar twee instellingen de samenwerking opzegden met hun Confucius Instituten. Dat zijn een soort wetenschappelijke centra die onder de paraplu van een buitenlandse universiteit Chinese taal en cultuur over de wereld verspreiden. Ze worden gefinancierd door de Chinese overheid.

Zo’n tien jaar geleden werden de instituten met open armen ontvangen, ook in Nederland waar de Rijksuniversiteit Groningen, Zuyd Hogeschool en Universiteit Leiden een samenwerkingsverband zijn aangegaan. De Leidse universiteit zegde de samenwerking vorig jaar op omdat die ‘niet meer past bij de China-strategie’.

In vijftien jaar tijd zijn er meer dan vijfhonderd Confucius Instituten in 134 landen geopend. Ze zouden een brug vormen tussen buitenlandse en Chinese samenlevingen: ze geven cursussen in taal en cultuur, sturen lesmaterialen naar middelbare scholieren, zoeken samenwerking met het bedrijfsleven en ze leveren geld. China wordt in economisch opzicht immers belangrijker en dan is het handig dat Chinese kennis aanwezig is. Onderwijs is daarin een cruciaal element.

Maar de kritiek op de instituten neemt toe. De Belgische krant De Morgen onthulde eind oktober dat Xinning Song, de Chinese directeur van het Confucius Instituut van de Vrije Universiteit Brussel (VUB), werd verdacht van spionage. Song mocht het land niet meer in.

China is in vijf jaar tijd nogal veranderd

“De samenwerking liep niet zoals die hoorde”, reageert Caroline Pauwels, rector van de VUB. De voornaamste reden om te stoppen: China is in vijf jaar tijd nogal veranderd. Pauwels: “In 2015 paste de samenwerking nog goed binnen ons internationaliseringsbeleid. Er waren genoeg signalen dat het land opener werd en bereid was samen te werken op het gebied van studentuitwisseling en onderzoek.”

Pauwels ziet dat China repressiever is geworden, centraler wordt aangestuurd. Zij wijst op propaganda. “Naast taal en cultuur, richtte het Confucius Instituut zich ook op de relatie tussen China en de EU. Het organiseerde daarover conferenties waar de lobby voor het Chinese standpunt wel erg krachtig was.”

De Morgen schrijft dat tijdens deze bijeenkomsten zelfs mensen werden gerekruteerd voor de Chinese inlichtingendienst. Dat weet Pauwels niet. “Wij hebben de mensen die vanuit China gestuurd zijn nooit gescreend. We leven in een vrij land en het is niet de taak van universiteiten om mensen te controleren. Dat willen we niet doen.”

Dat is ook het standpunt van minister Ingrid van Engelshoven (onderwijs). Omdat de Chinese medewerkers van de Confucius Instituten in Nederland geen vertrouwensfunctie hebben, worden ze niet gescreend, schrijft Van Engelshoven in antwoord op Kamervragen. Maar garanderen dat deze medewerkers geen inlichtingen delen met de Chinese overheid, kan Van Engelshoven niet. “Het valt niet uit te sluiten. De Chinese wetgeving schrijft voor dat alle Chinese burgers en organisaties mee moeten werken met inlichtingendiensten als hen dat wordt gevraagd.”

‘Het instituut doet waardevol werk en is daar succesvol in’

Moeten Zuyd Hogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen stoppen met de samenwerking? CDA-Kamerlid Harry van der Molen vindt van wel, maar Van Engelshoven gaat niet zo ver. Ze schrijft dat de onderwijsinstellingen zich bewust moeten zijn van de risico’s. Een woordvoerder van de RuG zegt dat de samenwerking goed bevalt. “Het Groningse Confucius Instituut doet waardevol werk en is daar succesvol in, afgaande op tevreden cursisten. Vooralsnog is er voor ons dus geen reden om te stoppen met deze samenwerking.”

Ook een woordvoerder van Zuyd Hogeschool benadrukt dat er naar tevredenheid wordt samengewerkt. Als het contract afloopt evalueert de Hogeschool of de samenwerking wordt voortgezet. “Wij blijven de ontwikkelingen rond de Confucius Instituten volgen.” De woordvoerder benadrukt: “Ze functioneren los van elkaar en lokaal.”

Pauwels: “Of ze stoppen moeten ze zelf bepalen. Als er wederzijds vertrouwen is en de checks en balances goed zijn, kun je verder werken. En we moeten ons hoeden voor een propaganda-oorlog tegen China.”

De verantwoordelijkheid voor de Confucius Instituten wordt dus neergelegd bij de instellingen zelf. Ook Van Engelshoven trekt haar handen er vanaf. “Aan het bestaan van Confucius Instituten in Nederland liggen afspraken over en weer ten grondslag, die in de besprekingen met de betrokken universiteiten en hogeschool tot stand zijn gekomen. De rijksoverheid speelt hier geen rol in”, schrijft ze in een Kamerbrief.

Het zijn opvallende uitspraken, zeker als je die vergelijkt met de opgetogen stemming van veertien jaar geleden toen de Confucius Instituten nog werden gezien als een waardevolle verrijking van het Nederlandse onderwijs. Het ministerie van buitenlandse zaken vroeg zich in 2006 in een e-mail (in handen van deze krant) nog af hoe de overheid kon worden betrokken bij de oprichting van een Confucius Instituut in Den Haag.

Beeld Studio Vonq

De Nederlandse ambassadeur in China wordt in 2010 uitgenodigd voor de ondertekening van de overeenkomst tussen de Groningse universiteit en de Hanban, het hoofdkantoor van alle Confucius-instituten in China. De Hanban wordt gefinancierd door de Chinese staat. De Nederlandse ambassade in China in een e-mail: “Er wordt vertrouwen gesteld in de kwaliteit en ambities.”

De ambassade wijst in de mail speciaal op de structuur van het Confucius Instituut: de top bestaat altijd uit Nederlandse en Chinese afgevaardigden en dat geeft de ambassade vertrouwen. In Groningen is zelfs de burgemeester voorzitter van het bestuur.

De jubelstemming van 2010 past in de ambities van de RuG in China. De universiteit omarmde niet alleen het Confucius Instituut, ook trof toenmalig bestuursvoorzitter Sibrand Poppema voorbereidingen een campus op te richten in China. Dat mislukte.

De burgemeester zou onafhankelijkheid waarborgen

Het feit dat zelfs de burgemeester betrokken is bij het stichtingsbestuur van de Confucius Instituten, tekent de verregaande ambities. Toenmalig burgemeester Peter den Oudsten schrijft in een collegebrief: “de betrokkenheid van de burgemeester wordt in China beschouwd als een teken van belang. Het opent deuren voor ondernemers tot op een bestuurlijk niveau”. Want naast het verspreiden van kennis en cultuur, moet het Groningse Confucius Instituut bijdragen aan ondernemerschap over en weer.

Ook zou de burgemeester een waarborg vormen voor een onafhankelijke koers. Den Oudsten in zijn brief: “De rol van de burgemeester als bestuurslid maakt het mogelijk rechtstreeks in te grijpen bij signalen dat deze rechten en vrijheden via het Confucius Instituut direct of indirect op Nederlands grondgebied zouden worden bedreigd of genegeerd.”

Critici betwijfelen of de burgemeester daadwerkelijk zoveel invloed heeft, al is het alleen maar omdat het bestuur slechts twee tot drie keer per jaar bijeenkomt en de hoofdlijnen uitzet. Ze vragen zich af: onder welke voorwaarden opereren de Chinese afgevaardigden in Nederland en wat is hun invloed op het Nederlandse onderwijs?

Neem de schandalen van de afgelopen jaren. Xu Lin, directeur van hoofdkantoor Hanban, verzocht haar personeel in 2014 om pagina’s die verwezen naar Taiwanese academische instituten te verwijderen. De politieke status van Taiwan ligt immers gevoelig in China. Ook zou Xu Lin zich verregaand hebben bemoeid met het Confucius Instituut in Chigago. De universiteit daar zegde in 2014 al de samenwerking op.

De contracten zijn in principe geheim

Nog een opvallend detail: de contracten tussen de Hanban en universiteiten zijn in principe geheim, hoewel de overeenkomst met de Zuyd Hogeschool na vragen van Kamerleden wel openbaar is gemaakt. Daarin staat in vage bewoordingen dat de hogeschool zich dient te houden aan de kaders van het Confucius-hoofdkantoor in China. Het instituut kan projectvoorstellen indienen waarna het hoofdkantoor in China een subsidie kan toekennen.

“Het Confucius Instituut heeft geen enkele invloed op het samenstellen van het onderwijs binnen Zuyd”, zegt een woordvoerder. “Binnen zijn eigen dienstenaanbod is het Confucius Instituut vrij om aan de vraag uit de markt te voldoen.” In Maastricht is er veel behoefte aan het leren van de Chinese taal. “Ook neemt in de regio de belangstelling voor thee toe. Er worden meer workshops aangeboden in Chinese theeceremonies.”

Via universiteiten en hogescholen dringen de Confucius Instituten nog veel verder door in het Nederlandse onderwijs. Elf middelbare scholen in Nederland hebben een zogenoemde Confucius Classroom. Middelbare scholen kunnen die aanvragen en krijgen subsidie van het Confucius Instituut om de Chinese taal en cultuur te bevorderen.

Shichun Lin van het Lorentz Lyceum noemt de samenwerking fantastisch. Zij is de aanjager van de Chinese les op de middelbare school in Arnhem. Het is een zeer waardevolle toevoeging, meent de Chinese lerares, omdat de samenwerking zoveel meer behelst dan het overhandigen van een bak met geld.

Zo komen de leerlingen van de Arnhemse middelbare school dankzij het Confucius Instituut al vroeg in aanraking met de Chinese cultuur, benadrukt Shichun. Het instituut organiseert een Chinees nieuwjaarsfeest, er zijn workshops voor het bereiden van Chinees eten, er zijn kalligrafeerlessen en theeceremonies. Het resultaat van de kalligrafeerlessen hangt in het klaslokaal. Op rode en groene papieren zijn zorgvuldig Chinese tekens gekalligrafeerd. “Kalligraferen is belangrijk in China. Het test je uithoudingsvermogen en je balans. Het zegt iets over je mentaliteit.”

‘De commotie wordt enorm uitvergroot’

Shichun vindt dat de commotie rond de Confucius Instituten “enorm wordt uitvergroot”. Het Lorentz Lyceum krijgt 10.000 dollar per jaar van het Confucius Instituut in Groningen. Daarmee financiert het cursussen en een deel van de China-reis voor leerlingen uit de bovenbouw. “De ouders betalen enkel het ticket en eventuele vaccinaties. Het verblijf, het eten en het programma worden gefinancierd en georganiseerd door het Confucius Instituut.”

Naast de angst voor spionage is er vrees dat de instituten sommige passages uit de Chinese geschiedenis verzwijgen. Lerares Shichun Lin herkent dat niet. Behandelt ze de Chinese geschiedenis in haar lessen? “De kinderen komen zelf met vragen, zoals over de protesten in Hongkong. Dat interesseert ze heel erg.”

Wat zegt ze dan? “Ik vind het een lastig onderwerp. De Nederlandse media maken het soms groter dan het is. Dus ik ga er niet te diep op in.” Shichun beaamt dat Chinezen de donkere kanten van de geschiedenis niet graag ter sprake brengen. Het heeft te maken met de Chinese cultuur, met schaamte, denkt ze. De vuile was hangen ze niet graag buiten. “Een Chinees wil geen gezichtsverlies lijden. We zeggen niet snel: we zitten fout.”

Het stoort de Chinese lerares dat (Nederlandse) politici zo de nadruk leggen op de negatieve aspecten. “Het is zo’n groot land, het is zo divers, er wonen 56 etnische groepen die goed samenleven. We zijn er zo ontzettend op vooruitgegaan.” Daar is Shichun trots op.

Pauwels van de VUB ziet ook een meerwaarde in de samenwerking met China, alleen al omdat Chinese studenten massaal voor haar universiteit kiezen. Maar ze wil af van de afhankelijkheidsrelatie van het regime. “Wij hebben een traditie van vrij onderzoek. We blijven samenwerken met Chinese onderzoekers en universiteiten, maar we willen niet meer dat het Chinese regime daar tussen gaat zitten. Het is ook een signaal dat we afgeven: vrij onderzoek betekent ook dat je oog hebt voor de mensenrechten.”

Shichun denkt dat de intenties van de Confucius Instituten niet goed worden begrepen. Er is geen verborgen agenda, zegt ze. “Onderwijs is voor China ontzettend belangrijk. Daar wil het land graag in investeren: laat mensen de taal leren, dan komen ze naar China is de gedachte. Nu komen ze nog vooral om te reizen. Als je mensen van buiten China opleidt, investeer je op de lange termijn. Daar heeft het land alleen maar baat bij.”

Lees ook: 

België houdt grens dicht voor directeur Confucius-instituut

De Chinese directeur van het Brusselse Confucius-instituut mag het land niet meer in. Het instituut is verbonden aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) en Nederlandse universiteiten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden