null Beeld
Beeld

ColumnStevo Akkerman

Door de fixatie op cijfertjes zit het Nederlandse onderwijssysteem muurvast

Maandag beginnen de examens in het middelbaar onderwijs en uit solidariteit met de scholieren heb ik mezelf even onderworpen aan een eerder examen, namelijk vwo Nederlands 2019. Ik wilde wel eens weten hoe erg het was; je hoort al heel lang dat deze toets vooral erg effectief is in het bevorderen van de leeshaat en het ondergraven van alle tekstbegrip. D66-Kamerlid Paul van Meenen, die vorige maand nog een motie aangenomen kreeg om het examen met spoed te herzien, sprak zaterdag op de radio nog van een ‘zaaddodende’ exercitie, wat de zaak zeker op scherp stelde.

In het examen uit 2019 was een uitgebreid fragment opgenomen uit een interview dat ik eens had met Jos de Blok, de oprichter van Buurtzorg. Hij hekelde daarin de dominantie van het management-denken: “Mensen die ver afstaan van de dagelijkse praktijk bedenken oplossingen, altijd uitgedrukt in geld, die losstaan van de werkelijke problemen.” De opdracht aan de leerlingen was dit fragment naast een andere tekst te leggen, een column van econoom Dirk Bezemer. En dan uit het relaas van De Bok de zin te citeren die het best aansloot bij de hoofdgedachte van Bezemer. Ik vond verschillende zinnen die in aanmerking kwamen, aarzelde even, en pikte er een uit. Greep ik ernaast? Zo erg was het niet, maar mijn keuze bleek te vallen in de categorie ‘ook goed’, toch een beetje teleurstellend.

Leerlingen ontwikkelen vanzelf een pesthekel aan wat ten onrechte ‘lezen’ wordt genoemd

Laat ik eerlijk zijn: ik vond deze opgave niet per se verkeerd. Maar het gaat de critici van dit examen ook niet om deze of gene afzonderlijke opdracht. Wat hen frustreert is dat het hele taalonderwijs in de mal van het begrijpend lezen is gegoten. Zodat, ik lieg niet, leerlingen van vmbo-2 het geschreven woord leren te ontleden in ‘tekstsoorten’ met ‘tekstdoelen’, en zo vanzelf een pesthekel ontwikkelen aan wat ten onrechte ‘lezen’ wordt genoemd.

De resultaten zijn bekend: literatuur verdwijnt uit de lessen, de leesvaardigheid neemt op dramatische wijze af, internationaal gezien zitten we in de degradatiezone.

Het echte lezen – dat draait om wat de tekst met je doet, hoe die je raakt, ergert, ontroert, verveelt, bedrukt, aanvuurt, overtuigt of tegenstaat – heeft natuurlijk een onpraktisch trekje: het laat zich lastig toetsen. Dat kan eigenlijk alleen in een gesprek tussen docent en leerling, en vraagt om een beoordeling die niet vast komt te zitten tussen de 7,2 en 7,4.

Het misverstand dat we door meten greep op de werkelijkheid krijgen

“Het Nederlandse onderwijssysteem zit vast”, zegt de docente die ik regelmatig tref aan de ontbijttafel. “We durven de cijfers niet los te laten. Het kan zomaar gebeuren dat ik een werkstuk of dossier een 8 waard vind, maar dat de beoordelingsregels me dwingen tot een 6. Ik zou feedback willen geven in plaats van een cijfer.” Ik herken de onvrede die ik voelde toen ik, in een vorig leven, beoordelingsgesprekken moest voeren en gedwongen werd collega’s rapportcijfers te geven. Allemaal gekkigheid, die onze hele samenleving beheerst en die voortkomt uit het misverstand dat we greep op de werkelijkheid krijgen – en dus op mensen – als we gaan meten.

En niet alleen meten, maar vooral ook rangschikken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden