null Beeld
Beeld

ColumnOnderwijs

Door Artikel 23 groeien kinderen op in de echokamer van het eigen geloof

Erik Ex

‘Een verzinsel uit de Bijbel.” Voor ik er erg in had, had ik het gezegd. Eén van mijn leerlingen stak meteen zijn vinger op: hij vond het niet bepaald respectvol tegenover de christenen in de klas. Ik moest hen toch in hun waarde laten en kon koning David (want daar ging deze opmerking over) niet zomaar een verzinsel noemen.

Tja. Natuurlijk is het belangrijk respectvol met elkaars zienswijzen om te gaan. Maar, ik bedoelde iets anders: het verhaal van David en Goliath is niet historisch. En in mijn klas kijken we kritisch naar de oude bronnen, zo scheiden we feiten van fictie en interpretatie.

Mijn leerling was niet direct overtuigd, maar dat hoeft ook niet. Hij is pas veertien en krijgt tijd om te leren. Uiteindelijk moet hij de feiten leren kennen en de historische methode. Daarnaast kan hij nog prima zijn eigen overtuigingen hebben, die zijn immers privé. En op zich had hij nog best een punt dat ik kort door bocht ging met mijn opmerking, daar had ik best beter over na kunnen denken.

Bidden op school

Toch werd ik wat ongemakkelijk toen ik zaterdag in de Volkskrant een foto zag van het Cornelius Haga Lyceum in Amsterdam. Op de foto zien we een stuk of dertig leerlingen met elkaar bidden midden in de school. Als religie zo’n centrale plaats krijgt in de school is het niet meer een privézaak, maar een onderdeel van de schoolcultuur.

Door de nieuwe wet ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ kunnen er gemakkelijker scholen worden opgericht. Maar liefst een kwart van de nieuw aangevraagde scholen heeft een islamitische grondslag. Eén van de scholen geeft aan dat jongens en meisjes apart les zullen krijgen en dat er geen seksuele voorlichting zal worden gegeven. Op het orthodox-joodse Cheider in Amsterdam gebeurt dat trouwens al. En vorig jaar nog kwam een aantal gereformeerde scholen in opspraak omdat ze een homoseksuele levensstijl afwezen.

De islamitische scholen claimen nu dus ook een plek binnen het stelsel en staan daarmee volledig in hun recht door artikel 23, de vrijheid van onderwijs. De oprichters benadrukken dat ze geen extreem gedachtegoed aanhangen of met hun rug naar de maatschappij staan. Dat wil ik best geloven, hoewel jongens en meisjes gescheiden lesgeven me al veel te ver gaat, maar dat is uiteindelijk het punt niet.

Eigen overtuigingen bevragen

Het is namelijk niet te verwachten dat op de scholen niet-moslims zullen komen. Net zoals op de reformatorische scholen en de orthodox-joodse school nauwelijks leerlingen zitten van buiten de eigen kring. Terwijl school een plek zou moeten zijn waar kinderen ook een ander soort kinderen tegenkomen, om zo wat van de wereld te leren en via de schoolvakken hun eigen overtuigingen kritisch te leren bevragen.

Artikel 23 is een stinkend reliek uit de verzuiling dat ervoor zorgt dat er een nieuwe groep kinderen opgroeit in de echokamer van het eigen geloof. Maar met de huidige samenstelling van de formatietafel verwacht ik niet dat daar ook maar iets aan gaat veranderen.

Erik Ex (1987) is leraar geschiedenis op het Cygnus Gymnasium in Amsterdam en de lerarenopleiding van de Universiteit Utrecht. Hij schrijft elke twee weken een column. Lees zijn eerdere bijdragen hier terug.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden