Laurens Stoop volgt thuis onderwijs. Links op de foto zijn vader Ruud, die ook thuiswerkt.

Digitalisering

‘De coronacrisis gaat echt goede dingen opleveren voor het onderwijs’

Laurens Stoop volgt thuis onderwijs. Links op de foto zijn vader Ruud, die ook thuiswerkt.Beeld Maikel Samuels

De onderwijswereld staat op zijn kop. Scholen moeten in sneltreinvaart digitaliseren en innoveren om lessen op afstand aan te bieden. Hoe gaan ze daarmee om?

Normaal gesproken fietst Laurens Stoop (15) iedere dag een half uur naar school, van het Brabantse dorpje Standdaarbuiten naar het Markland College in Oudenbosch. Dat dat nu niet meer hoeft, is ‘op zich wel chill’, zegt hij. Net als alle andere scholieren zit Laurens sinds vorige week maandag thuis, op zijn kamer achter de tablet. Zijn lessen volgt hij nu via Microsoft Teams.

“Dat gaat best prima”, zegt Laurens opgewekt aan de telefoon. Zijn moeder werkt in de zorg in het zwaar getroffen Brabant en heeft liever zo min mogelijk bezoek over de vloer. Laurens staat ’s ochtends om acht uur op en volgt thuis zijn normale ochtendroutine van ontbijten en douchen, totdat de schooldag begint. Dat gebeurt tegenwoordig niet meer in de klas, maar in zijn kamer, via de tablet.

Zijn school laat alle lessen volgens het normale rooster doorgaan, zegt Laurens, die in 4 vwo zit. Alleen is het klaslokaal nu vervangen door een groepschat en videobellen. “We gebruiken Microsoft Teams voor alles”, zegt hij. Hoe een les eruitziet, verschilt per docent. “Sommigen sturen alleen het huiswerk door in de chat, anderen laten de hele les de camera aan en leggen uit wat je moet doen. Onze aanwezigheid wordt bijgehouden. Als je er niet bent, wordt het gezien als spijbelen.”

Aanpoten

Voor docenten is het aanpoten om in één klap de overgang naar digitaal onderwijs te maken. Veel middelbare scholen werken inmiddels in online omgevingen, zoals Microsoft Teams, Skype, Google Hangouts, al dan niet aangevuld met (eigen) filmpjes of online lessen van andere bedrijfjes. Zo houden docenten contact met hun leerlingen en kunnen ze virtueel uitleg geven en vragen beantwoorden.

“We hebben in korte tijd een ommezwaai moeten maken”, zegt docent geschiedenis en maatschappijleer Rob Mendes van het Markland College. “Vorige week dinsdag kregen we een spoedcursus over Microsoft Teams, en woensdag ging het al los. Tot 6 april moet voor leerlingen duidelijk zijn wat ze gaan doen, dus dat lestraject hebben we opgezet. Niet alleen op softwaregebied, maar ook met het nadenken over bijvoorbeeld projectonderwijs was het flink aanpoten. Er is keihard gewerkt.”

Zelf hanteert Mendes een mix van chatten en videobellen. Het scheelt enorm dat middelbare scholen al jaren gebruikmaken van digitale leerlingadministratiesystemen, zegt hij, zoals Magister of Somtoday. “Wij zetten alle info, zoals roosters en huiswerk, in Somtoday”, zegt Mendes. “Dat was al zo. Leerlingen zien de opdrachten in Som en kunnen via chat en video vragen stellen aan mij. Ik heb mijn draai eigenlijk wel gevonden. Al sta ik liever voor een echte klas.”

Commerciële onderwijsbedrijfjes benutten de nieuwe markt die door de coronacrisis ontstaat. Digistudies, dat online uitlegvideo’s voor de bovenbouw maakt, kreeg sinds vorige week tientallen nieuwe aanvragen van scholen, zegt eigenaar Micha Proper. “We worden echt overspoeld. Onze filmpjes zijn vooral gemaakt om eindexamenleerlingen te ondersteunen, maar we bedienen ook de bovenbouw van vmbo tot vwo. We maken tientallen video’s per vak, waarbij alle onderwerpen in vijf à tien minuten behandeld worden aan de hand van visuele uitleg. Onze slogan was ‘leren zonder boeken’, maar die kan nu uitgebreid worden met ‘leren zonder leraren’. Al hebben we uiteraard niet de pretentie om leraren te vervangen.”

Hoognodige innovatie

Nu scholen noodgedwongen aan de bak moeten met innovatie en digitale oplossingen, schieten de nieuwe initiatieven als paddenstoelen uit de grond, ziet Proper. “Deze periode levert nieuwe inzichten op voor scholen. Dingen die ze nu bedenken, zullen ze misschien ook na de crisis blijven gebruiken. Het klinkt krom, want dit is een hele vervelende en bizarre situatie, maar het gaat voor het onderwijs echt goeie dingen opleveren, denk ik. Het onderwijs liep zo achter qua technologie. Eigenlijk bizar. Dit kan ervoor zorgen dat daar een ommekeer in komt.”

Een ander bedrijf dat veel voordeel heeft bij bij de coronacrisis is Apprentice XM, dat zo’n 500 scholen bedient. Het online onderwijsplatform maakt online omgevingen waarin scholen kunnen werken aan bijvoorbeeld het profielwerkstuk, het CKV-dossier, het jaarboek voor de eindexamenleerlingen en de schoolkrant.

“Wij werken op basis van de vraag van scholen”, zegt eigenaar Gerben Heinen. “Het is heel druk. Ik merk dat scholen vooral het contact met leerlingen willen behouden. Daarom hebben we een virtueel klaslokaal gemaakt waarop je kunt inloggen en de leerlingen ziet. In het midden zie je het schoolbord met de leerlingen eromheen. Zoals een echt klaslokaal, maar dan via video. Daarin integreren we filmpjes en online lessen, een encyclopedie voor research, en er is een koppeling met het leerlingadministratiesysteem.”

Enorme kans

De onwerkelijke situatie van noodgedwongen afstandsonderwijs creëert ook volgens hem een enorme kans voor scholen om online leren op te pakken. Al maakt hij zich wel zorgen over alle ‘partijtjes’ die nu de markt op komen om een slaatje uit de coronacrisis te slaan. “Er wordt zo snel gewerkt dat niet iedereen zich aan de regelgeving houdt. De AVG-norm wordt soms met een korreltje zout genomen, merk ik. Ik zag laatst een excelsheet met allerlei leerlinggegevens online voorbijkomen. Dat lijkt me toch niet de bedoeling.”

Waar middelbare scholen de omslag naar afstandsonderwijs vrij soepel lijken te maken, zijn basisscholen meer zoekende. Zij zijn het vaak minder gewend om digitaal te werken en hun leerlingen zijn jonger en minder zelfstandig.

Arjanne Hoogerman ziet grote verschillen in aanpak. Ze is als onderwijskundige verbonden aan uitgeverij Malmberg. Waar ze normaal gesproken lesmethodes voor schoolboeken ontwerpt, ondersteunt ze nu basisscholen met het inrichten van hun afstandsonderwijs. Ook zij maakt zich zorgen over het overweldigende aanbod van bedrijfjes en onderwijsclubs, al dan niet tegen betaling.

“Ik werk materiaal voor leerkrachten om naar de thuissituatie. Het is nu heel belangrijk dat leraren in de lead blijven. Er is zoveel gratis aanbod. Alles staat online en ouders kunnen overal bij. Maar leraren weten het best wat een kind nodig heeft en hoe ze iets moeten uitleggen. Juist nu kunnen leraren hun vakmanschap laten zien!”

Leerkrachten op de basisschool adviseert ze vooral om veel contact te houden met hun leerlingen. “Jonge kinderen missen school. Het sociale aspect is heel belangrijk voor ze. Scholen doen hun best met lespakketten, maar er is meer dan dat. Een school is een veilige omgeving. Dat is de basis van onderwijs. Straks kan een kind goed de tafel van vijf, maar heeft het aan deze tijd een enorme klap overgehouden. Ik denk dat onderschat wordt wat dit pedagogisch met kinderen doet.”

In deze periode, die voor veel kinderen angstig en verwarrend is, adviseert ze leraren om weinig nieuwe lesstof aan te bieden en terug te gaan naar de kern: taal, lezen en rekenen. Het is beter om veel te herhalen en creatieve opdrachten te verzinnen, zoals een les over meten en wegen en daarna een cake bakken. “Je kunt niet van ouders verwachten dat ze onze lessen helemaal overnemen. Ik bekijk nu: wat is de essentie van een les, en kunnen we een les van een uur voor ouders vertalen naar een kwartier of twintig minuten? Dat is te doen.”

Daarbij maakt ze meteen de kanttekening dat de ene ouder de andere niet is. Hoogerman maakt zich zorgen over de risico’s op kansenongelijkheid die nu op de loer liggen. Niet ieder kind heeft thuis een laptop of een rustige plek. Of er is in het geheel geen veilige thuisomgeving. Leraren doen er goed aan om minimaal om de dag contact te houden met hun leerlingen, zegt Hoogerman, al is het maar voor een babbeltje of een hart onder de riem.

De poppenhoek is belangrijk

Ouders adviseert ze om in deze tijd niet te streng te zijn, maar wel structuur aan te brengen in de dag. “Ik zou de schooltijden er een beetje in proberen te houden. Laat je kind vooral ’s ochtends werken en laat daarna ruimte voor andere dingen. Op school zit een kleuter ook in de poppenhoek en buiten. Die dingen zijn belangrijk. Lees voor, ga op bezoek in de bouwhoek van je kind. Dat is veel belangrijker dan rijtjes stampen!”

Het thuiswerken op zijn kamer is soms saai, vindt Laurens. Maar het heeft ook voordelen: je kunt smokkelen.

Zo meldt hij zich soms ‘present’ in de chat en gaat daarna iets anders doen. Of hij maakt snel een foto van zichzelf op de fiets voor de gymdocent, maakt een rondje en gaat weer naar huis.

Toch zit hij liever in een klaslokaal met zijn vrienden, zegt Laurens. En met een leraar die hij direct om uitleg kan vragen, als hij een opdracht of som niet begrijpt. “Ik hoop dat de scholen op 6 april weer opengaan”, verzucht hij aan de telefoon in zijn kamer. “Ik ben wat meer introvert en gelukkig zijn mijn hobby’s lezen, gamen en fietsen. Dat kan ik nog steeds doen. En ik ga elke dag een stukje lopen, zodat ik niet helemaal gek word.”

Lees ook:

Uitzonderlijk en ingrijpend: eindexamen van de baan

Het centraal eindexamen is van de baan. Alleen het cijfer van het schoolexamen telt voor het diploma. Heeft dat invloed op de kwaliteit? 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden