Rijksuniversiteit Groningen

Beurspromovendi eisen dezelfde rechten als onderzoekers in dienst

Exterieur van de Rijksuniversiteit Groningen. Beeld anp

Als tweederangs onderzoekers worden ze behandeld, stellen studentpromovendi vandaag in een manifest.

Promotiestudenten aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) eisen dezelfde rechten en hetzelfde salaris als promovendi in dienst. Dat staat in een manifest dat vandaag gepubliceerd wordt. De ondertekenaars willen dat het experiment met promotiestudenten stopt en ze eisen ‘compensatie voor de verrichte arbeid, inclusief vakantiegeld, pensioenopbouw en de dertiende maand’. Het manifest is ondertekend door actiegroep WOinActie, het Promovendi Netwerk Nederland (PNN), de Landelijke Vereniging van Artsen in Dienstverband, vakbonden CNV, FNV, Vawo, studentenorganisaties, promovendi in vaste dienst en promotiestudenten.

De regeling met beurspromovendi is omstreden omdat ze minder verdienen dan de werknemerpromovendus, terwijl de werkzaamheden niet wezenlijk verschillen, is te lezen in het manifest.

Studentpromovendi ontvangen een beurs van 1800 euro netto per maand, maar het salaris stijgt niet conform de cao. Ook hebben ze niet dezelfde rechten als promovendi met een arbeidscontract. Vooral de RUG maakt gebruik van de extra promotieplekken. De universiteit heeft nu 850 beurspromovendi in dienst. Lou de Leij van de RUG weerspreekt de kritiek uit het manifest. Hij zegt dat beide trajecten ‘verschillend zijn wat betreft insteek en rechtspositie’.

Ook beurspromovendi moeten soms onderwijs geven

De Groningse universiteit wil de komende drie jaar nog eens 650 studentpromovendi in dienst nemen is te lezen in een recente memo in handen van deze krant. De Leij wil dat aantal niet bevestigen ‘omdat de memo nog bediscussieerd gaat worden’. Andere universiteiten zijn vooralsnog niet van plan om extra beurspromovendi aan te trekken. Maar de RUG ziet voordelen, want het zou 40 procent aan loonkosten schelen.

Het experiment, in 2016 geïntroduceerd, heeft als voordeel dat promovendi meer vrijheid krijgen bij het opstellen van hun onderzoek. “Maar in praktijk is geen verschil merkbaar, omdat veel promotoren potentiële promotiestudenten een positie aanbieden bij hun eigen onderzoeksproject of ze bepalen in grote mate hun onderzoeksopzet”, aldus het manifest. “Mij is hier niets van bekend”, reageert De Leij die benadrukt dat een promotie onder verschillende omstandigheden tot stand kan komen.

Een ander verschil: beurspromovendi hoeven geen onderwijs te geven. Ook hier is de praktijk anders dan de werkelijkheid. Het manifest: “In sommige gevallen worden zij zelfs gedwongen om les te geven vanwege het groeiend aantal studenten, of een tekort aan medewerkers”. De Leij: “Dat studentpromovendi, tegen hun wil, les moeten geven, is mij niet bekend. Als wij daarvan horen, gaan we er achteraan. Maar alle geruchten die we konden traceren, bleken niet te kloppen.”

‘Levert stress op’

Studentpromovendus Casey Yanos ondertekende het manifest. Ze is verbonden aan de opleiding mariene biologie. “Ik bereid regelmatig lessen voor”, zegt ze. Ook was Yanos, afkomstig uit de VS, van tevoren niet goed geïnformeerd over het feit dat zij als studentpromovendus anders behandeld zou worden dan onderzoekers in dienst. “Het levert stress op.” De Leij betreurt dit en zegt: “Daar moeten we iets aan doen”.

Lucille Mattijssen, voorzitter van het Promovendi Netwerk Nederland, erkent dat met het stopzetten van het experiment en een gelijkblijvend budget minder promovendi aangetrokken kunnen worden. “Maar wij vinden dat het aantal alleen vermeerderd mag worden als het niet ten koste gaat van de kwaliteit van de aanstelling. Anders ontstaat een race to the bottom.”

Bovendien, zegt Mattijssen, heeft de RUG voor het experiment 14 miljoen euro uitgetrokken. Daarmee konden tijdens de eerste ronde van het experiment 850 promotiestudenten aangetrokken worden. “Dat geld had ook gebruikt kunnen worden om werknemerpromovendi aan te trekken. Als universiteiten en de regering het belangrijk vinden een hoogopgeleide beroepsbevolking te hebben, dan zullen zij bereid moeten zijn extra te investeren.”

Fieke Visser, studentpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen Beeld Reyer Boxem

Fieke Visser, studentpromovendus Rijksuniversiteit Groningen

De onderzoeksvrijheid was voor Fieke Visser (27) destijds reden een positie als studentpromovendus te accepteren. In deze krant zij zei bij de start van het experiment in 2016: “Ach, die arbeidsongeschiktheidsverzekering is minder van belang als ik er onderzoeksvrijheid voor terugkrijg”.

Dat voelt Visser, verbonden aan de faculteit Ruimtelijke Wetenschappen van de RUG, nog steeds zo. Andere pogingen die ze deed om een promotieplek te krijgen met haar eigen onderzoek, mislukten. “Met het beurssysteem kunnen meer promovendi worden aangenomen. Dan zijn afdelingen eerder geneigd mensen aan te nemen met een interdisciplinair onderzoeksvoorstel. Ik moet hieraan toevoegen dat ik op mijn afdeling de enige ben die onderzoek doet op de kruising van verschillende vakgebieden. De meeste studentpromovendi dienen een voorstel in dat niet van een werknemerpromovendi te onderscheiden is.” Daar knelt het dan ook, vindt Visser. Want een studentpromovendus doet in grote lijnen hetzelfde als onderzoekers in dienst, vindt ze. Neem het geven van onderwijs. Dat is voor studentpromovendi niet verplicht. “Intussen weet elke beurspromovendus dat om kans te maken op een vervolgcontract aan de universiteit onderwijsvaardigheden een must zijn.”

In andere landen is dit beurssysteem heel gewoon, brengt de universiteit tegen alle klachten in. Volgens Visser klopt dat niet. “Studentpromovendi in andere landen worden daadwerkelijk als studenten behandeld. Vakken worden intensief gevolgd en de verwachtingen zijn lager: het is eerder een soort ‘master plus’.” De universiteit heeft als het aan Visser ligt twee opties: de verwachtingen voor beurspromovendi naar beneden bijstellen of studentpromovendi behandelen als werknemers door ze gelijke beloning voor gelijk werk te bieden.

Lees ook: 

De RUG spreekt van een groot succes, maar de onvrede over beurspromovendi neemt alleen maar toe

Morrend verlengt de minister van onderwijs het experiment met studentpromovendi. Kamerleden en wetenschappers zijn ontstemd omdat de arbeidsrechtspositie van de onderzoekers wordt ondermijnd. Maar de Rijksuniversiteit Groningen spreekt van een groot succes. Waarom ligt dit zo gevoelig?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden