Zwolle wordt groot van Supercup

ZWOLLE - Eén beker, twee totaal verschillende werelden. Terwijl het in ontvangst nemen van de Supercup bij de volleybalsters van VVC ongeveer evenveel emotie opriep als het drinken van een kopje koffie, gingen hun mannelijke collega's van Zwolle een paar uur later royaal uit hun dak. In een enerverende vijfsetter hield de bekerwinnaar kampioen Dynamo er onder.

“Appie Krijnsen (trainer van VVC - red) wint al een aantal jaren achtereen prijzen, de gewonnen bekerfinale was voor ons het resultaat van zeven jaar keihard werken”, verklaart Zwolle-coach Gert Timmer het verschil. “Daar hebben we dan na een intensieve voorbereidingsperiode van zeven weken een tweede hoogtepunt aan toegevoegd.” Kortom, de Supercup was echt een doel op zich voor de Overijsselse underdog, die daarvoor zelfs de pas begonnen competitie ondergeschikt maakte. Dynamo probeerde zaterdag dat te doen waartoe het krachtens zijn stand verplicht was. Maar de scherpte ontbrak bij bepalende spelers als Nummerdor (ofschoon die met zijn sprongserve nog heel wat punten binnenhaalde), Broere en Van Es. Daardoor werden vooral in de eerste twee sets meer fouten gemaakt dan normaal is voor een selectie die zeven (potentiële) internationals telt.

In het derde bedrijf kwamen de Apeldoorners sterk terug. Trainer Groenhuijzen zette de van Capelle aangetrokken superblokkeerder Luc de Nijs in voor Van Kuyk, en dat leverde prompt een hoop punten en side-outs op. De vierde set liet Zwolle lopen, waarna Dynamo in de beslissende vijfde periode grossierde in fouten. Een sprongserve van Broere die de netband raakte, liet de balans doorslaan in het voordeel van de thuisclub. Broere was er minutenlang kapot van, Dynamo, ook dit seizoen favoriet nummer één voor de landstitel, had tóch graag willen winnen.

Zwolle groeide het afgelopen seizoen aardig boven zichzelf uit. Het winnen van de beker en het bereiken van de play-offs was eigenlijk meer dan waarop Timmer had gerekend. Hij wil die lijn graag doortrekken, maar werd aan de vooravond van de huidige competitie geconfronteerd met een wisseling van de wacht op sponsorgebied. De nieuwe geldschieter, die zich pas in een laat stadium aandiende, maakte een 'doorstart' mogelijk, maar trok de beurs minder ver open dan zijn voorganger. De Oost-Europeanen Gatalenko, Artamonov en Grigorenko werden om budgettaire redenen ingeruild voor drie Friezen. Van hen vertegenwoordigt oud-international Ronald Zoodsma de grootste reputatie en waarde. Ook twee bankzitters van Dynamo proberen in Zwolle een nieuw leven op te bouwen. “Ik moest het zoeken in talentvolle Nederlandse jongens en een enkele routinier,” zegt Timmer. “Ik heb bewust voor een mix van oud en jong, van ervaring en gretigheid, gekozen. Mijn lijstje met wensen is voor tachtig procent vervuld.”

Speltechnisch gesproken heeft Timmer dat percentage nog niet bereikt. De balans in de ploeg is nog zoek. In één wedstrijd kan het team lichtvoetig over hoge toppen dansen, maar zich ook voortslepen door de smurrie in het dal. Het rendementsdenken moet in de optiek van de coach nog veel hoger. Zoodsma, zijn verlengstuk in het veld, is mede om die reden gecontracteerd. De 31-jarige Fries is één van de lange mannen die zijn talent in de nationale ploeg exploiteerde en vervolgens in het buitenland verzilverde. Zijn laatste club was Moers, waar hij, Blangé en Grabert de droom van de almachtige voorzitter - kampioen worden - niet kon verwezenlijken. Hij mocht blijven: tegen een laag salaris én de verplichting zich in Duitsland te vestigen. Daar had hij geen trek in. De tropenjaren zijn voorbij; Zoodsma kiest voor meer rust en een hogere kwaliteit van het privéleven. “Mede daarom heb ik voor Zwolle gekozen. De samenstelling van het team en de ambiance in de zaal waren andere redenen, waarom ik het hier wel zie zitten.”

Aan de gouden successen van de nationale ploeg heeft Zoodsma slechts mogen ruiken. Op een aantal grote toernooien was hij van onschatbare waarde, op enkele andere was er voor hem nog minder dan een bijrol weggelegd, zoals op de Olympische Spelen van Barcelona. Joop Alberda, in 1993 de opvolger van Arie Selinger als bondscoach, haalde hem wel weer terug, maar dankte hem in '95 af toen Ron Zwerver kort voor het EK liet weten niet onder Alberda en drie Friese spelers (Van der Meulen, Posthuma en Zoodsma) te willen werken. Posthuma hield de eer aan zichzelf, Van der Meulen liet zich niet wegdrukken en stal en passant de show op de bewuste Europese titelstrijd. De nieuwe bondscoach Toon Gerbrands luidde Zoodsma's afscheid in door hem in het kader van de verjonging niet meer uit te nodigen voor de selectie. “De laatste jaren was volleybal voor mij vooral werk. Hier tref ik ook een stukje plezier aan. Achter de ploeg staat een hartwerkende organisatie van vrijwilligers, voor wie zo'n wedstrijd om de Supercup tot de gouden momenten behoort.”

In de Nederlandse competitie begint het vrijblijvende karakter evenwel ook te verdwijnen. In de eredivisie is het aantal trainingsuren en -dagen fors opgeschroeft. De Supercup mag dan een op zichzelf staand evenement zijn, voor Timmer is het vooral een onderdeel van een lang groeiproces. “Ons volgende doel is het bereiken van de Cup Winners League. Capelle is daar vorig seizoen sterk uit teruggekeerd. Dit was ook een wedstrijd waar je alleen maar beter van wordt; naast de investeringen die je sowieso al doet in de vorm van hard werken, krachttraining en teamtraining.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden