Zwembond klaagt terecht, maar moet ook in spiegel kijken

Schaatsen en zwemmen zijn olympische goudaders voor Nederland. Als aan water gerelateerde sporten liggen zij vergelijkbaar diepgeworteld in de Nederlandse cultuur. Maar zij die bij de beoefening zijn betrokken, voelen dat niet in gelijke mate.

Rob Velthuis

Mogelijk was dat decennia geleden anders, toen televisie nog geen alles overheersende rol speelde in de sport. Maar binnen het zwemmen leeft al jaren de overtuiging dat daar nauwelijks waardering is voor topprestaties. Jaloers wordt gekeken naar de overweldigende belangstelling voor schaatsen.

Niet voor het eerst werd die frustratie afgelopen weekeinde hardop uitgesproken. Bondscoach Jacco Verhaeren dreigde al eens met een boycot van de NOS, omdat zwemmen nauwelijks op televisie was te zien.

Vrijdag werd zelfs even gesuggereerd dat de zwemploeg het Sportgala van de NOS zou mijden. Men vond het geen pas geven dat een stroom zwemmedailles tijdens de EK kortebaan in enkele flitsen werd samengevat, terwijl de Wereldbeker schaatsen van de eerste tot en met de laatste rit rechtstreeks op de buis kwam.

Zondagmiddag was er overvloed aan zendtijd, voor het finaleprogramma van de EK werd anderhalf uur rechtstreeks uitgetrokken. Net zoveel als alle dweilpauzes van een avondje Wereldbeker die eindeloos worden opgevuld met gesprekjes en analyses.

Nederlandse kijkcijfers houden in een een-tweetje met Nederlandse bordreclame het Wereldbekercircuit overeind en maken schaatsers rijk. Relatief anonieme, arme zwemmers streden bij de EK om échte titels en trokken niet veel minder kijkers.

Toch heeft zwemmen een probleem: het is niet televisiegeniek. Zeker nu op de kortebaan tien deelnemers tegelijkertijd te water worden gelaten, kan niemand de op en neer dobberende en heen en weer schietende badmutsen uit elkaar houden.

Het Nederlandse zwemmen heeft nog een extra handicap: een decennialang verwaarloosd pr-beleid. Journalisten worden tijdens zwemtoernooien als hinderlijk ervaren. Bovendien zwom de grootste publiekstrekker, Pieter van den Hoogenband, in zijn laatste jaren amper wedstrijden.

Voor verslaggevers is zwemmen ondankbaar. In de vergelijkbare atletiek (met ook series, halve finales en finales) zijn sporters na prestaties altijd bereid de pers uitgebreid te woord te staan. De KNZB heeft een bodyguard in dienst om zwemmers daar zo snel mogelijk weg te trekken.

Tijdens de WK in Rome leidde dat afgelopen zomer tot vreemde situaties. Als tweevoudige Duits wereldkampioene Britta Steffen door een Nederlandse verslaggever wordt aangesproken, geeft ze geduldig antwoord. Na het bedankje vraagt ze: „Was dat alles?”

Bij de weinig succesvolle Nederlanders worden snelheden in de mixed zone belangrijker dan die in het bad. Winnares wordt Marleen Veldhuis. Na een zwem- en mediastilte van enkele dagen breekt ze na 57 seconden een gesprek met de schrijvende pers af. Ter vergelijking: hoogspringer Martijn Nuijens voorziet tijdens de WK in Berlijn de pers meer dan een half uur lang van een schat aan informatie. En dan wacht zijn finale nog.

De KNZB klaagt soms terecht over gebrek aan belangstelling, maar een keer in de spiegel kijken kan geen kwaad.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden