ZWARTE MAGIE ROND EEN BLACK BOX

Mannen in witte jassen, geheime foto's, journalisten die worden weggejaagd, hijskranen in de nacht. De omstandigheden waaronder een van de twee zwarte dozen - de voice-recorder - na de Bijlmerramp compleet met een staartstuk verdwijnt, zijn verdacht. En er zijn partijen die er belang bij

In de bijna negen maanden die dan zijn verstreken sinds die rampzalige vierde oktober vorig jaar, heeft Wolleswinkel zich door bergen papier moeten worstelen. Op zijn bureau verschenen niet alleen rapporten van zijn eigen onderzoeksteams, maar ook de bijdragen van vliegtuigfabrikant Boeing, El Al en de Israelische en Amerikaanse RLD's. Alleen al de uitgetikte versie van de vluchtgegevens uit de zwarte doos van het toestel, de flight data-recorder, vormt een boekwerk van ruim 500 pagina's.

Ondanks die overvloed aan informatie over de ramp, betreurt Wolleswinkel het dat hij een bron niet heeft kunnen raadplegen: de tweede zwarte doos, de cockpit voice-recorder. Deze bandrecorder, die alle geluiden in de cockpit registreert, is nog altijd zoek. Het leegpompen van meertjes, doorzoeken van een gigantische vuilnisbelt, oproepen uitzenden via radio en televisie en zelfs het uitloven van een beloning, het heeft allemaal niet mogen baten. De band met de laatste gesprekken van de bemanning was en bleef zoek.

In januari gaf Wolleswinkel de hoop tenslotte op dat hij het ding ooit nog zou zien. De zwarte doos moet zijn meegenomen door een souvenirjager die er kennelijk beslist geen afstand van wil doen, zo luidt nu de officiele verklaring van het raadsel rond de verdwenen black box.

Niet iedereen gelooft echter in de souvenirjager. Omwonenden van de rampplek en andere getuigen bij voorbeeld, hebben zo hun twijfels. Twijfels die ook hevig leven bij onder meer een technisch deskundige van de KLM. Die slaat begin oktober met toenemende verbazing gade hoe aanvankelijk de beide zwarte dozen spoorloos zijn, en hoe de data-recorder drie dagen na de ramp op Schiphol opduikt in een bak met brokstukken van het toestel. “De zwarte dozen”, aldus deze KLM-er, “zijn bij een ramp het eerste dat je zoekt, en zeker bij zo'n ongeluk op de grond moet je ze snel kunnen vinden.”

Helemaal achterdochtig wordt de KLM-er als vervolgens vijvers rond de rampflat worden leeggepompt om te kijken of de nog ontbrekende voice-recorder daar op de bodem ligt. “Een black box reageert op water. Zodra hij met water in contact komt, gaat hij een radiosignaal uitzenden, zodat het ding ook in zee gevonden kan worden. Je hoeft er maar een natte vinger op te leggen en het ding begint te piepen! Als die recorder in een vijver was gevallen, hadden ze hem via de radio al lang gevonden. Dat leegpompen van die vijvers is onzin geweest, en dat wisten ze.”

Verscheidene omwonenden denken ook dat de RLD geweten moet hebben dat het zoeken in de vijvers onzin was, maar dan om een heel andere reden. Zij hebben gezien wat er zich op de ochtend na de ramp in alle vroegte op de plek des onheils heeft afgespeeld. Daar zijn niet veel getuigen van, iets waar de RLD in samenwerking met de politie zelf goed voor heeft gezorgd.

Als op zondagavond om vijf over half zeven de jumbo de flat Groeneveen doorboort, duurt het niet lang of er zijn tientallen fotografen en tv-cameralieden ter plekke. Zij mogen er hun werk doen, ook als na een half uur de politie het rampgebied verder hermetisch afsluit.

Aan die vrijheid van handelen van de pers komt echter rond vier uur 's nachts ruw een einde. Iedereen moet zich ver van de rampplaats verwijderen, gaat het niet goedschiks, dan maar kwaadschiks. Ook de belendende flatgebouwen met uitzicht op de ravage worden tot verboden gebied verklaard. Trouw-fotograaf Klaas-Jan van der Weij heeft, in afwachting van de dageraad, tot half zes met een politie-inspecteur in een werkkeet zitten praten. Als hij even naar buiten stapt ziet hij hoe agenten bijna in paniek raken door zijn aanwezigheid. Ook hij wordt van het terrein verjaagd.

Een fotograaf heeft het geluk dat vrienden van hem vlakbij wonen in de naastgelegen flat Kruitberg. Tegen de politieinstructies in wacht hij daar op het aanbreken van de nieuwe dag. Het is nog te donker om te fotograferen als hij tegen zes uur ziet hoe een enorme hijskraan grote stukken begint op te takelen. Wat er precies wordt gehesen is in het duister en over een afstand van honderd tot tweehonderd meter niet te ontwaren.

In Kikkenstein, de flat met verreweg het beste zicht op de onheilsplek, doet Henk Prijt die nacht geen oog dicht. Hij zag de avond ervoor de brandende jumbo rakelings over het dak van zijn eigen flat scheren en vervolgens te pletter slaan op Groeneveen. Rond vijf uur de volgende ochtend ontdekt hij dat er al volop wordt gewerkt op de plek van de ramp. “Een twintigtal mensen in witte pakken doorzochten de resten van de jumbo. Ze liepen voortdurend met brokstukken te sjouwen”, aldus Prijt. Een agent die de wacht houdt vertelt hem dat het Israeli's zijn. “Ze werkten zichtbaar met grote haast en in de loop van de ochtend zijn ze al weer vertrokken.”

Rond een uur of zes 's morgens is ook te horen hoe vrachtwagens in het duister af en aan rijden. Er wordt kennelijk al veel materiaal afgevoerd dat door de buitenwacht, waaronder de pers, niet gezien mag worden. Het moet in die uren van schemering zijn geweest dat de data-recorder in de bak met wrakstukken terecht is gekomen en naar Schiphol is vervoerd. Als dat tenminste is wat er werkelijk is gebeurd.

Enkele kranten en tv-stations hebben aan de RLD gevraagd of zij vroeg in de ochtend bij het eerste licht met een vliegtuigje over de flat mogen vliegen om luchtopnamen te maken. Die verzoeken worden geweigerd. De eerste die foto's vanuit de lucht maakt is rond half negen 's ochtends de rijkspolitie dienst luchtvaart. Die moet onderzoeken of er bij het ongeluk ook strafbare feiten in het geding zijn. De rijkspolitie komt met zijn vliegtuigje echter aan de late kant. In de uren voordat er foto's worden gemaakt, is er zoals gezegd al heel wat op vrachtwagens afgevoerd.

Ooggetuigen die hebben gezien hoe het vliegtuig zich in de flat boorde, vertellen dat niet het hele toestel door de flat is geschoten. Het beton van het flatgebouw heeft het 340 000 kilo zware gevaarte als het ware opgevangen.

Tegen de tijd dat het staartdeel de flatmuur naderde, was de vaart eruit. Een stuk romp plus de staart viel daardoor loodrecht naar beneden en kwam aan de westkant van Groeneveen in het gras voor de flat terecht. Daar heeft een enorme berg verwrongen metaal van zo'n tien meter doorsnee en vijf of zes meter hoog gelegen, aldus ooggetuigen.

Op de luchtfoto's van de rijkspolitie is daarvan al helemaal niets meer te zien. Dat deel van de romp en de staart moeten dus maandagochtend in alle vroegte door de vrachtwagens zijn weggereden.

De beide zwarte dozen zitten bij een Boeing 747 precies op de knik waar de romp overgaat in de staart, het deel van het vliegtuig dat dus aan de westkant van Groeneveen moet zijn gevallen. Een RLD-medewerker geeft later op een van de persconferenties van vooronderzoeker Wolleswinkel toe dat de data-recorder in een bak met vliegtuigdelen zat die inderdaad aan de westkant van de flat zijn geborgen. Volgens ir. Wolleswinkel zelf “zijn er ook herkenbare delen van de staart geborgen, maar niet het deel waar de zwarte dozen in zitten.”

Als Trouw dan een van de politie-luchtfoto's laat zien en er op wijst dat daarop geen staartdelen, laat staan herkenbare delen, aan de westkant van de flat zijn te zien, vragen enkele RLD-medewerkers zich verontrust af hoe de Trouw-journalist aan die foto komt. “Die moet hij gestolen hebben”, hoort een collega-journalist hun zeggen. Kennelijk was het niet de bedoeling dat die foto openbaar zou worden. Voor de goede orde: Trouw heeft de foto gewoon van de rijkspolitie gekocht.

Het enige staartdeel dat nog wel, zij het met moeite, op de luchtfoto's is te herkennen, is het stabilo, zeg maar de kleine vleugel aan het uiteinde van de romp. Als rond half elf de rijkspolitie op de plaats van de ramp verschijnt, worden de agenten daarop gewezen met de mededeling 'in die buurt moet dus de zwarte doos liggen'. Maar het stuk vleugel ligt aan de oostkant van Groeneveen en dus niet op de plek waar het stuk romp met staart is gevallen. De zwarte dozen worden er zoals bekend niet gevonden.

De wel gevonden data-recorder en de spoorloos gebleven stemmenrecorder zitten samen op een soort slee, pal naast elkaar. Dat maakt het onwaarschijnlijk dat ze bij de crash ver uit elkaar zijn gevallen, te meer daar het romp-staartdeel waar de twee zwarte dozen in zaten, min of meer als een geheel op de grond is gevallen. Dat een souvenirjager een van die twee zwarte dozen onder z'n arm heeft kunnen meenemen, is weliswaar niet principieel onmogelijk, maar wel erg onwaarschijnlijk. Binnen twee minuten na de crash ontwikkelt zich op de onheilsplek een vuurzee die het wrak onbenaderbaar maakt, ook de restanten van de staart. En een half uur na de ramp heeft de politie de plek al hermetisch afgesloten voor buitenstaanders, zodat na het blussen van het vuur niemand ongezien met spullen heeft kunnen slepen.

De voice-recorder heeft zeer zeker in het toestel gezeten, daarvan zegt ook de RLD overtuigd te zijn. Bij jumbo's zijn zulke recorders zelfs verplicht. Als het dan geen souvenirjager is geweest die hem heeft meegenomen, maakt het de vraag wie dat wel heeft gedaan uiterst pikant. Als dat de mannen in witte pakken waren, in wiens opdracht deden zij dat dan en waar is de recorder dan gebleven?

Een woordvoerder van de RLD zegt nu: “het verhaal van de mannen met witte jassen absoluut niet te kunnen plaatsen.” “Het zijn in ieder geval geen mensen van de RLD geweest. En de ploeg van El Al kwam pas veel later uit Israel aan, pas in de loop van maandagmiddag.” Ook de zegsman van El Al weet zeker dat het geen medewerkers van zijn luchtvaartmaatschappij kunnen zijn geweest.

“Onze ploeg kwam inderdaad pas op maandagmiddag in Nederland aan.” De witte jassen doen de RLDwoordvoerder vermoeden dat het mensen van het medisch team moeten zijn geweest. “Op zoek naar slachtoffers hebben zij ongetwijfeld wrakstukken moeten verslepen.”

Bij een daad hoort een motief. Als dat motief geen souvenirjacht is geweest, is de volgende vraag dus wie er het meeste baat heeft bij het verdwijnen van de voice-recorder. Bij de Bijlmerramp zijn vooral drie partijen aan te wijzen voor wie grote belangen op het spel staan: eigenaar van het vliegtuig El Al, fabrikant Boeing en de RLD, waaronder toen nog de luchtverkeersbeveiling op Schiphol ressorteerde.

Op de verdwenen band staan alle gesprekken en andere geluiden die in de cockpit waren te horen. Zo moeten onder andere de twee enorme knallen zijn opgenomen waarmee de twee motoren van de vleugel braken. Vervolgens ziet de co-piloot vrijwel zeker dat de verst verwijderde motor niet meer aan de vleugel hangt en meldt dat aan zijn captain. Hoe dan ook krijgen ze in de gaten dat het vliegtuig er heel slecht aan toe is en dat de landing op Schiphol in een catastrofe moet eindigen; het toestel is immers slecht bestuurbaar, veel te zwaar, heeft met een sterke rugwind te kampen en kan door het ontbreken van twee motoren niet meer goed remmen. Misschien ook verbazen ze er zich over dat ze door Schiphol over Amsterdam worden geleid en vloeken ze als ze niet op tijd recht voor de landingsbaan uitkomen en opnieuw een rondje over de Bijlmer moeten maken. Gesprekken over al dat soort zaken lijken niet in het nadeel van Boeing, eerder in tegendeel.

De voice-recorder is overigens niet de enige zwarte doos die vraagtekens oproept. Ook de gang van zaken rond data-recorder is op z'n minst curieus te noemen. Dat hij niet meteen is gevonden maar pas na drie dagen in een bak met wrakstukken van de staart opduikt, is zo ongeveer het toppunt van amateurisme.

Het laat bovendien de mogelijkheid open dat er in die dagen met de black box is geknoeid, door wie dan ook.

De zwarte doos wordt nog dezelfde dag naar Engeland gebracht voor onderzoek, maar daar kan men er niets mee. Bij de National Transport Safety Board in de VS wel. Het Amerikaanse laboratorium kan onder meer gegevens achterhalen van banden die zijn gewist, aldus een zegsman van de NTSB. Maar heeft de NTSB dan de indruk dat er met de band is geknoeid? Dat mag en kan de woordvoerder niet zeggen, “maar u bent niet de eerste die dat vraagt”. Het antwoord op de vraag geeft de NTSB alleen aan de opdrachtgever, in dit geval dus de RLD.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden