Zwarte dag voor Eta's 'duif'

AMSTERDAM - Afgelopen zondag had het moeten gebeuren. Van een afstand van zo'n 250 meter zou Jorge Garcia Sertucha, alias 'El Coquito', de duif, zijn supersnelle precisiegeweer kaliber 7.62 met telescoop en geluiddemper richten op het dek van het koninklijk jacht Fortuna. Daar zou de Spaanse koning Juan Carlos zonder twijfel aan het roer staan om zijn schip de jachthaven Porto Pi, op Palma de Mallorca, uit te manoeuvreren.

PETER VAN DEUTEKOM

De dumdumkogel had het hoofd van de koning doen splijten en daarmee de dood betekend van de populaire Spaanse vorst. Want dat Garcia Sertucha zou missen, leek uitgesloten. De 27-jarige hitman van de Baskische terreurbeweging Eta was speciaal getraind door José Luis Urrusolo, de meest geduchte en bedreven Eta-killer, om zijn doelwit zelfs van een afstand van 1 000 meter te kunnen raken. Die 250 meter vanuit het balkon-raam van het luxe-appartement met vrij zicht op de haven mocht dus geen probleem zijn.

Het scenario leek een beetje op dat van 'De Dag van de Jakhals', het apocriefe boek van Frederic Forsyth over een aanslag op de Franse president Charles de Gaulle, zij het dat in Parijs ten minste één schot afgevuurd werd, dat doel miste. Zover kwam het op Mallorca niet eens. In de nacht van woensdag op donderdag, vorige week, sloegen agenten van de Grupo Especial de Operaciones toe, de Spaanse anti-terreurbrigade, en vatten het driekoppige Eta-commando met een goed gecoördineerde, bliksemsnelle actie in de kraag. Naast Garcia Sertucha waren dat het brein achter de aanslag, Juan José Rego Vidal, en diens zoon Inaki.

Opsteker

Een eclatant succes voor de Spaanse terreurbestrijders, die na de onthullingen over moordlustige praktijken van de door Madrid geïnitieerde en gesubsidieerde anti-Eta-commando's van de Gal, wel een 'onberispelijke' opsteker konden gebruiken. Met een beetje hulp van hun vrienden overigens, in dit geval de Franse collega's.

Die hadden eind vorig jaar de Spaanse politie getipt dat er iets in de lucht hing, nadat Rego Vidal in Cannes in de weer was om een jacht te charteren. En Rego Vidal was bepaald geen onbekende voor de Cesid, de Spaanse inlichtingendienst. De 53-jarige Bask, lid van Eta sinds 1960, stond op de lijst als een van de gevaarlijkste Eta-kaders en was al enkele malen opgepakt op verdenking van een complot tegen het Spaanse vorstenhuis.

Zoals in 1974, na een mislukte poging om Juan Carlos' vader, Don Juan de Bourbon, te ontvoeren. Wegens gebrek aan bewijs moest hij worden vrijgelaten. Vijf jaar later was het weer raak, of mis, toen Rego Vidal ervan verdacht werd de Spaanse koning zelf op de korrel te nemen. Hij verscheen voor de rechter, belandde in de cel, en kwam na een slopende hongerstaking weer op vrije voeten.

Geen enkele twijfel dus bij de Cesid en de Geo dat Eta via Rego Vidal iets spectaculairs in het schild voerde. Hij werd dan ook constant geschaduwd. En toen hij op 16 juli samen met zijn zoon en Garcia Sertucha op de door hem gecharterde schoener, de onder Panamese vlag varende La Belle Poule, vanuit Antibes aan de Franse Cote d'Azur aankwam in de haven van Alcudia, zo'n 60 kilometer van Porto Pi, wemelde het daar al van de Geo's, de geheime agenten van de anti-terreurbrigade.

Ook de havenautoriteiten waren ingeseind over de komst van het met valse Franse paspoorten voorziene Eta-commando. Ze hielden zich vooralsnog koest, net als de Geo's, die uiteraard het door Rego Vidal gehuurde appartement dag en nacht in de gaten hielden. Telefoons werden afgetapt, buiten koersten geblindeerde busjes met de modernste opsporingsapparatuur die elke conversatie en beweging registreerden. En vanuit omliggende gebouwen hielden daar verschanste scherpschutters het appartement voortdurend in het vizier.

Vakantierituelen

Geen schijn van kans dus voor het Eta-commando. Dat werd koning Juan Carlos ook verzekerd, en hoewel gewaarschuwd, werd hem op het hart gedrukt zijn vakantierituelen zo gewoon mogelijk voort te zetten. Om maar geen argwaan te wekken bij de terroristen. Zo nam de koning deel aan de zeilregatta om de koningscup, zoals elke zomer, en op de avond van de arrestatie van het Eta-trio hief hij een glas champagne bij de opening van een kunstgalerie in Palma.

Die arrestatie kwam dan donderdagnacht, na drie weken surveillance. Schutter Garcia Sertucha en Rego Vidal junior werden verrast in het appartement aan de Calle Rafaletas. Een paar minuten later werd vader Rego Vidal door Geo's in burger in een vakkundige houdgreep uit een restaurant in Alcudia gesleurd. Zijn hulpgeschreeuw dat hij door geboefte ontvoerd werd, vond bij het publiek geen weerklank en hij gaf zich gewonnen.

Zo zelfs dat hij alle details over de aanslag en de voorbereiding prijsgaf, en bij zijn ondervragers is de hoop al gewekt dat Rego Vidal nog wel door zou slaan over de verblijfplaats van Eta-leider nummer één: Inaki de Rentera. Tegenover onderzoeksrechter Baltasar Garzón - dezelfde die met zijn hardnekkige speurwerk naar de duistere handel en wandel van de Gal-doodseskaders de nagel aan de politieke doodskist is van de socialistische premier Felipe González - bekende het Eta-kopstuk opvallend openhartig dat mòcht de aanslag op de koning zelf onuitvoerbaar zijn, er twee alternatieve schietschijven voorhanden waren: kroonprins Félipe en de Spaanse oppositieleider José Maria Aznar, chef van de rechts-conservatieve Partido Popular.

Een 'toevalstreffer' deze laatste, hij was die zaterdag ervoor net gearriveerd op het vakantieadres van koning Juan Carlos voor een audiëntie. Ook Aznar was al door de Spaanse politie op de hoogte gesteld van de voorgenomen aanslag van het Eta-commando, en dat hij een 'goede derde' was. Het weerhield hem niet van zijn bezoek, voor hem gold eveneens: business as usual.

Het zou voor Aznar de tweede keer dit jaar zijn wanneer hij door Eta als doelwit zou zijn gekozen. In april ontsnapte de PP-leider ternauwernood aan de dood bij een Eta-aanslag met een zware autobom in de hoofdstad Madrid.

Een hernieuwde aanslag op Aznar zou overigens geheel passen in de veranderde strategie van de Baskische terreurbeweging. Namen de separatisten tot voor een jaar geleden vrijwel uitsluitend functionarissen van de regerende Partido Socialista Obrero Español, dan wel overheidsdienaren van politie of leger op de korrel, sinds menigeen zich in Spanje voorbereidt op het einde van het tijdperk-González, heeft ook Eta zijn bakens verzet.

Geliefd object

Naast het koninklijk huis - een spectaculair doelwit voor terreuraanslagen, hoewel riskant vanwege de ook in Baskenland enorme populariteit van Juan Carlos en de zijnen - is de Partido Popular een geliefd object geworden voor de Baskische afscheidingsbeweging. In januari dit jaar vermoordde Eta in de Baskische hoofdstad San Sebastian de Baskische PP-leider en gedoodverfde nieuwe burgemeester aldaar, Gregorio Ordonez. En alle Eta-documenten waar de Spaanse politie sindsdien de hand op wist te leggen, refereren aan de PP als belangrijkste 'vijand', terwijl de sedert 1982 regerende Psoe amper meer aan de orde komt.

Een veger teken voor de politieke toekomst van González en zijn Psoe is er nauwelijks: Eta, die nu al haar operatieterrein verlegt van regering naar oppositie, terwijl de (vervroegde) verkiezingen naar alle waarschijnlijkheid pas volgend jaar maart plaatsvinden. Want als zelfs déze ratten het zinkend schip al verlaten, lijken de kansen voor een vijfde opeenvolgende socialistische regeerperiode geslonken tot nul.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden