Zwaar verlies Israëlisch leger

Van onze buitenlandredactie AMSTERDAM - Het Israëlische leger heeft gisterochtend in het zuiden van Libanon de zwaarste verliezen geleden sinds 1985.

Van een strijdmacht van marine-commando's, die landden bij een dorp ten noorden van de havenstad Tyrus, kwamen zeker elf soldaten om het leven toen een strijdmacht van guerrillastrijders en soldaten van het Libanese leger hen beschoten. Eén commando wordt vermist; het staat vrijwel vast dat ook hij dood is. Het gevecht had plaats buiten de door Israël bezette 'veiligheidszone' in het zuiden van Libanon. De zware nederlaag kwam ongeveer tien uur na de zelfmoordaanslag in Jeruzalem, die het leven kostte aan vier Israëliërs en de drie Palestijnse terroristen.

In Libanon lieten niet alleen de commando's, maar ook een vrouw en een baby het leven. Israël stelt een onderzoek in naar de mogelijkheid dat de operatie is verraden, maar acht dat onwaarschijnlijk. Premier Benjamin Netanjahoe ziet geen aanleiding de militaire tactiek in Zuid-Libanon te veranderen: “Zolang er aanvallen tegen ons zijn met het doel de staat Israël schade toe te brengen, hebben we geen keus behalve het nemen van defensieve maatregelen in Libanon zelf. Deze politiek zal niet veranderen.” Netanjahoe gaf daarmee zijn antwoord op de in Israël weer oplaaiende discussie over de zin van de Israëlische aanwezigheid in Libanon.

Het is onduidelijk of de operatie verband hield met de aanslag donderdag in Jeruzalem, die aan vier Israëliërs het leven kostte. De militaire tak van de islamitische organisatie Hamas, die zich verantwoordelijk heeft gesteld voor die aanslag, heeft ook de vrijlating geëist van vooraanstaande leden van de Libanese sji'itische militie Hezbollah. In Ansaria woont een belangrijke sji'itische voorman, wellicht een doelwit voor ontvoering.

De leider van de door Iran gesteunde Hezbollah, sjeik Nasrallah, hield een triomfantelijke 'persconferentie' in de Libanese hoofdstad Beiroet. “We hebben geen gevangenen, alleen maar ledematen en een half hoofd”, zei hij, waarop hij enkele resten van de gedode Israëiërs aan de aanwezigen toonde. Nasrallah zei dat zijn organisatie vier benen en een half hoofd had buitgemaakt. “We zullen er gebruik van maken in het kader van toekomstige uitwisselingen”, voegde hij eraan toe. Hij doelde op de vele Libanezen die zonder aanklacht gevangen zitten in Israël of in het door Israël bezette uiterste zuiden van Libanon. Amnesty International telde er onlangs 150, en noemde hen de vergeten gijzelaars.

Het is de eerste keer dat het Libanese leger zo direct slaags is geraakt met de Israëliërs.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden