Zuiverheid maar niet heus

Jonathan Franzen duikt in de groezelige verledens van idealisten van nu

Als er één schrijver is die de pretentie én de potentie heeft om in de voetsporen te treden van de Grote Drie van de Noord-Amerikaanse literatuur, Saul Bellow, Philip Roth en John Updike, is het wel Jonathan Franzen (1959).

Een veelschrijver is hij overigens niet; na zijn eerste roman die ertoe deed, 'De correcties', duurde het negen jaar voor hij in 2010 met een nieuwe titel, 'Vrijheid', kwam. En dan nu na weer vijf jaar 'Zuiverheid', derde in de reeks containerachtige titels. Het zijn stuk voor stuk dikke, meeslepende romans waarmee Franzen zijn lezers opzoekt, epische vertellingen, die iets wezenlijks van onze tijd en cultuur in beeld willen brengen. Romans ook waar hij uiterst zorgvuldig en met veel overleg aan lijkt te hebben zitten schaven.

Me dunkt dat Franzen daarbij lichtelijk verscheurd wordt door zijn ambitie om grote literatuur te schrijven en toch ook publieksvriendelijk te zijn. Ooit beklaagde hij zich erover dat het verschijnen van een roman als 'The Old Man and the Sea' van Ernest Hemingway indertijd een nationale gebeurtenis was, terwijl er nu geen haan meer kraait naar het verschijnen van romans. Anderzijds huiverde hij ernstig toen Oprah Winfrey zijn eigen boek 'De correcties' uitverkoos voor haar boekenclub, omdat hij er een te modaal publiek mee zou bereiken, dat meer op leesplezier dan op verheffing uit was.

Franzens dilemma tussen 'high art' en entertainment kleeft ook 'Zuiverheid' aan; aan de ene kant dompelt hij je onder in een onderhoudende, spannende geschiedenis, aan de andere kant demonstreert hij een kritisch-intellectuele houding jegens de maatschappij. Franzen zelf intussen, samenlevend met vriendin, geen kinderen, ecobewust en 'groen', beantwoordt niet erg aan de doorsnee-Amerikaan, en de boodschap die hij met 'Zuiverheid' wil geven is, ondanks de smeuïge stijl en het dramatische verhaal, vooral een kritische: geloof niet wat ze je wijsmaken, ook morele goedheid is relatief.

Net als in 'Vrijheid' nuanceert Franzen het mooie, positieve begrip waarmee hij zijn roman uitmonstert, 'Zuiverheid', sterk. Aan het eind van het verhaal is er van echte zuiverheid eigenlijk weinig over. Het verhaal speelt zich af in kringen van links Amerika, milieuactivisten, klokkenluiders, krakers, hackers, corruptiebestrijders. Ongetwijfeld heeft de publiciteit van de afgelopen jaren rond Julian Assange en Edward Snowden het voer voor deze roman geleverd.

Hoofdpersoon, als je daar al van kunt spreken in deze complexe roman, is Andreas Wolf, een voormalig Oostduitser die na de val van de Muur een journalistiek onderzoeksbureau naar Amerikaanse misstanden is gaan leiden. Via-via komt de twintiger Pip (eigenlijk Purity!), een soortement kraakster, op zijn pad; hij krijgt haar zover om te gaan spioneren bij journalist Tom, een oude kameraad van hem, die toevalligerwijs kennis heeft van een gevaarlijk geheim van Andreas uit zijn DDR-tijd.

Op karakteristieke manier licht Franzen de doopceel van al zijn personages, eerst zet hij ze helder in het heden neer om vervolgens in verschillende hoofdstukken hun verleden door te spitten en steeds meer groezeligs aan het licht te brengen. Zo blijkt alles steeds een stuk complexer dan je aanvankelijk denkt. De charismatische Andreas heeft psychopathische trekjes, Pip en Tom zijn meer verwant aan elkaar dan je zou denken, op de arme kraakster van weleer ligt een grote geldsom te wachten. Franzen offert dus wel degelijk aan het plotdenken in de hedendaagse literatuur. En daarin verschilt hij dan toch van zijn voorgangers Bellow (zo te zien Franzens favoriet), Roth en Updike, die zich vooral concentreerden op het uitschilderen van de Noord-Amerikaanse mens en maatschappij.

Toch gaat het ook hem tenslotte om iets anders dan een spannend verhaal; hij wil ons doen inzien dat we gemanipuleerd worden door de wereld om ons heen, dat we onverbiddelijk deel uitmaken van netwerken die ons begluren en ons in kaart brengen. Neem bijvoorbeeld deze parallel tussen de DDR van Andreas Wolf en het internet: "Je kon met het systeem samenwerken of je kon je ertegen verzetten, maar wat je juist nooit kon doen, of je nu een veilig en aangenaam leven leidde of in een gevangenis zat, was er geen enkele relatie mee onderhouden. Het antwoord op elke vraag, groot of klein, was het socialisme. Als je 'sociale netwerken' verving door 'socialisme' kreeg je internet. De concurrerende platforms van internet waren verenigd in hun ambitie om elk aspect van je bestaan vast te leggen. In zijn eigen geval had hij ingezien, op het moment dat hij echt beroemd begon te worden, dat roem, als verschijnsel, naar internet was verhuisd en dat de structuur daarvan het voor zijn vijanden makkelijk maakte om het verhaal Wolf te bewerken."

In sommige opzichten lijkt Franzen de kritiek van zijn collega Dave Eggers, die in zijn dystopie 'De cirkel' de dictatuur van sociale netwerken schilderde, te willen uitbreiden op het ideologische vlak. Niet alleen de gelovigen in het internet maar ook linkse wereldverbeteraars zijn onverbiddelijk onderworpen aan de terreur van de nieuwe technologieën.

Intussen heeft het ook iets tragisch, Andreas Wolf die in zijn nieuwe wereld op andere Stasi-achtige praktijken stuit, Pip die ondanks haar nieuwe verleden naar haar krakersvrienden terugkeert, Tom die tot op het laatst blijft ruziën met zijn ex-vrouw.

We rennen in een tredmolen, lijkt Franzen te willen zeggen. Toch geeft hij op het allerlaatst nog een blijde boodschap mee, als in de slotregels het geruzie van de ouders wordt overstemd door de liefde van Pip en haar nieuwe vriend en 'het vertrouwen dat het haar wel zou lukken'. Oftewel, wie weet overwint het goede alsnog.

Opmerkelijk overigens hoe in deze allerminst eendimensionale versie van een modern evangelie seks nog steeds zo'n belangrijke rol speelt, iedereen duikt maar voortdurend met elkaar in bed, pleegt overspel of wordt verleid. Ik heb het gevoel dat Franzen zelf niet in de gaten heeft hoe oversekst deze roman, bij alle behartigenswaardige ideeën, eigenlijk is. Alsof de wereld op hormonen draait. Overmatig libido lijkt me een publiekstrekker die Franzen eigenlijk helemaal niet nodig heeft. Zijn boodschap klinkt ook zonder al die bedscènes luid en duidelijk: zuivere zuiverheid bestaat niet.

Jonathan Franzen: Zuiverheid (Purity) Vert. Peter Abelsen, Anneke Bok, Rob van der Veer. Prometheus; 620 blz. euro 19,95 ('Zuiverheid' is vanaf woensdag 2 september verkrijgbaar)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden