Zuid-Afrikanen lopen na WK niet warm voor Afrika Cup

Twee grote toernooien in drie jaar te veel van het goede

Je zou het niet zeggen als je van hartje Johannesburg naar het Soccer City stadion rijdt, maar Zuid-Afrika organiseert over twee weken toch écht de 29ste editie van de Afrika Cup - de Afrikaanse versie van het EK voetbal. Zo onontkoombaar als het WK 2010 was in de stad, zo trots als Zuid-Afrikanen toen waren, zo afwezig lijkt het enthousiasme nu.

Welgeteld één reclameposter op een flat naast de centrale Nelson Mandela Brug attendeert op de komst van 'Afrika's ultieme voetbaltoernooi'. De aankondiging verzuipt bijna letterlijk tussen alle traditionele whisky-, bier- en cola-reclames in dit deel van de stad.

Ook het reusachtige stadion zelf ligt er, pal tussen Johannesburg en Soweto in, verlaten bij. Niets wijst er op dat hier over twee weken de openingswedstrijd wordt gespeeld. Vijf toeristen staan er wat verdwaald foto's te nemen. Ze schudden het hoofd. Nee, zij zijn niet gekomen voor de Afrika Cup. Ze doen een tour door Soweto. En daar hoort een uitstapje naar het WK-stadion bij.

Natuurlijk, het duurt nog twee weken. Maar feit is dat Zuid-Afrika nog niet warm loopt voor de Afrika Cup. Het toernooi staat daarvoor te nadrukkelijk in de schaduw van het zo succesvol georganiseerde WK 2010, denkt de vooraanstaande Zuid-Afrikaanse sportjournalist Carlos Amato.

Daar komt bij dat in Johannesburg alleen de openingswedstrijd en de finale zullen worden afgewerkt. De échte speelsteden zijn Durban, Port Elizabeth, Nelspruit en Rustenburg. Steden met de kleinere WK-stadions. "Daar zal het de komende weken wel wat meer gaan leven", verwacht Amato.

Die overwegend kleinere stadions lijken een verstandige keuze. Want de kaartverkoop verloopt evenmin flitsend. En dat terwijl Mvuzo Mbebe, directeur van het organisatiecomité, daar in een presentatie vorig jaar nog zo op had gehamerd. Bovenaan zijn lijstje met succesfactoren stonden toen de woorden 'volle stadions' drie keer in hoofdletters geschreven.

Afgelopen jaarwisseling hadden volgens de doelstelling een half miljoen kaartjes verkocht moeten zijn. Dat werden er 300.000. Voor de openingswedstrijd in Soccer City, de eerste test voor thuisland Zuid-Afrika, zijn tot nu toe slechts 38.000 kaarten verkocht. Daarmee zou het stadion nog niet voor de helft vol zitten.

Waarschijnlijk is het simpelweg wat te veel van het goede: twee hoofdtoernooien in één land binnen drie jaar. Zuid-Afrika kreeg de Afrika Cup ook pas zeer laat toegewezen, toen in het aanvankelijk beoogde gastland Libië een burgeroorlog dreigde na de dood van president Muammar Khadaffi. Zuid-Afrika was de logische stand-in. Het land had de infrastructuur van het WK nog paraat.

Bovendien zijn drie Afrika Cups in vier jaar tijd eveneens wat veel. De Afrika Cup vindt sowieso al om de twee jaar plaats - twee keer zo vaak als het EK en WK - en deze keer is het toernooi ook nog een jaar vervroegd. De reden is dat de Afrikaanse voetbalfederatie het evenement voortaan in de oneven jaren wil afwerken. Dit voorkomt dat Afrikaanse toplanden eens in de vier jaar binnen zes maanden én een Afrika Cup én een WK moeten spelen. Zoals tot 2010 gebruikelijk was.

En ten slotte zijn de verwachtingen voor het Zuid-Afrikaanse nationale team erg laag. Dat verklaart de huidige apathie misschien nog wel het best. Dat Bafana Bafana op het WK 2010 geen potten kon breken, tussen al die toplanden van over de hele wereld, maakte veel Zuid-Afrikanen niet uit. Het ging toen om het feest, de organisatie, de trots daarover. De Afrika Cup organiseerde Zuid-Afrika al wel eens eerder, in 1996, de enige keer dat Bafana Bafana het toernooi won.

De vrees dat het nationale elftal deze keer in eigen land consequent zal verliezen van Afrikaanse buurlanden, vervult veel Zuid-Afrikaanse voetbalfans vooraf met sportieve schaamte. Die uit zich in onverschilligheid. De enige remedie is onverwacht succes, denkt Amato. "Als Bafana Bafana in de kwartfinale komt, dan gaat het toernooi opeens echt wel leven."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden