Zuid-Afrika wil met waarheid wonden helen Niet iedereen blij met morele schoonmaak Ook onderzoek naar misdrijven van het ANC

PRETORIA - Binnen twee minuten staat Chris Ribeiro als een kind te huilen op het podium in een vergaderzaal van Pretoria's Holiday Inn, waar honderden mensen zijn komen luisteren naar een openbare hoorzitting over de controversiële Commissie voor waarheid en verzoening.

FRED DE VRIES

De hevig snikkende Ribeiro vertelt over de brute moord in 1986 op zijn ouders. Zijn vader was een politieke activist in Mamelodi Township nabij Pretoria. “Mijn moeder hoorde schoten en ging alleen kijken wat er aan de hand was. Ook zij werd meteen doodgeschoten. Waarom?” snikt Ribeiro, die zelf met kogelwonden in het ziekenhuis belandde.

De daders, mensen van de geheime dienst van het toenmalige apartheidsregime, lopen nog altijd vrij rond en bekleden waarschijnlijk nog altijd functies binnen de overheid, bij de politie of bij het leger. Ribeiro wil weten wie de moorden begaan heeft en waarom zijn ouders vermoord moesten worden. “Ik kan niet vergeven en zal nooit kunnen vergeven. Maar als ik tenminste weet wie de schuldigen zijn, zal het leed gemakkelijker te dragen zijn”, zegt hij, om meteen toe te voegen dat hij de doodstraf wil voor de schuldigen en dat ook de toenmalige president, P. W. Botha, voor het gerecht moet verschijnen. “P. W. wist ervan”, huilt hij.

Zoals Ribeiro zijn er nog tienduizenden Zuidafrikanen, mensen wier familie en vrienden door speciale eenheden van de politie zijn doodgeschoten, die in de gevangenis 'over een stukje zeep uitgleden en daarbij hun nek braken', of die zomaar verdwenen zijn. Voor al die duizenden komt er een Waarheidscommissie, die de misdaden van het verleden zal onderzoeken.

Een wetsontwerp voor het opzetten van zo'n commissie werd verleden week woensdag door het kabinet goedgekeurd. Dat gebeurde in alle stilte, op een moment dat de minister voor justitie in het buitenland verbleef. Zelfs diplomaten wisten van niets. Paddy Clark van de organisatie 'Justice in Transition', die nauw betrokken was bij het opstellen van het wetsontwerp, zegt: “Tot maandag hadden ook wij er geen enkele weet van die beslissing van het kabinet. Ineens lag dat wetsontwerp op tafel.”

Aan die opmerkelijke stilte zal spoedig een einde komen, als het parlementaire comité voor justitie een groot aantal openbare discussies organiseert en het parlement daarna het wetsontwerp zal behandelen. Want ondanks die plotselinge eenheid binnen het kabinet zitten er volop hete hangijzers aan de Waarheidscommissie. “De commissie en de zittingen moeten in geen geval ontaarden in een heksenjacht”, legt minister Kader Asmal (water en bosbouw) uit, die na Chris Ribeiro in de Holiday Inn het woord krijgt om het regeringsstandpunt uiteen te zetten. Asmal initieerde het idee van een Waarheidscommissie, en fungeert nu min of meer als spreekbuis. “Het gaat niet in de eerste plaats om gerechtigheid”, vertelt hij zijn publiek, waaronder een flink aantal angstige mensen die vroeger voor de geheime dienst werkten. “Het achterhalen van de waarheid staat voorop. De commissie is er in de eerste plaats voor de slachtoffers. Zij kunnen alleen vergeven, als ze precies weten wat er gebeurd is. De waardigheid van die slachtoffers moet worden hersteld.”

De Waarheidscommissie moet misdaden onderzoeken, die begaan zijn uit politieke overtuiging gedurende de periode van het Zuidafrikaanse conflict van 1 maart 1960 tot 5 december 1993, de dag dat de meer-partijen-overgangsraad werd geïnstalleerd. Het gaat daarbij niet alleen om misdaden begaan door het apartheidsregime, maar ook door de bevrijdingsbewegingen als het ANC en de PAC. Het is bijvoorbeeld bekend dat in de ANC-trainingskampen in Angola de mensenrechten stevig werden geschonden. Zij die hun misdaden voor de commissie opbiechten, kunnen op amnestie rekenen zolang die daden binnen de definitie van 'politiek gemotiveerd' vallen.

De commissie zal uit elf tot vijftien commissarissen bestaan, die door de president benoemd worden en absoluut niet tot een politieke partij mogen behoren. Er komen drie speciale comiteï die zich bezighouden met amnestie, de schending van de mensenrechten en genoegdoening voor de slachtoffers. De Waarheidscommissie zal niet vervolgen. Het totale werk zal een jaar duren en kan eventueel met zes maanden worden verlengd.

In conservatieve Afrikaner kringen, van politieke partijen tot leger en politie, is het idee van een Waarheidscommissie slecht gevallen. Generaal Constand Viljoen van het rechtse Vrijheidsfront, die de sentimenten van de Afrikaners vrij goed verkondigt, is volledig tegen de commissie gekant. Niet, zo zegt hij als derde spreker in Pretoria, omdat hij tegen verzoening en het erkennen van fouten uit het verleden is. “Maar we zijn tegen de manier waarop het zal worden uitgevoerd.”

De amnestie blijkt een netelige kwestie. Een groot probleem is de datum waarop het politieke karakter van de misdaden afloopt. Viljoen en zijn achterban zijn het niet eens met 5 december 1993 en wensen dat de dag van de inauguratie, 10 mei 1994, als sluitingsdatum wordt gebruikt, zodat de leden van de Afrikaner Weerstandsbeweging die vlak voor de verkiezingen een reeks dodelijke bomaanslagen pleegden ook voor de amnestie in aanmerking komen.

Daarnaast is er het gigantische probleem of de bijeenkomsten van de commissie openbaar moeten zijn of niet, en of de namen van de daders openbaar moeten worden gemaakt. Het wetsontwerp maakt melding van de mogelijkheid zittingen achter gesloten deuren te houden. Het gaat daarbij zowel om de getuigenverklaringen als om de verzoeken tot amnestie.

Maar Viljoen is volledig tegen dergelijke hoorzittingen. Zijn alternatief is een keiharde parlementaire discussie over het verleden, waarin iedereen het beestje bij zijn naam mag noemen. “Laten we elkaar niet sparen en proberen te begrijpen wat er gebeurd is en daar een les uit trekken. Daarna moeten we ons op de toekomst richten en een algemene amnestie afkondigen”, roept de grijze generaal. “En dan kunnen we ieder jaar een nationale verzoeningsdag hebben.”

De Waarheidscommissie zal volgens hem een peilloze beerput openen, met zeer pijnlijke gevolgen voor de regering van nationale eenheid. Zijn argumenten liggen akelig dicht bij chantage. “Afrikaners zien dit als een hetze tegen de Afrikaners. En dat zal leiden tot nieuw verzet en sabotage”, zegt Viljoen. Daarnaast, zegt hij, zal het toch al niet bijster goede moreel van de politie en het leger nog verder dalen, hetgeen de nationale veiligheid in gevaar brengt.

En als klap op de vuurpijl zegt Viljoen dat er uiterst pijnlijke feiten naar boven zullen komen over zeven of acht belangrijke ministers. Wie dat zijn, wil hij niet kwijt. Maar in de Zuidafrikaanse pers worden de namen van F. W. de Klerk, Pik Botha en Roelf Meyer genoemd, evenals die van deANC-ministers Joe Modise, Ronnie Kasrils, Joe Slovo en zelfs die van vice-president Thabo Mbeki.

Diplomaten menen dat het allemaal niet zo'n vaart zal lopen. Vervolgingen zullen grotendeels uitblijven en de belangrijkste regeringspartijen, het ANC, de Nationale partij en Inkatha, zullen elkaar de hand boven het hoofd houden. “Het meest waarschijnlijk is de Chileense optie”, zegt een westerse dilpomaat, “waar alles, van de getuigenverklaringen tot de amnestieverzoeken, achter gesloten deuren plaatsvond, en alleen het eindrapport openbaar was.” Voor mensen als Chris Ribeiro zal dat een uiterst schrale troost zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden