Zuchten onder twaalf koninkrijkjes

De decentralisatie van het natuurbeleid oogt als 'de nieuwe kleren van de keizer', vindt Ed Nijpels. De bescherming komt dichterbij de burger, maar die provinciale koninkrijkjes zijn juist funest.

Hij weet het zeker. Als staatssecretaris Sharon Dijksma in het kabinet-Rutte 1 had kunnen meepraten over het natuurbeleid, was ze nooit akkoord gegaan met de decentralisatie. "Het past gewoon niet", zegt Ed Nijpels. "Het Nederlandse natuurbeleid wordt in grote mate bepaald door de Europese Unie, die de centrale overheid aanspreekt als de zaken niet goed gaan. Dan kán het toch niet zo zijn dat het natuurbeleid in de praktijk in handen is van de gedeputeerden in Zeeland en Groningen?"

In alle stukken van Dijksma leest hij terug dat zij het zo niet gewild heeft, maar is geconfronteerd met beleid van haar voorganger. "Dijksma is van het duurzame beheer in robuuste, aaneengesloten gebieden. Die zijn zeer gebaat bij een langdurig en consequent beheer. Maar dynamische natuur trekt zich niets aan van de provinciegrens. Daar gaat het al fout. Op Europees niveau al helemaal."

De VVD'er is groot fan van de PvdA-staatssecretaris. "Ik vind Sharon Dijksma een verademing, de beste bewindspersoon op het 'dossier natuur' in twaalf jaar." Hij dicht haar grote kennis en kunde toe, en roept haar daarom op juist van die kwaliteiten gebruik te maken om de scherven die voormalig staatssecretaris Henk Bleker achterliet, weer te lijmen.

Het vorige kabinet besloot de bevoegdheden en het geld voor het natuurbeheer over te hevelen van de rijksoverheid naar de provincies. Die hebben daarop volgens Nijpels veel te snel 'ja' gezegd. "Ze hapten verlekkerd in de worst van de zogenaamde beleidsvrijheid, maar realiseerden zich niet dat die worst inmiddels een stuk korter is geworden." Had het Rijk jaarlijks 800 miljoen euro aan de natuur te besteden, de provincies moeten het doen met de helft.

Nijpels: "Je kunt ze tien keer waarschuwen, maar lagere overheden trappen er altijd weer in. Nu nog verlenen ze lippendienst aan de zogenaamde geneugten van de decentralisatie, maar geloof me: ze hebben het over de nieuwe kleren van de keizer."

De afzonderlijke provincies moeten met veel minder geld voldoen aan dezelfde strenge eisen die Europa aan de Nederlandse natuur blijft stellen. Zo zijn ze verplicht Europees beschermde Natura 2000-gebieden uit te breiden en te onderhouden, reservaten onderling te koppelen in een Nationaal Natuur Netwerk (de vroegere Ecologische Hoofdstructuur, EHS) en internationale verdragen uit te voeren waarin staat dat de natuur niet achteruit mag gaan, maar juist moet verbeteren.

Nijpels is momenteel voorzitter van het Bosschap: het bedrijfschap voor bos en natuur. Maar hij wás minister van milieu, commissaris van de koningin in Friesland én burgemeester van Breda. Hij heeft het bestuur dus op alle niveaus geleid, en ziet daarom als geen ander dat de huidige decentralisatie naar de provincies een krachtig natuurbeleid in de weg staat. Terwijl een ferme aanpak juist zo nodig is.

In 1900 was er in Nederland nog 876.000 hectare bos en natuur, zegt hij. In 1989 was daarvan nog maar 470.000 hectare over. "De rest was opgeofferd aan de groei van onze materiële welvaart. Samen met de slechte milieuomstandigheden had dit tot gevolg dat nog slechts vijftien procent van de oorspronkelijke biodiversiteit in Nederland aanwezig was."

Tegenwoordig is de achteruitgang van planten en dieren te wijten aan het verlies van oppervlakte van natuurgebieden en de vermindering van de kwaliteit door vermesting, verzuring en verdroging. Stuk voor stuk provincie- en zelfs landsgrens-overstijgende problemen die door een nationale overheid in internationaal overleg moeten worden aangepakt.

"Maar ook moet die natuur duurzaam beschermd worden tegen de politieke waan van de dag", zegt Nijpels. Bomen kunnen honderden jaren oud worden, maar een politicus wil over vier jaar herkozen worden. Daarom moet ook het beleid duurzaam zijn. Wat dat betreft is het volgens Nijpels bijzonder dat de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) dan wel een andere naam heeft gekregen, maar al twintig jaar bestáát. Terwijl bij de politie en het onderwijs om de paar jaar een fundamentele herziening wordt doorgevoerd.

Een krachtig en duurzaam natuurbeleid wordt juist door de decentralisatie - in combinatie met een enorme bezuiniging - om zeep geholpen, gaat Nijpels verder. "Het is natuurlijk politiek buitengewoon incorrect als ik voor centralisatie pleit, maar op natuurgebied is die spreiding van bevoegdheden gewoon niet goed. Jeugdzorg en gezondheidszorg zijn misschien in pakketjes per provincie in te delen, maar natuur niet."

Staatssecretaris Dijksma is volgens Nijpels ondanks de politieke beslissingen uit het verleden met een geweldige schadebeperkende operatie bezig "waarin ze de domme afspraken uit het verleden over de rand van de tafel probeert te kieperen." Zo blies ze de veiling van natuurgebieden van Staatsbosbeheer af, en gaf ze reservaten versneld de zwaar beschermende Natura 2000-status.

De decentralisatie kan ze onmogelijk terugdraaien, maar Nijpels ziet wel kansen de effecten daarvan te decimeren. "Dijksma geniet bij de lagere overheden en de grote terreinbeherende organisaties groot vertrouwen, en heeft dus gezag. Dat is enorme winst ten opzichte van haar voorgangers. Tegelijkertijd wordt er op het gebied van de natuur een nieuw elan gevoeld en zijn er geen grote meningsverschillen, op een paar details in de uitvoering na."

De staatssecretaris kan haar vertrouwenspositie daarom benutten door het zojuist naar de provincies overgehevelde beleid weer naar zich toe te trekken. Ze moet, zegt Nijpels, de strikte regie nemen als het gaat om de topnatuur in Nederland. "Ze kan voorkómen dat grote spelers als Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten bij twaalf verschillende provincies over hun werkzaamheden moeten onderhandelen. Ze kan ook tegengaan dat zijzelf straks door Europa op de vingers wordt getikt voor beleid waarvoor Dijksma niet verantwoordelijk was."

Dijksma moet volgens Nijpels de provincies zo ver zien te krijgen dat zij het beleid over de internationaal beschermde natuur overlaten aan het Interprovinciaal Overleg (IPO) waarbij zij zijn aangesloten. Met deze afvaardiging én vertegenwoordigers van de landelijke natuurclubs, kan Dijksma dan tóch centraal besturen.

Deze staatssecretaris heeft visie en kansen, zegt Nijpels, maar ook zij zal over drie jaar tegen verkiezingen aanlopen waardoor het ingezette natuurbeleid onzeker wordt. "Ik zou het daarom het mooist vinden als de Nederlandse natuur een bescherming geniet waaraan geen kabinet meer kan tornen. Je hoort ze al krijsen hier in Nederland, maar ik zou wensen dat Europa per lidstaat vaststelt uit hoeveel hectare de internationaal beschermde natuur moet bestaan. Net zoals de drie-procents-norm die bij het begrotingstekort wordt gehanteerd en waarvan slechts in uitzonderlijke omstandigheden mag worden afgeweken. Met zo'n dwingend opgelegde norm kán er uiteindelijk sprake zijn van duurzaam natuurbeheer."

Wie is Ed Nijpels?
E. H. T. M. (Ed) Nijpels (Den Helder, 1 april 1950) is een 'groen' lid van de VVD. Hij was minister van Vrom in het kabinet Lubbers II (1986-1989) waarin hij zowel door de coalitie als de oppositie werd gewaardeerd voor zijn milieubeleid. Zo bracht hij in mei 1989 het Nationaal Milieubeleidsplan uit. Van 1990 tot 1999 was Nijpels voorzitter van het Wereld Natuur Fonds. Sinds 1 juli 2008 is hij voorzitter van het Bosschap, dat per 1 januari verdwijnt. Nijpels is onlangs door de Sociaal-Economische Raad benoemd als voorzitter van een permanente commissie die toeziet op de uitwerking van het Energieakkoord, de afspraken die in september zijn gemaakt over een duurzame groei. Hij is in dit kader voorgedragen als Kroonlid van de Sociaal-Economische Raad, zo wil de SER zijn onafhankelijke positie borgen.

Nijpels was lange tijd lid van de Tweede Kamer en als fractievoorzitter en politiek leider de opvolger van Hans Wiegel. Hij was burgemeester van Breda en commissaris van de koningin in Friesland. Tegenwoordig bekleedt hij een groot aantal maatschappelijke functies en commissariaten.

Wat is het Bosschap?
Het Bosschap onder voorzitterschap van Ed Nijpels is het bedrijfschap van bos- en natuureigenaren in Nederland. Zowel de grote organisaties als de kleine eigenaren en overheden zijn hierbij aangesloten. De organisatie vormt een soort kenniscentrum over wet- en regelgeving, subsidies of beheer van een bepaald type natuur. Het Bosschap pleit bij de overheid voor eenvoudige, praktische en doelmatige wetgeving. Eigenaren en aannemers en hun medewerkers kunnen via het Bosschap ook gebruikmaken van de raam-cao bos en natuur. Ook behartigt het de belangen van de divers samengestelde achterban. De organisatie wordt per 1 januari opgeheven. De taken worden deels overgenomen door de nieuwe Vereniging van Bos- en natuureigenaren (VBNE).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden