Zorgen over kwaliteit voortgezet onderwijs

Het niveau van docenten daalt, meent de onderwijsbond CNV. Te weinig leraren in het voortgezet onderwijs zijn academisch geschoold. De bond vindt het ook zorgelijk dat vanaf volgend schooljaar docenten mogen lesgeven in vakken waar ze niet bevoegd voor zijn.

De nieuwe Wet op de onderbouw maakt het mogelijk om in teams te werken. Er hoeft dan per vakgebied, dus bijvoorbeeld aardrijkskunde of Nederlands, nog maar één opgeleide vakdocent op de school aanwezig te zijn. De bevoegde docent blijft wel verantwoordelijk voor de vakinhoudelijke kanten van zijn vak.

De onderwijsbond CNV vindt dat verontrustend. De bond vindt niet dat een docent Duits zomaar een deel van de geschiedenisles kan geven, ook niet als een wél vakbekwame docent hem daarbij begeleidt. Ook ziet de CNV op het havo en vwo graag meer academisch geschoolde docenten voor de klas staan om de kwaliteit van het onderwijs te garanderen.

De kwaliteit wordt volgens het ministerie behouden, doordat docenten vanaf volgend schooljaar moeten voldoen aan een aantal bekwaamheidseisen, zoals in de wet BIO (Beroepen in het onderwijs) is beschreven.

De SBL (Stichting Beroepskwaliteit Leraren) heeft deze bekwaamheidseisen opgesteld, op onder meer pedagogisch, didactisch en sociaal gebied.

Elke docent krijgt vanaf augustus 2006 zijn eigen bekwaamheidsdossier, dat doorlopend moet worden bijgehouden. De schoolleiding kan daarmee sneller constateren of een docent bijscholing nodig heeft en zo de kwaliteit van docenten handhaven.

Naast een beter toezicht op de kwaliteit kunnen de nieuwe wetten voor het voortgezet onderwijs ook gedeeltelijk een oplossing zijn voor het verwachte lerarentekort. Want nieuwe docenten hoeven niet meer per se een diploma van de lerarenopleiding te hebben, als zij maar alle vaardigheden beheersen. En er kan makkelijker gebruikgemaakt worden van ondersteuners, zoals timmermannen die praktijkles geven.

Geert ten Dam, rector van het Instituut voor de Lerarenopleiding aan de Universiteit van Amsterdam, maakt zich ook zorgen over de kwaliteit van het onderwijs op de middelbare school. „Leraren hebben nauwelijks ruimte om te werken aan de ontwikkeling van het schoolvak of leerdomeinen. Hier is echt verschraling opgetreden.”

Ze is blij dat het aantal studenten op de universitaire eerstegraads lerarenopleiding toeneemt. Niet voldoende voor het verwachte tekort, maar dat kan dus opgelost worden door andere bekwame mensen te laten helpen. Door ’teamteaching’ is niet alleen de docent, maar een heel onderwijsteam verantwoordelijk voor een groep leerlingen.

Dit team bestaat naast leraren uit onderwijsassistenten, aangevuld met ondersteunende of specialistische functionarissen. De assistenten en specialisten helpen de leraar met verschillende werkzaamheden. Ten Dam: „In de samenwerking met andere professionals in de school is de deskundigheid van academisch opgeleiden hard nodig.”

Minister Van der Hoeven heeft toegezegd dat de onderwijsinspectie goed zal toezien op hoe scholen docenten inzetten, vooral bij teamteaching en vakoverstijgende onderdelen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden