... zorgde tv voor lege straten

In Amsterdam drommen de mensen samen voor de etalages van radiozaken. Voor het verkeer is er hier en daar geen doorkomen meer aan, zoals in de Kinkerstraat waar de politie moet ingrijpen. In de café-restaurants van de hoofdstad is er al vanaf vier uur 's middags geen tafeltje meer te krijgen.

Het is 2 oktober 1951. Nederland staat of zit klaar voor de eerste uitzending van de Nederlandse Televisie Stichting (NTS, de voorloper van de NOS) vanuit de tot studio omgebouwde Irenekerk in Bussum. Zoals het in Amsterdam is, zo is het in alle grote steden, van Groningen tot Maastricht, en zelfs op het eiland Texel. In Den Haag heeft de RVD (die letters stonden toen nog voor 'regeringsvoorlichtingsdienst') tv-toestellen geplaatst voor binnen- en buitenlandse journalisten. Op Houtrust, elders in die stad, wordt een Damesbeurs gehouden. Ook daar een tv-toestel met anderhalf uur vóór de uitzending een file van honderden meters dames. In totaal staan er in het land 500 beeldbuizen opgesteld bij particulieren, in café-restaurants, hotels en in radiozaken.

De Irene-studio in Bussum is te klein om alle hotemetoten te ontvangen. Daarom volgen de speciale genodigden, zoals ministers, kamerleden en hoge ambtenaren de eerste uitzending in het nabij gelegen hotel 'De Rozenboom', waar zeven gewoonbeeld- en vijf grootbeeldschermen staan opgesteld.

En dan is het zover. Staatssecretaris Cals van onderwijs, kunsten en wetenschappen, de latere premier, komt in beeld. Behaaglijk achterover geleund in een stoel, alsof hij volkomen op z'n gemak is (aldus een krantenverslag een dag later), doet hij het openingswoord. En dat gaat niet zonder ernstige waarschuwingen over de gevaren van het nieuwe medium. Het mag niet zo zijn dat wij Nederlanders straks niet meer van het scherm weg te slaan zijn, zodat er van lezen of andere ontspanning helemaal niets meer terecht komt. Techniek moet een middel zijn, geen doel. ,,Met deze richtlijn voor ogen zal de televisie niet tot cultuurafbraak, maar integendeel tot cultuurverspreiding en cultuuropbouw kunnen meewerken. Daartoe is dan echter nodig dat zij geleid wordt door mensen met een sterk cultuurbesef, met een geestelijke achtergrond en een hoog ideaal.''

Na Cals spreekt de dominicaner pater prof. Kors, de eerste NTS-voorzitter. Hij vraagt de tv-programma's de eerste tijd niet al te kritisch te beoordelen. Volgen nog twee korte filmpjes en toespraakjes van directeur-generaal sir William Healey van de BBC en van prof. Halbertsma. Die geeft een populair-wetenschappelijke uiteenzetting over tv ('De leek en de televisie').

Tijdens de pauze wordt het Sinterklaasliedje 'Oh kom er eens kijken' gedraaid. De journalisten bij de RVD in Den Haag besluiten spontaan een gelukstelegram te sturen die na de pauze door de als omroepster optredende journaliste Jeanne Roos (Het Parool) wordt voorgelezen.

Dan volgt 'De Toverlantaarn', een tv-spel van Willy van Hemert, Peter Koen en Evert Werkman. De acteurs zijn Ank van der Moer, Albert van Dalsum, Hetty Blok, Ad Hooykaas en de elfjarige Louis Bouwmeester (de kleinzoon van). Het spel bestaat uit drie delen: verleden, heden en toekomst. Hoofdpersoon is een nar die de mensheid een spiegel voorhoudt. De toverspiegel is de tv-camera. Een kind (de kleine Bouwmeester) kijkt er doorheen naar de zestiende eeuw. Daarna gaat de blik vooruit naar duizend jaar later en het spel eindigt in het heden.

De uitzending verloopt gesmeerd, op die ene storing na dan. Regisseur Erik de Vries past een vele malen geoefende fade-out toe. Maar op het scherm verschijnen helle strepen. Omroepster Jeanne Roos redt de situatie: ,,Wij komen pas kijken, maar tenslotte komt u óók pas kijken.''

Om kwart voor tien is de eerste uitzending voorbij. De ontvangst in het land is over het algemeen goed geweest, in Eindhoven zelfs zo goed dat het blaffen van een hond en de claxon van een auto in Bussum tijdens de toespraak van Kors goed te horen zijn. Alleen in Groningen verdween het beeld in de loop van de uitzending van het scherm. Op Texel was er een tijdje een negatief beeld.

De uitzending krijgt nog wel een staartje. In hotel 'De Rozenboom' hebben twee ambtenaren van de arbeidsinspectie de uitzending gevolgd. Direct na de uitzending spoeden ze zich naar de studio om proces-verbaal op te maken vanwege het meespelen van de minderjarige Louis Bouwmeester. Kinderarbeid! Commentaar van NTS-secretaris Rengelink: ,,Als prof. Kors moet gaan zitten, krijgt hij van ons een televisietoestel in zijn cel...''. Grapje, maar tot op de dag van vandaag moeten de omroepen op hun tellen passen met kinderen in de uitzending.

Nederland is met de invoering van televisie erg traag in vergelijking met sommige andere landen. Philips heeft al drie jaar lang geëxperimenteerd met televisie in Eindhoven en omgeving. Maar premier Drees voelt weinig voor televisie. Zo'n toestel is voor de arbeider veel te duur: duizend gulden of meer, een kwart van het jaarinkomen. Bovendien: elke gulden besteed aan de introductie van de tv, is verloren voor de wederopbouw. Drees zwicht uiteindelijk voor de druk van Philips. Directeur Otten voorspelt de ondergang van zijn concern binnen tien jaar, als er geen binnenlandse tv-markt tot ontwikkeling komt. En dat, terwijl aan Philips bij de wederopbouw nu juist een grote rol is toebedacht.

Ook de omroepen, op de Avro na, staan gereserveerd tegenover tv. De NCRV heeft iets tegen beelden en de Vara denkt net als Drees. En er zijn in het algemeen zorgen over de culturele gevolgen. Zie Cals. De omroepen voelen bovendien niets voor enorme investeringen onder druk van Philips. Ze hebben ook net het gevecht tegen een nationale radio-omroep gewonnen. Moeten ze nu weer in de slag om de tv? Ze gaan uiteindelijk door de knieën en die slag zullen ze later nog glansrijk winnen, ook al wil de rooms-rode coalitie aanvankelijk één algemeen programma op dat ene tv-net.

Op 2 oktober 1951 begint een proefperiode van twee jaar. Twee keer per week zullen de omroepen beurtelings een uitzending verzorgen. Het eind van de proefperiode is al even historisch als het begin.

In de laatste uitzending wordt Shakespeare's 'King Lear' op de buis gebracht. Als Albert van Dalsum de sterfscène speelt, is regisseur Willy van Hemert daarvan zo onder de indruk dat hij de camera extra lang laat richten op de beroemde toneelspeler. Terwijl de uitzending nog gaande is, slaat die na verloop van tijd de ogen maar eens open: ,,Ben ik nog in beeld?''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden