Zorg voor (ex-) psychiatrische patiënten te zwaar voor inloophuizen

Daklozen en verslaafden zie je er nog steeds, maar de meeste bezoekers van inloophuizen zijn ’psychisch kwetsbare mensen’. Dat belast de vrijwilligers.

„Ze krijgen sneller medicatie, zitten korter in een psychiatrische kliniek en kunnen gauw gaan socialiseren”, zegt Hermen van Dorp over (ex-) psychiatrische patiënten. Niet met iedereen gaat het goed; velen zoeken even onderdak in een van de tientallen inloophuizen die vooral door kerken worden gerund. Van Dorp is coördinator van het Landelijk Oecumenisch Netwerk Drugs- en straatpastores (LOND) en leidt een inloophuis in Rotterdam.

Landelijk bestaat het bezoek van zulke instellingen vaak voor meer dan de helft uit mensen met een ’psychische handicap’. De klassieke zwerver en harddrugsgebruiker vormen een minderheid. Morgen publiceert hulpverleningsorganisatie Kerkinactie het onderzoek ’Gewoon gastvrij’, waaruit blijkt dat de sfeer door die ontwikkeling verandert.

Van Dorp beaamt dat. „Het kan zomaar uit de hand lopen als iemand een psychose krijgt. Daardoor voelen anderen zich minder thuis. Voor vrijwilligers is het belastend, ze voelen zich onveiliger, houden ermee op omdat ze met een andere categorie bezoekers wilden werken. Laatst had ik een kokkin gevonden, die met plezier kwam werken. Maar toen ze zag hoe het eraan toeging, was ze zomaar weg.”

De instellingen hebben een functieverandering ondergaan, signaleert het onderzoek. Van een plaats waar je met buurtgenoten ’een bakkie kan doen’, naar een opvangfaciliteit voor psychiatrische patiënten die het niet redden in de maatschappij.

Eigenlijk, stellen de onderzoekers van Kerkinactie vast, kunnen veel inloophuizen de nieuwe populatie niet aan. Van Dorp is geschrokken van het stemgedrag van bezoekers en vrijwilligers: „Sommigen vinden Wilders een halve messias. Ze zijn teleurgesteld, en verhard.”

In het Rotterdamse inloophuis houden ze tegenwoordig strikter aan de regels vast dan voorheen – een verschijnsel wat zich vaker voordoet volgens het onderzoek. Drank en drugs worden aan banden gelegd, de omgangsregels gehandhaafd. Van Dorp: „Ik werk sinds kort met waarschuwingen. En met de mogelijkheid van verwijdering.”

Er is, zegt Van Dorp, behoefte aan ’training van vrijwilligers’. En aan ’professionalisering’. Uit het onderzoek ’Gewoon gastvrij’ blijkt dat instellingen met een betaalde beroepskracht beter werken, dan die zonder. Volgens Van Dorp is er geld nodig om de opvang- en inloophuizen overeind te houden. „Als je ziet hoeveel vrijwilligers er rondlopen, en hoeveel kapitaal dat vertegenwoordigt, is dat een goed idee.” Goed voorbeeld vindt Van Dorp Nijmegen: daar heeft de gemeente 25.000 euro subsidie gegeven aan straatpastoraat, voor de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. „Zoiets moet veel vaker gebeuren.”

Het rapport ’Gewoon gastvrij’ voegt daar een aanbeveling aan toe: de overheid moet zorgen voor gespecialiseerde hulpverlening, zodat de bestaande initiatieven worden ontlast.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden