Zonnekoning-gedrag voorspelt neergang

De Ahold-rechtszaak nadert haar voltooiing. Nog een paar procesdagen en het wachten op de uitspraak, eind mei, begint.

Op maandagmorgen 24 februari 2003 schokt Ahold de financiële wereld met een vijf pagina's tellend persbericht waarin staat dat het bedrijf is getroffen door 'onregelmatigheden in de boekhouding'. Bestuursvoorzitter Cees van der Hoeven en financieel directeur Michiel Meurs stappen per direct op.

Het nieuws zet Nederland op zijn kop. Tot dan toe was boekhoudfraude in de ogen van naïef Nederland voorbehouden aan bananenrepublieken en landen met vijfjarenplannen die op straffe van de dood gehaald dienden te worden. Sinds kort moesten ook de Verenigde Staten worden toegevoegd aan dat rijtje, met het Enron-schandaal en de Worldcom-affaire. Maar Nederland zag zichzelf als veel te keurig en degelijk voor dergelijke systematische misstappen. Laat staan dat het voorstelbaar was dat een door en door Hollands bedrijf als Ahold, moederconcern van ons aller Albert Heijn, ooit in één adem genoemd zou worden met miljardenzwendel.

In Amerika verdwijnt de ene na de andere sjoemelende topmanager voor jaren achter de tralies - nadat ze eerst financieel zijn uitgekleed door woedende beleggers. Daar draaien ze hun hand niet om voor tientallen jaren gevangenisstraf: Bernard Ebbers van Worldcom kreeg 25 jaar, enkele hoge heren van energiereus Enron waren goed voor tien jaar, zelfs nadat ze volledig hadden meegewerkt met Justitie, en hoelang de Enron-topman de cel in draait zal deze zomer blijken.

Nederland is tot nu toe altijd mild geweest voor falende bestuurders. Toen begin 2004 aan het licht kwam dat Shell zijn oliereserves wereldwijd veel te rooskleurig had voorgesteld, moesten de bestuurders Phil Watts en Walter van de Vijver weliswaar hun spullen pakken, maar van strafvervolging is hier te lande nooit sprake geweest. In de bouwfraudeaffaire, die zelfs leidde tot een parlementaire enquête, zijn uiteindelijk slechts taakstraffen uitgedeeld.

Het zou een unicum voor Nederland zijn als de voormalig bestuurders van een grote, beursgenoteerde onderneming achter de tralies verdwijnen. De officieren van justitie Hendrik Jan Biemond en Anita van Dis vinden een gevangenisstraf voor de ex-Aholdbestuurders op zijn plaats. Zij eisten voor de vergrijpen van Cees van der Hoeven en Michiel Meurs twintig maanden cel waarvan zes voorwaardelijk. Jan Andreae moet volgens de officieren twaalf maanden de cel in waarvan zes voorwaardelijk. Tegen Roland Fahlin is twaalf maanden geëist, waarvan negen voorwaardelijk.

Hoewel de Ahold-affaire ook in Amerika slachtoffers maakte in de vorm van beleggers die hun kapitaal of pensioen in rook op zagen gaan, worden de ex-Ahold-mannen in Nederland berecht. Daar mogen ze blij mee zijn. Officier van justitie Biemond bracht tijdens de rechtszaak te berde dat hij contact had gezocht met de US attorney's office van het Southern District of New York. Die rekende voor dat de Ahold-verdachten dáár, op grond van het aantal slachtoffers, de koersdaling na bekendmaking van de fraude en vanwege hun leidende positie bij een beursfonds, moesten rekenen op een gevangenisstraf van 360 maanden, oftewel dertig jaar.

Vallen boekhoudaffaires in de toekomst te voorkomen? Kees Cools, hoogleraar corporate finance bij de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij The Boston Consulting Group, onderzocht de 25 grootste financiële schandalen tussen 1997 en 2004. Zijn bevindingen zijn te lezen in het boek 'Controle is goed, vertrouwen nog beter'.

Bij ieder 'fout' bedrijf zocht Cools een 'goede' tegenhanger van vergelijkbare grootte, in dezelfde branche. Zo vergeleek hij Ahold met de Amerikaanse supermarktketen Kroger. Hij onderzocht op welke punten de bedrijven overeenkwamen, en waarin ze van elkaar verschilden. In ieder geval op papier bleek er zowel op de goede als de foute bedrijven deskundig en onafhankelijk toezicht te zijn. Falend toezicht is naar het oordeel van de hoogleraar maar hoogst zelden de oorzaak van grote fraudeschandalen.

Cools wijst drie punten aan waarin de goede en foute ondernemingen wél van elkaar verschillen: extreme groeidoelstellingen, excessieve beloning voor de top en zogeheten zonnekoning-gedrag. De 25 frauderende bedrijven die hij onder de loep nam, presenteerden stuk voor stuk waanzinnige groeicijfers. Ze beloofden, jaar in jaar uit, een gemiddelde groei van 18 procent - terwijl de gemiddelde sectorgroei tussen de 5 en 8 procent per jaar lag. Dat betekende dat de ondernemingen in vijf jaar verdubbelden.

Ahold deed dat ook: Van der Hoeven beloofde elk jaar een groei van 15 procent, terwijl de supermarktsector amper 1 procent per jaar groeide. Eigenlijk moet er al een alarmbel gaan rinkelen als bedrijven zeggen twee keer zo snel te groeien als de markt, stelt de hoogleraar - laat staan dat ze vijftien keer sneller zijn.

Hoe hoger het salaris van de topmannen, des te groter de kans op fraude, vond Cools uit - die prestatiebeloning 'een gevaarlijk wapen' noemt. Bij de bedrijven die hij onderzocht verschilden de vaste salarissen niet erg van elkaar. Een topman neemt gemiddeld 90.000 dollar per jaar mee naar huis. Het verschil tussen de goede en de foute bedrijven zit 'm in de aandelen- en optiepakketten die boven op het salaris worden uitgekeerd. Bij de bedrijven die uiteindelijk aan de schandpaal werden genageld, waren die pakketten gemiddeld acht keer zo groot als bij de bedrijven die zich wel aan de regels hielden. De bonussen in geld lagen twee keer zo hoog - gemiddeld 1,9 miljoen dollar. Maar prestatieloon afschaffen is volgens Cools een heilloze weg. Wel pleit hij voor terughoudendheid. Een variabel loon van 25 tot 50 procent van het vaste salaris is in zijn ogen al heel mooi. Een hoger percentage leidt bijna onherroepelijk tot onethisch en frauduleus gedrag.

Een goede leider is iemand die bestand is tegen zijn eigen succes, meent Cools. Hij stelt dat een succesvolle, sterke bestuursvoorzitter iemand nodig heeft die hem van tijd tot tijd met beide benen op de grond zet. “Dat kan de financiële man in de raad van bestuur zijn, of de voorzitter van de raad van commissarissen. Maar het kan ook geen kwaad als het zijn echtgenote is die, als hij thuiskomt, zegt: doe eens effe normaal. Ga eens de afwas doen, of het gras maaien.“ Het beeld dat journalist Jeroen Smits van Van der Hoeven schetst in zijn boek 'Het drama Ahold' is er een van een man die steeds meer gaat geloven in zijn eigen onfeilbaarheid, ook omdat analisten en de financiële pers hem doorlopend bejubelen en prijzen met zijn bedrijfsprestaties.

Opvallend is dat uit Cools' onderzoek blijkt dat beleggers het bedrijf vaak al laten vallen vóórdat de fraude aan het licht komt. Op het moment dat bestuurders té vaak in het Stan Huygens Journaal van de Telegraaf verschijnen en te vaak opduiken in Gert-Jan Dröge-achtige programma's, kortom als ze hun rijkdom iets te royaal gaan afficheren, ruikt een aantal beleggers lont - en niet altijd ten onrechte.

Ahold heeft de claims van boze beleggers op twee continenten voor bijna 1 miljard euro geschikt. De nieuwe Ahold-topman Anders Moberg is een weinig opvallende man, die het in bedrijfsmatig opzicht heel rustig aan doet. Nederland speculeert ondertussen nog een maandje verder over de straf die Cees van der Hoeven al dan niet zou verdienen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden