Zonder prins telt Nederland niet mee

Voorzitter Juan Antonio Samaranch schreeuwde het van achter de 'regeringstafel' in de congreszaal op verzoek van de daken. ,,Ik hoop van ganser harte dat de Prins der Nederlanden zijn werkzaamheden voor het IOC weer hervat.''

Nu het Internationaal Olympisch Comité met het installeren van twee commissies, een ethische om te zuiveren en het ambitieuze IOC 2000 om de organisatie te moderniseren, van oordeel is het eigen huis grondig te hebben schoongemaakt, denkt Samaranch dat prins Willem Alexander zich niet langer afzijdig hoeft te houden van het IOC-werk.

De kroonprins trad in februari 1998 in Nagano toe tot het comité, maar de inauguratie is pas voorzien in juni, op het congres in Seoul. Hangende het onderzoek naar de corruptiepraktijken schortte Willem Alexander zijn activiteiten op.

Ook het Nederlandse IOC-lid Hein Verbruggen vindt dat het olympische comité nu aan alle voorwaarden heeft voldaan om Willem Alexander weer in de armen te sluiten. ,,Dat zou goed zijn voor de Nederlandse sport en het IOC'', betoogt hij veelzeggend. De uitspraak van Verbruggen heeft een sterk (sport)politieke betekenis. Voor het IOC maakt het niet zoveel uit of Willem Alexander nu wel of niet in het fraai vormgegeven 'smoelenboek' komt te staan. Dat kent al genoeg koninklijk bloed, van onder anderen de Engelse prinses Anne en prins Albert van Monaco. Houdt premier Kok de benoeming van de Nederlandse prins tegen, dan vindt het comité vast wel een andere Nederlander bereid in het pluche weg te zakken. Aan kandidaten ontbrak het immers niet, toen de naam Willem Alexander nog niet gevallen was.

Voor de Nederlandse sport heeft een eventueel veto van Kok wel verstrekkende gevolgen. In het IOC zitten naast persoonlijk door Samaranch geselecteerde leden, van wie Geesink er één is, ook voorzitters van internationale sportbonden (zoals wielervoorman Verbruggen). Desgevraagd ziet geen enkele IOC'er in waarom Willem Alexander nu niet de draad zou kunnen oppakken. Een onverhoopt 'nee' houdt in de praktijk in dat Nederland op de 'sportieve' wereldbol een witte vlek wordt. De repercussies laten zich gemakkelijk raden: Nederland is niet langer in de markt voor grote sportevenementen, en hoeft ook niet op een willig oor te rekenen als het gaat om het helpen oplossen van structurele problemen in de sport, zoals de bestrijding van dopegebruik. Het beleid van staatssecretaris Vliegenthart om Nederland als sportnatie op de kaart zetten, is meteen waardeloos. Dat klinkt als een dreigement, het riekt naar chantage, het is wel de realiteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden