Zonder opleiding uitgegroeid tot populaire en warme dirigent

PETER VAN DER LINT

'Hector Berlioz is een beetje triest deze ochtend, want de dirigent die zijn muziek als geen ander heeft verdedigd, Sir Colin Davis, is dood'.

Deze aandoenlijke Franse tweet over de dood van een van Engelands meest iconische orkestleiders, zegt veel. Davis, die een groot deel van zijn leven in dienst stelde van de muziek van Berlioz, stierf zondagavond na een kort ziekbed op 85-jarige leeftijd. Meteen stonden de sociale media, radio en televisie bol van persoonlijke herinneringen en warme eerbetonen.

BBC Radio 3 gooide op maandagmorgen de hele programmering om en ruimde veel tijd in voor reacties en voor een doorsnee uit Davis' enorm rijke discografie. Daar zitten opvallend veel opnamen tussen die hij maakte met het Concertgebouworkest. Davis' eerste opname in Amsterdam was Berlioz' 'Symphonie fantastique' in 1974 en het werd meteen een klassieker, die jarenlang gold als een van de beste opnamen van het werk. Heel erg goed waren ook de Concertgebouwregistraties van Haydns 'Londense symfonieën', die jarenlang als maatgevend golden.

In Amsterdam werd Davis als gastdirigent in de jaren zeventig enorm gewaardeerd in een periode dat zijn echte roem in Groot-Brittannië nog moest beginnen. Sjoerd van den Berg, voormalig adjunct-directeur van het Concertgebouworkest, herinnert zich Davis als een geweldig leuke man. "Hij was zeer humoristisch en zijn invloed op het orkest was - vooral in het begin - heel bijzonder. Hij had absoluut geen ego en hij had de gave om de musici het gevoel te geven dat ze op hun manier konden spelen terwijl hij ze toch subtiel leidde. De waardering voor hem in het orkest was groot en hij sloot met verschillende musici hier warme vriendschappen."

Violist Gordan Nikolic, concertmeester van het London Symphony Orchestra, het orkest waar Davis het langst aan verbonden was, zei in deze krant: "Er zijn dirigenten die precies weten wat ze moeten doen, precies weten wat ze willen, terwijl het toch klinkt alsof het ter plekke bedacht is. Mengelberg was zo iemand, Furtwängler, én Colin Davis."

De carrière van de in 1927 in Surrey geboren Davis begon haperend. Omdat hij geen piano speelde - hij was opgeleid als klarinettist - werd hij niet toegelaten tot de dirigeerklas van Sir Malcolm Sargent. Via omwegen kon hij uiteindelijk toch gaan doen wat hij het liefste deed: dirigeren. Zelf zei hij er ooit over: "Dirigeren heeft meer te maken met zingen en ademen dan met pianospelen."

Ambitie en ego stonden Davis aanvankelijk in de weg, totdat de filosofie op zijn weg kwam. Hij werd er een ander mens en een andere dirigent door. Hij ontspande zich door te breien, hout te hakken, of te spelen met zijn huisdier, een iguana.

Sir Colin Davis begon als dirigent bij de semi-professionele Chelsea Opera Group, waar zijn liefde voor Mozart begon ("Mozart is als het leven zelf"). Hij kreeg belangrijke chefschappen, zoals dat van het Royal Opera House Covent Garden, en bij orkesten in München en Dresden. Naast Berlioz, Mozart en Haydn had Davis een bijzondere band met de muziek van Sibelius, Dvorák en Tippett. Vorig jaar nog studeerde hij alle zes symfonieën van Nielsen in, waarvan ook opnamen zijn gemaakt.

Bij het Concertgebouworkest dirigeerde hij in 2009 voor het laatst. Op Palmzondag introduceerde hij toen James MacMillans 'St John Passion'.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden