Zonder hongbao of geen artikel, of een negatief verhaal

"Het spijt me, dat kan echt niet. U bent laat met uw aanmelding. We hebben geen rekening met u gehouden." Ik overval de dame van de afdeling persrelaties van autofabriek Hawtai. Om tien uur 's ochtends bellen over een persconferentie die om twee uur begint: hoe regelt ze nog een hongbao?

Een hongbao - letterlijk: rode verpakking - is een enveloppe met geld. Privé deel ik er regelmatig een uit en ontvang hem ook graag, want het is een gelukswens. In functie mag ik het ding echter met geen vinger aanraken. Chinese bedrijven kopen media-aandacht met een hongbao. De usb-stick, de pen en de glossy brochure kun je als pr-meisje desnoods vergeten, maar geen hongbao betekent geen artikel, of een negatief verhaal. Er worden hongbao uitgedeeld om nieuws, of non-nieuws in de krant te krijgen, of om nieuws uit de krant te houden.

Ondanks - of juist: dankzij - de hongbao hebben Chinese journalisten geen gemakkelijk leven. Altijd moeten ze rekening houden met censuur. Krijgen ze echt nieuws dat buiten de politieke beperkingen valt boven water, dan is het voor een zakenman met connecties een koud kunstje hun hoofdredacteur onder druk te zetten. Ze werken absurd lange dagen voor piepkleine salarisjes: 400 euro is een topinkomen in de Chinese journalistiek. Alleen al om reiskosten van en naar persconferenties te compenseren, pakken ze hem aan, zo rechtvaardigen collega's zichzelf.

Geen Chinese verslaggever is trots op de corruptie van de hongbao. Veel collega's raken na een paar idealistische jaren afgestompt. Cynisch zeggen ze uit te kijken naar de dag dat ze amusementsnieuws of bedrijfseconomie als specialisme krijgen. Die sectoren delen de vetste hongbao's uit.

De meeste Chinese overheden en bedrijven weten inmiddels dat westerse journalisten om ethische redenen de hongbao weigeren. Speciaal voor deze vreemde, ethische wezens in het leven geroepen: het 'westers mediapakket' dat voorziet in pr-materiaal en een foeilelijk presentje. Een kristallen bol met een nepgouden torenflat van de Partijschool in Ningbo. Een uitklapbare lepel, vork en nagelknipper van de afdeling Geboortepolitiek in Erzhuangcun. Het net-echt-houten plastic operamasker van de provincie Hunan was zo groot, dat ik het helaas in mijn hotelkamer moest achterlaten.

Hawtai is blijkbaar niet bijgeschoold in westerse medianormen. Liefjes leg ik uit dat ik de hongbao niet wil, maar een interviewtje met de grote baas van Hawtai. Zodra de pr-afdeling dat hoort, is het meisje opgelucht. Dat interview krijg ik niet - dat weet ik, en dat weet zij. Dat zeggen we heel Chinees niet tegen elkaar. Waar het nu om gaat, is dat zij mijn naam op de lijst zet. Dat doet ze alleen als ze kan gaan lunchen, in plaats van haar meerdere om toestemming te vragen een extra rode envelop met inhoud weg te geven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden