de megastad

Zonder arbeidsmigranten zou Moskou simpelweg niet functioneren

Beeld Geert Groot Koerkamp

De blauwe zitbank in onze woonkamer heeft duidelijk zijn langste tijd gehad. Vijftien jaar intensief gebruik door een opgroeiende kinderschare hebben onmiskenbare sporen achtergelaten. Kleine slijtplekken werden scheuren, scheuren werden gaten, waarin kinderhanden met gemak en met graagte een weg zochten naar het onderliggende vulsel. Uitgeleefd, op.

Wat doe je als bewoner van een Moskouse flat met een uitgeleefde bank? Een kringloopwinkel is er niet, en aan de weg zetten is verboden. Dus bel je Azat, of een van zijn collega’s. Azat komt uit Tadzjikistan. Hij is een van de talloze dvorniki die Moskou rijk is, de mannen die ervoor zorgen dat het ‘erf’ rond de flat er het jaar rond netjes bijligt. De dvornik maait het gras, veegt in het najaar het blad bij elkaar, maakt wegen en paden sneeuwvrij, verft de hekken en bindt ­ieder voorjaar weer de slepende strijd aan met het in de wintermaanden aangezwollen sneeuwdek. Als de zon aan kracht wint, gaan de dvorniki eropuit om de platgetrapte en hardbevroren sneeuw los te hakken, om het smelten te bespoedigen.

Doorverkopen

Tussen al die slopende taken is er genoeg tijd over om het karige loon aan te vullen. Bijvoorbeeld door de bewoners tegen betaling te helpen van hun oude meubels af te komen. Voor duizend roebel wordt de versleten bank thuis opgehaald, om uiteindelijk zijn weg te vinden naar een van de grote vuilcontainers in de buurt. Tien tegen een dat de bank daaruit nog voor het eind van de avond weer is verdwenen, want de inhoud van die containers wordt dagelijks grondig geïnspecteerd door mensen die op zoek zijn naar nuttige spullen om te kunnen doorverkopen. Ook die oude bank zal wel weer ergens een plekje vinden. Het principe van de kringloopwinkel, zij het met een kleine omweg.

Iedere binnenplaats, ieder dvor, heeft zijn eigen dvornik. De meesten komen van buiten Rusland. Hier is het Azat, iets verderop begint het territorium van de Oezbeek Alisjer. Een ander belendend flatgebouw is het werkgebied van Dima. Die onvervalst Russische naam heeft hij zichzelf toegeëigend, in de stellige overtuiging dat de plaatselijke Moskovieten zijn echte Oezbeekse naam toch niet kunnen onthouden. Zo ken ik nog een Oezbeek die zichzelf met een ironische grijns voorstelt als ‘Misja’.

Vergrijzing

Zonder arbeidsmigranten als Azat, Alisjer en Misja zou Moskou simpelweg niet functioneren. Zij ruimen niet alleen de sneeuw en legen de ­afvalbakken, maar leggen ook ­wegen aan en worden massaal ingezet in de bouw van steeds nieuwe buitenwijken. Ze grijpen met graagte werk aan dat naar Russische begrippen slecht wordt betaald en waar de plaatselijke bevolking al snel de neus voor ophaalt.

Nu het economisch beroerd gaat in Rusland, neemt ook de instroom van arbeidsmigranten af. Dat baart de nodige zorgen, want Rusland heeft mede door de ongunstige demografische ontwikkeling zelf niet genoeg handen om al het werk te doen. De Moskouse burgemeester erkent volmondig dat het voor zijn stad ‘niet best’ zou zijn als al die veelal Centraal-Aziatische werkkrachten plots zouden wegblijven. ‘Onze­­’ Azat peinst daar niet over. Als dvornik zit hij er warmpjes bij, zeker als hij naast zijn reguliere taken makkelijk kan bijverdienen door af en toe eens een oude bank weg te sjouwen.

Uitdijende metropolen bieden een groeiend deel van de wereldbevolking onderdak. Hoe houden de mensen het daar leefbaar? Trouw-correspondenten doen wekelijks verslag uit hun eigen megastad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden