Zondagsscholen tussen de priklap en de Toorn Gods

De ontkerkelijking schrijdt met rasse schreden voort en Nederland behoort in dit opzicht zelfs tot de Westeuropese koplopers. Wat doen de kerken eigenlijk aan de basis om de ontkerkelijking tegen te gaan? Hoe houden de kerken de kinderen bij de kansel? Een reportage over de kweekvijver van het evangelie: de zondagsschool.

Een snelle blik op het bordje 'in-uit' leert dat er deze zondag slechts tien van de dertig leerlingen zijn komen opdagen op de zondagsschool van de lutherse gemeente in Amsterdam. Allemaal in hun zondagse kleren. Faddia draagt haar zondagse jurk, Clara een prachtige ketting en ook hun vriendjes en vriendinnetjes zien er in hun ribbroeken, Schotse kilts en lakschoenen bepaald niet uit alsof ze hutten gaan bouwen. Ook de zondagsschool van de hervormde gemeente Zwaag-Risdam, onder de rook van de kinderrijke forensengemeente Hoorn, kampt met gebrek aan klandizie. “Meestal zijn er zo'n zeven kinderen”, zegt de juf van de zondagsschool, “en dat neemt tegen Kerstmis toe tot zo'n tweeëntwintig.”

In bijbelvaste gemeentes als Katwijk zitten de zondagsscholen nog wel vol. Niks geen ontkerkelijking. Gewoon je bijbel pakken, meezingen en meebidden. Zo gaat dat ook in de Nederlandse hervormde zondagsschoolvereniging 'Het Mosterdzaadje' in Katwijk aan Zee. Opgericht in 1857 telt de vereniging 1300 leerlingen, verdeeld over elf afdelingen. Dit lijkt een respectabel aantal, maar dertig jaar geleden telde de vereniging nog 2500 leerlingen. “Vooral die van over de Rijn, in de nieuwbouw, die komen niet meer”, vertelt de voorzitter van Het Mosterdzaadje.

Waarom loopt, zelfs hier, het zondagsschoolbezoek zo terug? Deze ontwikkeling zette al in met de invoering van de leerplicht. Oorspronkelijk was de 'inrigting voor havelooze kinderen' vooral bedoeld voor kinderen die door de week geen onderwijs genoten omdat zij een bijdrage moesten leveren aan het schamele gezinsinkomen. Op zondag werden ze dan naar de zondagsschool gestuurd om te leren lezen. Eén van de eerste zondagsschoolliedjes heette dan ook: 'De Heer zij geprezen, omdat ik kan lezen', geschreven door de oprichter van de zondagsschool Jan de Liefde.

Na de oorlog nam het bezoek aan de zondagsschool nog verder af. De daling van het kindertal was daarvoor een belangrijke reden, maar belangrijker is de algemene secularisatie vanaf midden jaren zestig.

Vijfjes

De zondagsschoolbezoekers zijn tegenwoordig vooral kleuters. 'De vijfjes' worden ze genoemd op de zondagsschool van de lutherse gemeente in Amsterdam, de kinderen tussen drie en zeven jaar. Ook in Zwaag-Risdam zijn het de kleuters die naar de zondagsschool gaan. Ze gaan niet met de ouders naar de kerk. “In de jaren vijftig kwam men er achter dat de kerkdienst niet aantrekkelijk was voor kinderen”, zegt Ton Heyboer van de 'Nederlandse Zondagsschool Vereeniging in Amsterdam', waar zo'n driehonderd zondagsscholen en drieduizend kindernevendiensten bij aangesloten zijn. Tot die tijd gingen de kinderen tussen twee kerkdiensten door naar de zondagsschool. Nu gaan de kinderen naar de zondagsschool als de ouders in de kerk zitten. “Het is belangrijker kinderen de relevantie van bijbelverhalen te laten zien, dan hen heel veel feitenkennis bij te brengen”, meent Heyboer. “Je kunt natuurlijk alleen het verhaal vertellen van Jezus die over het water liep, maar veel kinderen weten dat dat in 't echt niet kan. Daarom kan je zo'n verhaal óók aangrijpen om iets te vertellen over hoe het leven in elkaar zit. Jezus moest bijvoorbeeld door de hoge golven lopen om zijn doel te bereiken en zo moet je in het echte leven óók wel eens problemen overwinnen om je doel te bereiken.”

Dit soort 'vrijzinnigheid' is taboe bij de concurrerende 'Nederlandse Zondagsscholen Bond op Gereformeerde Grondslag', waar ongeveer 350 zondagsscholen bij aangesloten zijn. “Als we te kritisch te werk gaan, krijgen we een verminkte bijbel”, zegt Kees Maaskant, secretaris van de bond. De bond gaat uit van de historische waarheid van schepping en zondeval en wijst 'modernistische' interpretaties van de hand. Ook in de wekelijkse zondagsschoolbijeenkomsten wordt de letter van de bijbel strikt gevolgd.

“Wij brengen de kinderen bijbelse waarden en normen spelenderwijs bij”, zegt de juf van de zondagsschool in Zwaag-Risdam. Dit jaar voeren de kinderen de musical 'Saul. Koning tegen wil en dank' op. Zelfs kinderen van buiten de kerk willen graag meedoen en dat mag ook. Musicals en andere speciale activiteiten zorgen er voor dat de jeugd toch nog bij de kerk betrokken blijft. De opkomst blijkt veel trouwer te zijn als er dit soort festiviteiten georganiseerd worden. Bijbelverhalen worden verteld en gespeeld, er wordt volop gezongen, maar het psalmboek is bij de kinderen niet echt populair.

Zwart pak

In Katwijk moet je wèl zorgen dat je je psalmenboekje bij je hebt. De les begint precies om twee uur als organist Leendert psalm 72 vers 1 inzet. Achter de lessenaar zit de meester in zwart pak. Wie de psalmen voor die week goed geleerd heeft krijgt een plaatje van Mozes bij de brandende braamstruik of van de verovering van Jericho. Daarna kiest een van de kinderen lied 187 'Als g'in nood gezeten', uit de bundel 'Wie zingt mee'. Iedereen dus.

Ook in Zwaag-Risdam zingt iedereen mee, maar wel met een heel ander lied. In Zwaag-Risdam zingen de kinderen uit volle borst mee met het lied over de reizende stuiver. 'Ik heb een stuiver in mijn hand, die gaat reizen door het land'. De stuiver is verborgen in één van de vuisten van de kinderen. Faddia, Clara en hun klasgenootjes van de zondagsschool in Amsterdam zingen óók een liedje, 'Ga je mee, ga je mee, om de Heer te prijzen'. De bijbehorende stoelendans lijkt bijna nog leuker dan het zingen.

Na de liedjes is er een verhaal. “De koning van Perzië was op zoek naar een koningin”, vertelt de juf. “In het paleis van de koning werkte een mooi, joods meisje dat Esther heette. De koning werd verliefd op haar en maakte haar tot zijn koningin. Zo had de koning van Perzië een vrouw gevonden.” In Katwijk vertelt de meester heel wat anders: “De Here God was de koning van Israël en nóg was het volk van Israël niet tevreden”, vertelt hij. Bij navraag blijkt een aantal kinderen ook nooit tevreden te zijn. De meester vertelt ze dat ze tevreden zouden moeten zijn omdat de Here voor hen allemaal is, want “wie God verwerpt, heeft smart op smart te vrezen”. De meester doet zijn best de leerlingen uit te leggen dat zij God's toorn over zich afroepen “als ze kwaad blijven doen en niet doen wat de Here Jezus van ze vraagt: een leven geofferd vóór en óm de Heer.” Ook de meester zelf vreest de toorn Gods. “De ogen van Boven maakten me zenuwachtiger dan uw aanwezigheid”, vertelt hij naderhand.

Plakken en prijzen

Van de persoonlijke vrees voor de toorn Gods is op de zondagsschool van de lutherse kerk in Amsterdam niet veel te merken. Faddia en Clara en hun klasgenootjes zijn in de slag met papier, naald en priklap. Ze hebben net het verhaal van 'Zacheüs in de boom' gehoord en nu gaat 't er om wie 't mooist de boom van Zacheüs uit kan prikken. Ook in Zwaag-Risdam wordt geknipt en geknutselt. Papier, schaar en plaksel worden uitgedeeld om het kroontje van koningin Esther te maken.

In Katwijk doen ze niet aan knippen en plakken. Gewoon ouderwets bidden, zingen en prijzen anders hebben de kinderen geen idee meer wat de kerk is.

Hoe denken de kerken in de toekomst eigenlijk de kinderen aan zich te kunnen blijven binden?

Ton Heyboer is duidelijk: “Het moderne kinderkerkewerk moet méér zijn dan bijbel en psalmverzen. De ontkerkelijking zal in de toekomst 't hardst toeslaan bij die stromingen die vasthouden aan de historische waarheid van de bijbel”, zegt hij. Om die ontwikkeling te voorkomen pleit hij voor een flexibeler en meer symbolische interpretatie van bijbelteksten zonder de historiciteit ervan te ontkennen. Daarnaast is volgens hem het organiseren van musicals, adventsprojecten en Derde-Wereldprojecten niet alleen leuk voor de kinderen, maar óók zinvol voor de kerk zelf. Dit soort projecten heeft ook een missionair karakter omdat er veel buitenkerkelijke kinderen aan meedoen.

De zondagsscholen-bond op gereformeerde grondslag gelooft dat de zondagsschool moet blijven staan waar ze altijd voor stond: vernieuwing van het hart van het kind door de Geest des Heeren. Vrijzinnige interpretaties zijn daarbij ongewenst.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden