Zomaar een vreemde doden, wie doet zoiets?

Politie bij de vermoedelijke woning van Thijs H. aan de Hooikade in Den Haag. H. wordt verdacht van het doden van twee mensen op de Brunssummerheide en een 56-jarige vrouw in Den Haag. Beeld ANP

Bij op het oog onverklaarbaar geweld, zoals in Den Haag en op de Brunssummerheide, hoeft een psychisch probleem niet de oorzaak te zijn.

Of de 27-jarige student Thijs H. inderdaad betrokken is bij de dood twee zestigers op de Brunssummerheide en een 56-jarige vrouw in Den Haag, weten we nog niet. H. is slechts verdachte. Maar sinds zijn arrestatie woensdag hangt de vraag boven de markt: wat kan iemand drijven tot een plotselinge gewelddaad op ogenschijnlijk willekeurige slachtoffers?

Of H. zijn slachtoffers kende en wat hij precies mankeert, weten we niet. Het OM heeft slechts naar buiten gebracht dat hij in behandeling ‘is of was’ bij een ggz-instelling. “Het is speculeren nu”, zegt hoogleraar psychiatrie Jim van Os aan het UMC Utrecht. “Was het een psychose? Slikte hij antidepressiva en speelden die een rol? Had het te maken met een hersenziekte? Had hij paddo’s gegeten? Had hij een beginnende hersenvliesontsteking of een beginnende tumor? Mensen willen een verklaring, maar die is er vaak niet. Mensen doen soms onverklaarbare dingen.”

Van Os herinnert zich de discussie over de Duitse co-piloot die in 2015 bewust tegen een berg vloog en zo 150 inzittenden doodde. Daar werd ook gesproken over een depressie. “Maar een vliegtuig tegen een berg laten storten, is geen symptoom van een depressie”, stelt Van Os. “Het is geen symptoom van een psychische stoornis dat je agressief wordt en mensen vermoordt.”

Criminoloog en psycholoog Marieke Liem van de Universiteit van Leiden bekijkt het van een andere kant, vanuit de justitiedossiers. Ook zij wil niet vooruitlopen op wat er speelde in deze zaak, omdat H. nog verdachte is. Wel wil ze in algemene zin iets zeggen over moorden waarbij dader en slachtoffer elkaar niet kennen, zoals hier het geval lijkt. “Bij de meerderheid van alle moord- en doodslagzaken kennen dader en slachtoffer elkaar”, zegt ze. Slechts in ongeveer twintig zaken per jaar, 10 procent van alle levensdelicten, is dat niet het geval. 

Het aantal zaken waarbij een ‘ernstige psychische stoornis’ een hoofdrol speelt bij het doden van een vreemde, is in verhouding klein. Uit een analyse van zaken uit de afgelopen 25 jaar blijkt volgens Liem dat het gemiddeld vijf keer per jaar voorkomt dat dader en slachtoffer geen familie zijn én dat een psychische stoornis geldt als belangrijkste oorzaak. Dat komt neer op zo’n 2 procent van alle zaken.

“Er is een hele zwakke statistische relatie tussen geweld en psychische aandoeningen”, oordeelt Van Os, anders dan Liem. “Wat echt een rol speelt bij geweld, zijn armoede en het gebruik van drugs en alcohol. Het is wel zo dat mensen door een psychische aandoening soms aan de zelfkant van de samenleving terecht komen”, zegt hoogleraar Van Os. “Maar dat lijkt hier niet het geval te zijn geweest.”

Lees ook:
Tussen psychische problemen en terrorisme zit een dunne lijn

De grens tussen mentale problemen en terrorisme is vaak diffuus, zegt terrorismedeskundige Liesbeth van der Heide van de Universiteiten Leiden. Wereldwijd zien we de laatste jaren vaker mengvormen van psychische problemen en terreur.

Politie zinspeelt op psychische problemen van drievoudig moordverdachte Thijs H.

Thijs H., die wordt verdacht van het doden van drie mensen in Den Haag en Zuid-Limburg, is of was in behandeling bij de psychiatrische instelling Mondriaan in Maastricht, zegt het OM.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden