’Zoekend gelovend’ vond de pastor zeven chakra’s

Zonder religieuze beleving geen religie – misschien is ze wel de kern ervan. Toch lees je er maar weinig over. In deze rubriek beantwoorden mensen vragen over wat ze op religieus gebied hebben beleefd. Vandaag: Boele Ytsma.

Wat hebt u meegemaakt?

„Als een berg zag ik tegen Pasen op. Ik twijfelde aan zo goed als alles – waarom zou er iemand dood moeten gaan voor mijn zonden?

Maar ik was wel de geestelijk vader van een kleine, blije evangelische gemeenschap waar ik met de Paasviering moest voorgaan.

Een half jaar ervoor was onverwachts mijn kathedraal van zeker weten ingestort. Dat er scheurtjes in de muren zaten wist ik al langer, maar de totale instorting had ik niet zien aankomen.

Ik dacht: als ik mijn geloof dan toch moet kwijtraken, zal ik een handje helpen, en ik begon Nietzsche te lezen.

Niet dat ik in deze crisis tot enig nieuw inzicht kwam. Ik stelde geen nieuwe vragen en kreeg al helemaal geen nieuwe antwoorden. En toch had ik zo’n existentiële revolutie nog nooit meegemaakt.

Het was bijna Pasen. In paniek op zoek naar raad, klopte ik aan bij een bevriende vrijzinnige predikant.

Hoe moest ik als pastor leiding geven aan de Paasdiensten terwijl ik helemaal niet meer kon geloven dat God ons alleen kan vergeven door Jezus voor onze zonden te laten sterven? Hij vroeg: ’Hoe deed je de Paasvieringen in vorige jaren?’ Ik vertelde het hem: de diensten bestonden uit de gewone opeenvolging van bijbelteksten en liturgische momenten.

’Doe het dan dit jaar gewoon ook zo’, raadde hij me aan. ’Geef geen uitleg, laat het gewoon gebeuren’.

Het werd Pasen, ik las de woorden uit de bijbel, en ik deed de rituelen zoals die zijn overgeleverd.

Terwijl ik het deed merkte ik dat mijn kritische vragen volstrekt irrelevant waren. Het werd zelfs mijn mooiste Paasviering ooit. Hoewel ik bij het denken over ’het geheim van Pasen’ alleen nog maar kon stotteren, voelde ik me geraakt tot op mijn botten. Ik voelde het mysterie van het hoop verliezen en nieuw leven vinden aan den lijve.

Het drong zich op, ondanks mijzelf, ondanks mijn vragen en twijfels, zonder dat door mij geconstrueerde woorden de ervaring konden bederven.

In grote woorden: ik beleefde de onvoorwaardelijke liefde van God. Zo van: ’jij mag twijfelen wat je wilt, ik hou gewoon van je’.”

U was dus niet werkelijk een ongelovige geworden?

„Intellectueel klopte het inderdaad niet. Ik twijfelde aan het bestaan van God en was tegelijk boos op zijn beleid: een theoretische onmogelijkheid. Kennelijk twijfelde ik niet heel fundamenteel aan zijn bestaan.

Deze constatering was een van de eerste ankerpunten die me deed constateren dat na het instorten van de kathedraal van zeker weten God kennelijk toch niet helemaal dood was. Kennelijk was ik alleen maar boos op een beeld van God, mijn twijfel ging over de concepten van God, niet over God zelf. Er bleven momenten van godsontmoeting – ontroering, besef van aanwezigheid, van samenhang van alle dingen, van leiding waar anderen spreken over toeval.”

Je kunt ook zeggen: u was zo sterk door uw geloof gepokt en gemazeld dat de ervaring onafhankelijk bleef van uw gedachten erover?

„De constatering dat mijn geloof zich kennelijk onafhankelijk van mijn denken voltrekt, gaf me ruimte verder te gaan op het met die Paasdienst ingezette pad. Ik vraag me niet meer af hoe het met God en de wereld in elkaar zit. Want als ik buiten mijn eigen leven om nadenk over God, raak ik verstrikt in dogmatische constructies die niet kloppen.

Ik probeer zo goed mogelijk Jezus na te volgen. Pas als ik met God op weg ga, met hem leef, dan kom ik hem tegen. De waarheidsvraag is voor mij niet meer van belang, wel de betekenis van mijn geloof in het dagelijks leven. Want aan de vruchten kun je de boom kennen. Tegelijk zit ik zelf ook met de vraag: is dit een taalkundige constructie van een gelovige die niet onder ogen wil zien dat hij toch van alles voor waar houdt? Ik vind het zelf ook vaak vreemd. Ik ben een ’zoekend gelovige’.”

Zoekend gelovend kwam u ook uit bij chakra’s, veronderstelde energiecentra in het lichaam?

„Niet vanuit de vraag of het waar is, maar vanwege de toepasbaarheid, ben ik naar het leven gaan kijken in termen van chakra’s.

Met het idee dat het lichaam zeven chakra’s telt, leerde ik mezelf beter kennen. Het lichaam geeft bijvoorbeeld eerder signalen van stress dan dat de geest zich van die stress bewust wordt. Voel je je onderbuikchakra, dan kan het zijn dat je gekrenkt bent, voel je je keelchakra dan speelt er mogelijk een remming in de communicatie. Chakra’s zijn zo een model dat helpt mijzelf te begrijpen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden