’Zoals aan zee’

Bekende en minder bekende Nederlanders kiezen hun persoonlijke motto, leefregel of ultiem inspirerende zin.

’Aan de muur in mijn werkkamer hangt een gedicht van de Franse dichter Paul Valéry waarin hij de onstuimigheid van de zee vergelijkt met de onstuimigheid van de tijd. Comme au bord de la mer heet het, ’Zoals aan zee’. In dat gedicht wordt de tijd beschreven als de zee die geeft en neemt, inslikt en uitbraakt, zich overgeeft en zich weer in zichzelf terugtrekt als in een eindeloos patroon van winnen en verliezen, op de vloedlijn van scheiding en verzoening. Als mens ben je overgeleverd aan die beweging van eeuwigheid en vergankelijkheid, als eb en vloed. Aan het eind van het gedicht wordt duidelijk dat het Valéry te doen is om het verlangen aan dit ritme te ontsnappen, om de wens ’een tijd te werpen buiten de tijd’.

Dat verlangen is een verbindende schakel in mijn leven. Het vertegenwoordigt voor mij het mooiste in de politiek – de inzet een betere wereld te creëren – en in het christelijk geloof – het visioen van een wereld waarin dood en lijden geen macht meer bezitten. Maar het verlangen om te ontsnappen aan de tijd, aan het ritme dat het menselijk leven bepaalt, heeft ook gevaarlijke kanten. Het kan leiden tot een minachting van het gewone, alledaagse leven en daarmee van het menselijke zelf. Het heeft in de politiek geleid tot totalitaire waanideeën en verwoestende regimes en in de kerk onder meer tot de gedachte dat een leven na de dood belangrijker is dan het hier en nu, met alle gevolgen van dien.

Vreemd genoeg heb ik die ’tijd buiten de tijd’ het sterkst ervaren op momenten dat ik het meest samenviel met het hier en nu, momenten waarop ik letterlijk ’de tijd vergat’. Dat zijn de momenten waarop ik was waar ik wilde zijn en niet verlangde naar ’elders’, zoals kan gebeuren als je bij iemand bent van wie je houdt. Of wanneer je weet dat je iets te doen staat wat niemand anders kan doen. Tegelijkertijd weet je dat je weer weg moet van dat moment, terug naar het alledaagse bestaan met zijn plichten en pleziertjes. De persoonlijke geluksmomenten kunnen niet eeuwig zijn zoals de zee, in elk geval niet zolang het rijk Gods nog niet voor iedereen is aangebroken.

Deze spanning tussen het verlangen naar een andere wereld en de actuele werkelijkheid is onontkoombaar en onoplosbaar. Ik denk dat we hem ook niet moeten willen oplossen. Politici en kerkvorsten hebben die neiging soms wel. Ofwel door – soms met geweld – hun eigen orde aan anderen op te leggen, ofwel door ’boven de partijen’ te willen staan. Het ontkennen of bedekken van tegenstellingen leidt tot een valse verzoening, die niets oplost.

De kerken kregen pas een rol van betekenis in de strijd tegen apartheid toen ze verzoening niet langer verstonden als de opdracht tot harmonie, maar begrepen dat zij zelf partij in het conflict waren en de kant kozen van de slachtoffers van apartheid. Het inzicht van de oecumenische beweging dat er geen verzoening is zonder gerechtigheid, is wat dit betreft cruciaal.

Wanneer ik langs de zee wandel en de eindeloze herhaling van vergankelijkheid en eeuwigheid in mijn oren ruist, realiseer ik me dat verzoening alleen is gelegen in de acceptatie van deze spanning. Je kunt niet altijd buiten de tijd willen zijn, ergens ’niet’ willen zijn. Je moet ook aanvaarden wat er is.”

Erica Meijers (1966) is hoofdredacteur van De Helling, het kwartaalblad van het wetenschappelijk bureau van GroenLinks. Op 13 juni promoveert ze op het proefschrift ’Blanke broeders – zwarte vreemden. De Nederlandse Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de apartheid in Zuid-Afrika 1948-1972’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden