Column

Zo vreemd zijn de cijfers van Feyenoord niet

Henk HoijtinkBeeld Maartje Geels

Giovanni van Bronckhorst had het over Willem en Leo. Willem van Hanegem en Leo Beenhakker, de trainers die, lang geleden, vóór hem kampioen met Feyenoord werden. Ook zij konden het succes in de competitie geen vervolg geven. Dat is niet makkelijk, zei Van Bronckhorst.

Hij memoreerde Willem en Leo dinsdag, daags voor de bekerwedstrijd tegen Willem II. Het is 20, 25 jaar geleden, specificeerde Van Bronckhorst niet zonder bedoeling: zo is de geschiedenis van de club, en niet anders.

Ik schrijf even uit wat Van Bronckhorst wilde zeggen. Van Hanegem werd in 1993 kampioen met Feyenoord. In de twee seizoenen erna eindigde hij, omgerekend naar het driepuntensysteem, op 10 en 26 punten van kampioen Ajax.

Beenhakker werd in 1999 kampioen met Feyenoord. Hij haalde het einde van het volgende seizoen niet: in april stapte hij op. Feyenoord eindigde op 20 punten van kampioen PSV.

Gelijkmatigheid

Feyenoord was in 1999 de kampioen van de gelijkmatigheid geweest. Dat is Feyenoord altijd, de weinige keren dat het kampioen wordt: de spelers spreken door de bank genomen minder tot de verbeelding dan die van vooral Ajax. Weldra was in 1999-2000 van die gelijkmatigheid weinig over geweest. In Rotterdam werd steen en been geklaagd: er was niet goed ingekocht, het team maakte geen vooruitgang.

Klinkt bekend, hè? Zo is de geschiedenis van de club.

Het is 'niet makkelijk', vul ik voor Van Bronckhorst in, omdat Feyenoord van onze topclubs structureel de minste mogelijkheden heeft. Ons land is te klein voor drie gelijkwaardige topclubs - net als bijvoorbeeld België en Portugal, niets vreemds.

Het verschil in de diepste kern: vorig seizoen had Feyenoord grotendeels gewone voetballers plus Dirk Kuijt, bindmiddel met in Nederland niet voor niets uitzonderlijke kracht, nu heeft Feyenoord grotendeels gewone voetballers. Spelers die het schip recht houden, niet als het lekker loopt, nee, bij tegenspoed, geen trainer kan zonder en Van Bronckhorst heeft ze niet.

Diep vallen

De achterstand van 23 punten op koploper PSV roept in Rotterdam verontwaardiging op: dat kán toch niet? O, nee? Gewone voetballers kunnen zonder fundament diep vallen, en zo vreemd zijn de cijfers met een blik op de geschiedenis niet.

Ook dinsdag beantwoordde Van Bronckhorst alle vragen geduldig, in vloeiende zinnen en rake bewoordingen. Hij zei dat hij, de trainer, verantwoordelijk is - natuurlijk kent hij de wereld.

Dat las ik daags erna overal terug. Het is het houvast van de voetbaljournalistiek, het middel om af te rekenen.

De herinnering aan Willem en Leo zag ik in geen enkele krant terug. Het bredere verhaal, dat het onredelijk is om van een trainer vooruitgang te verlangen die op een bepaalde grens met gewone voetballers niet te boeken is, dat iemand daar verantwoordelijk voor houden dan ook iets heel loos en ambtelijks in zich kan hebben - het werd volledig verzwegen.

Carrousel van de irrealiteit

Zo draait in Rotterdam de carrousel van de irrealiteit door, jaar na jaar. Ruim anderhalve maand, tot de finale eind april, zal in steeds hetere sferen de vraag worden opgeworpen en afgekloven of bekerwinst het seizoen van Feyenoord nog zou kunnen redden. Die balans maak ik na het seizoen op, zei Van Bronckhorst bedaard. Als het nog kan, voegde hij er met een soeverein lachje aan toe.

Het kind van de club weet als de beste: wat er ook gebeurt, ook eventueel met hem, de waarheid van de club zal niet veranderen.

Chef sport Henk Hoijtink schrijft elke zaterdag een column over de voetbalwereld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden