Zo stil, in hartje Amsterdam

Neem een zijstraatje van de Amsterdamse Zeedijk en je komt niemand meer tegen. Een wandeling met auteur Nina van der Weiden.

Alsof heel shoppend Nederland zich in de Bijenkorf heeft verzameld en alle Chinese, Japanse, Franse, Italiaanse en Amerikaanse toeristen de fietspaden, tramrails en wegen expres gebruiken om koffers op te verslepen, stadskaarten te lezen of te leren fietsen. Dat is het centrum van Amsterdam.

De in Castricum geboren Nina van der Weiden (26) woont al zes jaar in de hoofdstad, dus kent ze deze taferelen. Het vervelendst? Dat zijn de lallende Britten op het Leidseplein om wie ze altijd met een boog heen loopt. "Vooral om een uur of vijf 's nachts", zegt de afgestudeerd politicologe. "Dan zijn ze niet meer aanspreekbaar en wonen ze de stad uit."

Ze schreef er een boek over. Niet specifiek over die lallende Britten, maar wel over hoe deze en andere toeristen in de stad te mijden. 'How To Avoid The Other Tourists' is een boekje vol wandelingen, eettentjes en weetjes, dat een heel ander Amsterdam laat zien dan veel van de negen miljoen toeristen die de stad jaarlijks bezoeken gewend zijn. Niet het Rijksmuseum, het Damrak en het Leidseplein, maar de Dappermarkt in Oost, het Wilhelmina Gasthuis in West en de Koekjesbrug over de Singelgracht.

Ze struinde ervoor met Google Maps als gids door alle stadsdelen, sloot zich op in het stadsarchief, benutte dagjes uit met vrienden en familie om de beste cafés en eettentjes op te sporen en stelde zo uiteindelijk achttien wandelingen samen. Allemaal met een eigen verhaal. Het liefst had ze een statement gemaakt: een reisgids over Amsterdam zónder het drukbezochte centrum. Want dat toeristische deel, rond Damrak en Wallen, met zijn coffeeshops en shoarmatenten, vertegenwoordigt lelijk Amsterdam, vindt Nina. "Ik wil het Amsterdam van de Amsterdammers laten zien, het mooie Amsterdam. En zo bijdragen aan de lang gekoesterde wens van de gemeente om de druk op het centrum af te laten nemen."

Maar als ik haar op een druilerige zondagmiddag tref voor een wandeling uit haar boek staan we toch in het toeristische hart van de stad: de Wallen. "Ik kon het niet maken om het centrum uit mijn boek te laten. Er is hier ook zoveel moois", zegt ze ietwat verontschuldigend als ik haar vlak voor het NH Barbizon Palace de hand schud. Is het mogelijk, vraag ik, toeristen te mijden in dit gedeelte van de stad? Nina knikt en schiet een paar tellen later de Zeedijk op. Een klein groepje toeristen strompelt er langs de coffeeshops, staart af en toe de etalage van een souvenirwinkel in. Waarschijnlijk zijn ze net ontwaakt uit een diepe roes van alcohol en wiet.

Het is een van de weinige keren dat we de menssoort toerist van dichtbij zullen aanschouwen, want Nina schiet met haar snelle tred in verlaten straten en stille steegjes met vreemde namen als Elleboog- of Stormsteeg. We wandelen langs de open keukendeuren van het Chinese restaurant Nam Kee, langs opgedoekte prostitutieramen en andere voor mij onbekende bezienswaardigheden. De Schreierstoren aan de Prins Hendrikkade bijvoorbeeld: hier weenden in de 16de eeuw vrouwen en kinderen als ze hun mannen en vaders uitzwaaiden die uit de haven vertrokken.

Terug op de Zeedijk worden we onverhoopt zelf voor irritante toeristen aangezien door een woest bellende fietser. We steken snel de rustige, doodlopende Spooksteeg in, die haar naam dankt aan haar onbekendheid. "Bijna niemand weet dat-ie bestaat", vertelt Nina. En dat blijkt, want slechts honderd meter verderop loopt de kudde met honderden door dezelfde straten, langs dezelfde ramen en ijssalons. "Zonde", verzucht Nina. "Zie je de Matahari daar, dat is misschien wel de leukste tent van het centrum. Niemand komt op het idee om die straat in te gaan." En ook Brouwerij de Prael, een gracht verder, behangen met Amsterdamse vlaggen en volgestouwd met zelfgebrouwen bier, is leeg. Het prachtige Museum Ons' Lieve Heer op Solder (de katholieke schuilkerk) ernaast trekt ook niet veel bekijks, ook al is het op het Rijksmuseum na, het oudste museum van de stad.

Via de Nieuwmarkt komen we bij een van Nina's favoriete delen van het centrum: de vijf eeuwen oude Recht Boomssloot. Burgemeester en scheepsbouwer Cornelis Pietersz Boom legde hier brede grachten aan om zijn schepen makkelijker te kunnen vevoeren. De Recht Boomssloot staat anno 2016 te boek als een van de mooiste grachten van de binnenstad. Maar ook hier alleen een paar moeders met boodschappentassen.

De wandeling zet zich voort langs oude pakhuizen, de Montelbaanstoren die vanwege zijn vroeger spontaan luidende klokken gekscherend Malle Jaap wordt genoemd, en het Scheepvaarthuis: voorheen het hoofdkantoor van een aantal scheepvaartmaatschappijen, nu een vijfsterrenhotel. We komen voorbij oude gasthuizen (ooit berucht vanwege dronken en stelende verplegers, inmiddels onderdeel van de Universiteit van Amsterdam), snuffelen kort op verstopte boekenmarktjes, wandelen langs de kloosterrestanten op de Nes. Een uur lang vrijwel geen toerist te bekennen.

Toch vraag ik me af of de toerist die is gekomen voor legale jointjes, het Anne Frank Huis, de rosse buurt en het Van Gogh Museum wel zit te wachten op deze stilte. "Ik maak me geen illusies", antwoordt Nina. "Mijn boek is niet per se voor die doelgroep, maar voor de avonturiers. Mensen die niet de gebaande paden volgen. Dat doe ik ook niet als ik met vakantie ben."

'How to avoid the other tourists' van Nina van der Weiden is voor euro 14,95 te koop bij de Local Goods Store, Museumshop Stedelijk Museum en Bol.com. Howtoavoidtheothertourists.com

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden