Zo Nederlands als Goudse kaas, maar met een iets ander perspectief

NUWEIRA YOUSKINE

Een columnist die niet af en toe een wenkbrauw (of twee) doet fronsen, doet zijn werk niet goed. Dus accepteer ik het gelaten als mensen me verontwaardigde of boze e-mails sturen als reactie op een stukje. Het hoort erbij, en vooral als je veel over de islam schrijft, kun je het een en ander verwachten. Vorige week echter, meende ik nu eens iets te hebben geschreven waar met de beste wil van de wereld niemand aanstoot aan kon nemen.

Het ging over het legendarische, Nederlandse ene koekje bij de koffie en de vermeende Nederlandse gierigheid. Gewoon, iets luchtigs. Wie schetste mijn verbazing toen ik alsnog een mail kreeg. De dame in kwestie begon me uit te leggen wat het nut van de koekjestrommel was. Het bericht eindigde met heel wat fundamentelere punten. Ik zou lijfstraffen en aanslagen vergoelijken, niet instemmen met de Nederlandse grondwet en in Trouw dingen schrijven die er haaks op staan. Ik zou geen boodschap hebben aan de Nederlandse wet die de burger beschermt. Ten slotte vroeg zij mij of ik me realiseer hoe bijzonder een maatschappij is die elke burger de kans geeft zich te ontwikkelen.

Deze vrouw staat in de teneur van haar zienswijze en vraagstelling niet alleen. In veel van de reacties zijn gelijksoortige sentimenten te proeven: mijn meningen zijn on-Nederlands en mijn ideeën niet passend in de Nederlandse rechtsstaat. Dat is altijd grappig om te lezen.

Mijn moeder is bij de nonnetjes in Brabant opgevoed. Ik ben hier geboren. Van vaderskant is de belangstelling voor de islam meegegeven, wat resulteerde in een studie islamologie aan een Nederlandse universiteit en op gezette tijden een verblijf in het Midden-Oosten. In procenten gemeten: slechts 25 procent van mijn bloed is buiten-Nederlands. Misschien niet heel alledaags, maar toch: vrijwel zo Hollands als een stuk Goudse kaas.

Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat de combinatie van een vreemde naam en het schrijven over de islam tezamen al genoeg zijn, om als 'on-Nederlands' gekwalificeerd te worden, hoezeer de feiten dit ook tegenspreken.

Nu ben ik zelf niet zo verschrikkelijk interessant. Waar ik me wél zorgen over maak, is de perceptie jegens mensen die eveneens een niet-alledaags verhaal met zich meedragen. Hoelang blijven zij nog het stigma 'on-Nederlands' houden?

Neem een clubje vorige week, op een feestje: idealistische jongeren waarvan de één een islamitische partij had opgericht, en de ander een zeer succesvolle documentaire over zijn Marokkaanse vader had gemaakt. Intelligente, ambitieuze jongeren, hier geboren en getogen, die soms vanuit een net iets ander perspectief aan de Nederlandse maatschappij deelnemen. Over die perspectieven kun je discussiëren; dat houdt een samenleving gezond. Maar juist voor levendige discussies en wisselende perspectieven geldt: Nederlandser kan het niet.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden