Zo kun je volgens schaatsinstructeur Gerbrand Bakker het beste naar schaatsen kijken

Sven Kramer tijdens de training van de langebaanschaatsers in de Gangneung Oval tijdens de voorbereiding op de Olympische Winterspelen van Pyeongchang. Beeld ANP

Hoe naar schaatsen te kijken? Er is zo veel te zien, weet schrijver Gerbrand Bakker, zelf jarenlang schaatsinstructeur. ‘Ga niet stofzuigen tijdens de 10 kilometer.’ Over het verschil tussen techniek, stijl en competitie.

Ik heb eens een gedicht geschreven over Ids Postma. Die was zich aan het omkleden in de kleedkamer van de ijsbaan in Collalbo, in Zuid-Tirol. Het gedicht ging over dat omkleden en niet over de training die hij daarvoor afgewerkt had. Wij van de universitaire schaatsvereniging werkten er ook onze training af. Het was februari, want dan is het er mooi weer, met kou en zon, terwijl het rond Kerst vaak mild en mistig is. Het had geen zin een rondje achter Ids aan te schaatsen. Als Gunda Niemann er was, hadden we geluk: die reed graag als een diesel rondje na rondje in een tempo dat we, zij het met moeite, wél volgen konden.

Hieruit volgt een eerste observatie in het hoe naar schaatsen te kijken: besef dat wat je ziet op tv bij lange na niet de werkelijkheid benadert. Het was een straf om Niemann op tv te zien schaatsen, ze zwoegde en duwde en klauwde. In het echt zag het er prima uit. Dat betekent dat als je op tv iemand erg mooi ziet schaatsen, het in werkelijkheid onaards mooi is.

Ids Postma kwam van een andere planeet. En mijn manier van kijken is een zeer particuliere, maar ik wil hem toch even genoemd hebben. Dijen, konten, strakke pakken. Het oog wil ook wat.

Naar schaatsen kun je vanuit twee gezichtspunten kijken. Er is de competitie en er is de esthetiek. Vaak komen die twee samen: een perfect gestrekt linkerbeen in de bocht en een ideale kniehoek leiden al snel tot snellere tijden. Aan de andere kant logenstraffen schaatsters als Heather Bergsma of Brittany Bowe het. Die schaatsen Niemanniaans, met grote, bonkige, lelijke klappen. Maar ze winnen wél. Op kracht. Er zijn schaatsers die zo veel kracht hebben dat ze in de techniek steken kunnen laten vallen. Dat zijn dingen die je ziet, waar je op kunt letten tijdens wedstrijden. Naast de techniek is er stijl.

De techniek van het schaatsen is feitelijk voor iedereen gelijk. Die heeft te maken met dingen als lengte van de afzet, de kniehoek, het overbrengen van het gewicht van het ene op het andere been. Er bestaat geen ideale stijl: iedere schaatser is gebonden aan het eigen lichaam. Het is vooral de stijl van een schaatser die bepaalt of het mooi is om te zien of iets minder mooi.

Balkje 

Een schaatser als Koen Verweij is potig. Hij wrikt. Je ziet het gebeuren: als het moeilijk wordt en hij vergeet goed te schaatsen, dan schokt en bonkt het. Daar laten tv-commentoren Martin Hersman of Herbert Dijkstra het werkwoord werken op los. Ik persoonlijk vind Sven Kramer geen mooie stijl hebben, hij zwaait veel te veel met zijn bovenlichaam, terwijl je dat stil zou moeten houden en je heupen het werk moet laten doen. Zet Ireen Wüst - ook zo’n bovenlichaamzwaaister - af tegen de frêle Marrit Leenstra, je weet niet wat je ziet. En toch hebben ze allemaal dezelfde techniek. Kjeld Nuis is een mooie schaatser, Jan Blokhuizen, Hein Ottenspeer. Maar de mooie schaatsers schaatsen dus niet per definitie harder dan de minder mooie schaatsers.

Je kunt je verlustigen aan techniek en stijl. Maar de competitie is keihard. Tijd is onverbiddelijk: 34,17 is sneller dan 34,21. Een mooie vernieuwing in het in beeld brengen van schaatsen is het balkje dat meeschuift met een rijder. Het balkje geeft aan waar de schaatser die tot op dat moment de snelste tijd heeft zich op dezelfde plaats op de ijsbaan bevond. Vaak verdwijnt het balkje vlak voor de finish, zodat de spanning blijft: Ronald Mulder verslaat het balkje, maar verbetert hij ook de tijd van Jan Smeekens?

Ook een 10 kilometer kan spannend zijn. Juist vanwege de lengte. Als je op de 500 meter een foutje maakt, ben je gezien. Tijdens een 10 kilometer, de snelste ooit ging in 12.36,30, kunnen schaatsers zich oprichten, kunnen ze hun ‘tweede adem’ vinden en gestaag naar de tot dan toe snelste tijd kruipen. Als je veel kijkt, kun je leren in te schatten hoeveel sneller (of bij ineenstorting: langzamer) het volgende rondje wordt. Daarom ook moet je altijd de hele 10.000 meter kijken en niet tijdens de eerste 8 kilometer gaan afwassen of stofzuigen.

Esthetiek en tijd. Maar vooral het verhaal. Alles rond een wedstrijd. Het gebabbel van Dione de Graaff met Erben en Rintje duurt langer dan de wedstrijd zelf. Sport is emotie. Voor de sporters zelf, maar misschien nog wel meer voor de kijker. Gaat Sven Kramer nou eindelijk eens een goede medaille pakken op de langste afstand? Bezwijkt Nuis toch weer aan zijn twijfel? Richt Wüst zich nog één keer op? Wat heeft Anice Das eigenlijk te zoeken in Pyeongchang? Kijken we alleen - zeker nu de machtige Russen er niet bij zijn - naar de Nederlanders en gaat Håvard Holmefjord Lorentzen er op de 1000 meter met het been vandoor?

Vaak hoor je een goudenmedaillewinnaar na afloop zeggen dat het ‘helemaal vanzelf’ ging. Dát is schaatsen: een onder ideale omstandigheden zen-achtige bezigheid, waarbij degene met de leegste kop wint. Maar nooit zonder al die duizenden trainingsuren.

Olympisch kampioen word je meestal bijna per ongeluk. Het hoofd, het lichaam, het materiaal, de omstandigheden komen op een wonderbaarlijke manier samen. “Timmertje, Timmertje, wat ga je doen?!” riep Frank Snoeks in Nagano. Nou, Timmertje ging een gouden medaille halen, bijna tot haar eigen stomme verbazing.

Reageren?

En hoe kijkt u? Bent u van het spel of van de stopwatch? Mail ons via tijdpost@trouw.nl, in 120 woorden en onder vermelding van uw naam en woonplaats.

Lees ook: Nederland wil minimaal 13, hopelijk 15 medailles op de Winterspelen

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden