Zo knalt een lichaam uit elkaar

Met zijn debuut 'De eenzaamheid van de priemgetallen' wist Paolo Giordano vele lezers diep te raken. Dat lukt hem nu opnieuw, schrijft Ronald de Rooy

Net als zijn verbluffende debuut 'De eenzaamheid van de priemgetallen' intrigeert ook het tweede boek van Paolo Giordano alleen al door zijn mysterieuze titel en de omslagfoto. Verder lijken er, afgezien van de exacte, heldere stijl, op het eerste gezicht weinig overeenkomsten te zijn tussen beide boeken. 'Het menselijk lichaam' speelt zich af onder soldaten, niet onder onzekere pubers. Maar één ding staat vast: Giordano bewijst opnieuw zijn forse verteltalent.

In december 2010 bracht de schrijver een bezoek aan Italiaanse gevechtseenheden in de Forward Operating Base (FOB) 'Ice' in het district Gulistan in West-Afghanistan. In plaats van de geplande reportage schreef hij een indringende roman over deze ervaring tussen zijn leeftijdgenoten.

Oorlogsromans zijn niet talrijk in de Italiaanse literatuur. Toch zijn er verschillende van grote kwaliteit die af en toe meeklinken in Giordano's tekst. Ik denk aan Dino Buzzati's 'De woestijn van de Tartaren' (1939) waarin de hoofdpersoon jarenlang vergeefs op de vijand wacht in een godverlaten fort; aan Ennio Flaiano's 'Tempo di uccidere' (1947) waarin de oorlog in het verre Ethiopië surrealistische en existentialistische tinten krijgt; aan de keiharde, maar vaak ook lyrische beelden uit Curzio Malaparte's 'Kaputt' en aan Beppe Fenoglio's schitterende partizanenverhalen.

Surrealistisch is de omgeving waarin de rekruten terechtkomen zonder meer: na een lange reis door de woestijn arriveren ze bij de FOB, bij 'het Krot' dat hun leefvertrek zal worden. De FOB bevindt zich in een 'veiligheidsbubbel' met een straal van amper twee kilometer.

Op de basis zelf is er, behalve geel en plakkerig stof, helemaal niets. Niet ver erbuiten begint de hel.

Giordano toont zich opnieuw een meester in scherpe beschrijvingen. Schijnbaar moeiteloos schakelt hij tussen de meest uiteenlopende levens en karakters.

Korporaal Ietri is een gevoelig en gefrustreerd moederskind dat lustig fantaseert over de ontelbare Amerikaanse en andere meiden met wie hij in Afghanistan - eindelijk - naar bed zal gaan. Al zijn woeste plannen stranden in een onschuldige en mislukte flirt met de enige vrouw in zijn peloton. Continu wordt hij getreiterd met zijn maagdelijke onervarenheid door korporaal Francesco Cederna, een gespierde macho met op zijn rug een Homerus-tatoeage, omdat hij zichzelf als Achilles ziet.

Een andere zwakke schakel in het peloton is de Sardijnse soldaat Angelo Torsu die aanvankelijk troost en afleiding vindt bij zijn virtuele chatvriendin TERSICORE89, maar weet hij wel zeker dat zij een vrouw is? Torsu is de eerste die ziek wordt van het bedorven vlees dat ze van dorpelingen hebben gekocht: het begin van een lichamelijke aftakeling die de anderen hooguit gelaten gadeslaan.

Ook adjudant Antonio René torst persoonlijke bagage mee op deze missie. Hij verdient wat bij als gigolo en de avond voor zijn vertrek heeft een van zijn klanten hem verteld dat zij zwanger is.

Het enige wat zij van hem wil is een beslissing, dan kan zij 'de rest' regelen. Legerarts Egitto vertelt hem vaag en eufemistisch over abortus en wat er gebeurt met het embryo, zo klein 'als een mug', 'iets heel kleins, dat eigenlijk niet bestaat'.

Zelf overleeft luitenant Egitto al maanden op kalmeringsmiddelen en antidepressiva. In zijn verhaallijn vangen we af en toe echo's op van 'De eenzaamheid van de priemgetallen'. Egitto's zus Marianna is getraumatiseerd door kinderjaren van torenhoge verwachtingen: beeldschoon, uitmuntende schoolprestaties, veelbelovend op ballet- en pianoles. Inmiddels heeft zij ruw met haar ouders gebroken en zelfs geweigerd afscheid te nemen van haar stervende vader.

De jongere broer voelt zich schuldig en verantwoordelijk, maar liever dan dat hij deze problemen het hoofd biedt, tekent hij voor nog een periode in Afghanistan. Hij is en blijft 'slechts een toeschouwer, behoedzaam en scrupuleus: het eeuwige tweede kind'.

Het dagelijks leven in de FOB bestaat hoofdzakelijk uit sleur en routine. Voor kleine missies tegen onzichtbare taliban trekken de soldaten af en toe hun gevechtstenue aan: zestien kilo, tweeduizend euro. Ze schuilen voor een mortieraanval, doen schietoefeningen, krijgen les over IED's (Improvised Explosive Devices), maar ondertussen, terwijl Giordano ons steeds dichter op de huid van deze soldaten heeft gebracht, voelen we een zinderende spanning aanzwellen.

In een twee kilometer lang konvooi begeleiden de militairen een aantal Afghaanse vrachtwagens terug naar de Ring Road. Al snel gaat het vreselijk mis. Een van de Lince pantservoertuigen komt vast te zitten in een gat, de colonne wordt opgedeeld en plotseling voelt het peloton van adjudant René zich blootgesteld aan het gevaar 'in de frontlinie, geblinddoekt en blootsvoets op een terrein vol mijnen'. Na de nacht volgt de verpletterende aanval die als een breuklijn door het boek loopt. Hij duurt niet langer dan drie à vier minuten, maar van alle kanten regent het explosieven en ontploffen gevreesde bermbommen. Een bloedbad: overal doden, verminkten en delen van verdwenen lichamen. Een van hen ziet het en denkt: "Dus zo knalt een menselijk lichaam uit elkaar." Verschillende soldaten 'bestaan niet meer'.

De weinige minuten die de aanval duurt worden afgesloten met de heldhaftige onbezonnenheid van Ietri, de jongste van het stel. In een wanhopige poging om de dodelijk gewonde Torsu in veiligheid te brengen, wordt Ietri vanuit verschillende richtingen beschoten en valt dood neer boven op zijn gewonde maat: "Om zich wat minder eenzaam te voelen slaat korporaal Angelo Torsu zijn armen om het levenloze lichaam van Roberto Ietri heen. Hij drukt hem stevig tegen zich aan. Zo houdt hij nog iets van zijn menselijke warmte vast."

Tot op zekere hoogte ging 'De eenzaamheid van de priemgetallen' in eerste instantie over de ziel, over de gevoelslevens van de twee beschadigde jongeren Alice en Mattia.

Dit nieuwe boek gaat meer uit van ontberingen, ziekten en verwondingen van het menselijk lichaam en de gevolgen hiervan voor de menselijke ziel. Bij Alice en Mattia manifesteerde het lichamelijke - zelfverminking, anorexia - zich vooral als gevolg van geestelijke trauma's uit het verleden. Nu zien we hoe geharde soldatenlichamen in de oorlog worden gekweld, gewond of verminkt, waarna het leven, en in veel gevallen ook de ziel, nooit meer hetzelfde zal zijn.

Paolo Giordano: Het menselijk lichaam. Uit het Italiaans vertaald door Mieke Geuzenbroek en Pietha de Voogd. De Bezige Bij, Amsterdam; 320 blz. € 19,90

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden