Zin

Iemand had een wit kleed over de wereld gelegd, uit piëteit met de mensen en de dingen, vermoedde ik; er was zoveel geweest dat de kop had opgestoken, nu werd dat even aan het zicht onttrokken, bedekt door lichtbevroren stilte, zo zag het er tenminste uit aan de andere kant van het raam, waar weilanden lagen, en ik bedacht dat ik, nu ik me aan de eerste column na een korte winterstop ging zetten, misschien ook bepaalde zaken nog rust moest gunnen, dat ik zekere mensen en dingen onaangeroerd moest laten, in elk geval in de openingszin - het komende jaar zou sowieso verstopt gaan raken van almaar dezelfde gezichten, stemmen en woorden, daar kon je vergif op innemen, en het zou onvermijdelijk zijn erover te schrijven, iedereen zou dat doen en ik zou onmogelijk achter kunnen blijven, ook al viel er niets meer toe te voegen en lagen alle standpunten vast; argumenten waren er reeds lang geleden mee opgehouden iets over te brengen van zender naar ontvanger, ze dienden alleen nog als geursignalen - lang niet altijd even welriekend - om posities duidelijk te maken, om gelederen gesloten te houden en vijanden op afstand, maar ik kon moeilijk de taal gaan verlaten omdat anderen er misbruik van maakten, het was mijn opdracht duiten in zakjes te doen, ik kon hooguit proberen althans deze eerste zin van bepaalde smetten vrij te houden door nog even stil te staan bij wat ik in mijn vrije dagen had gezien, zoals de Jean Tinguely-tentoonstelling in het Stedelijk Museum, getiteld 'Machinespektakel', een vrolijk piepende en krakende expositie, met knopjes waar je op mag drukken (nog tot 5 maart), waarna allerlei gevaartes zich voor kortere of langere tijd in beweging zetten, tenzij ze 'tijdelijk buiten gebruik zijn', hetgeen het geval was met het raderwerk 'Requiem pour une feuille morte' - ik vroeg me af of een kunstwerk überhaupt buiten gebruik kon zijn, het vulde nog steeds een hele wand en maakte op mij ook in stilstaande toestand genoeg indruk, zij het niet per se een vrolijke; veel van Tinguely's hobbelmachines maken de bezoekers aan het lachen, maar er zit in zijn werk ook een onheilstemmend element, een industrieel getoonzette dreiging, en nergens werd dat meer duidelijk dan in het slotakkoord van de expositie, de wel degelijk bewegende 'Mengele-Totentanz' die het onschuldige karakter van deze zin nogal in gevaar dreigt te brengen, laat ik liever overstappen naar wat ik in het Van Gogh-museum zag, een deur verderop, waar de landschappen van Van Gogh naast die van Charles-François Daubigny en Claude Monet waren gehangen (te zien tot 29 januari), met als resultaat een prachtig verslag van de ontwikkeling van de schilderkunst van de negentiende eeuw aan de hand van zomerse veerboten op rustige rivieren en zachtaardige landschappen bij maanlicht; het was alsof de Frans-Duitse oorlog helemaal niet bestond, alsof er niet gesneuveld werd aan het front en geen honger werd geleden in Parijs, alsof de werkelijkheid uitgesteld kon worden, zoals de tweede zin van een column.


Zo'n zin met de nu al doodvermoeide woorden van 2017; ach, u vult ze zelf wel in.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden