Zijn Nederlanders te passief bij geweld in het openbaar?

De intense verontwaardiging als een treinconducteur belaagd is, kan ons hoopvol stemmen over de samenleving. Maar waarom kijken mensen toe als ze zelf in een dreigende situatie zijn? Beeld Reyer Boxem, HH
De intense verontwaardiging als een treinconducteur belaagd is, kan ons hoopvol stemmen over de samenleving. Maar waarom kijken mensen toe als ze zelf in een dreigende situatie zijn?Beeld Reyer Boxem, HH

In de rubriek 'Filosofisch Elftal' analyseren twee denkers wekelijks een actuele kwestie. Deze keer: is geweld tegen treinpersoneel een bewijs voor de laffe passiviteit van de omstanders? En is onze kijk op geweld wel reëel?

Geweld tegen conducteurs en ander personeel in het openbaar vervoer leidde dit voorjaar tot stakingen, Kamervragen en een storm van boze reacties. Volgens socioloog Herman Vuijsje is het grootste probleem bij geweld in het 'steeds verder uitdijende anonieme domein' de passieve houding van de omstanders. Nederlanders hebben vaak een grote mond, maar als ze oog in oog staan met geweld, kijken ze volgens hem direct de andere kant op.

In NRC Handelsblad beschrijft Vuijsje vol verbazing dat het hier te lande ook nog eens bon ton is om deze passiviteit aan te prijzen. Hij haalt schrijver Arnon Grunberg aan, die de voorkeur zou geven aan 'rustig afwachten en niets doen' boven heroïsch lijkende actie: 'In het algemeen wordt passiviteit te weinig als deugd erkend', schreef Grunberg. Ook advocaat Gerard Spong verdedigde publiekelijk het recht om je bij geweld afzijdig te houden.

Is er iets mis met onze houding tegenover geweld?

Geduld
Paul van Tongeren, hoogleraar wijsgerige ethiek aan de Radboud Universiteit Nijmegen: "Arnon Grunberg adviseert je als getuige van geweld passief te blijven. Dat trof mij bijzonder, omdat ik zelf nogal eens geschreven heb over passiviteit als deugd. Ik bedoel daar alleen iets totaal anders mee. Ik denk dat Grunberg in dit geval de plank volkomen misslaat. Passiviteit bestaat niet alleen uit iets nalaten. Als deugd is ze iets wat je kunt ontwikkelen, je moet je erin kunnen trainen. Anders kan het geen deugd zijn.

"Het geduld om iets pijnlijks te kunnen dragen en verdragen, is volgens mij een deugd. Een deugd van de passiviteit. Maar dat betekent niet: wegkijken als iemand in je directe omgeving in nood is. Dat is het tegenovergestelde van dulden. Het is proberen het geweld niet te zien, zodat je er geen last van hebt. Zodat er niks te dragen of dulden valt. Wie wegkijkt, wil de last of pijn niet aangaan. Dat is geen passiviteit, dat is lafheid."

Alicja Gescinska, filosoof, verbonden aan het Political Science Department van Amherst College, Massachusetts (VS): "Maar waarom zou je aan het vermogen om je eigen en andermans ellende te verdragen de term 'passiviteit' koppelen en dit zelfs een deugd noemen? Ik zou die houding eerder omschrijven als een vorm van morele weerbaarheid. Iemand die zich niet makkelijk uit het lood laat slaan, die niet als een kip zonder kop reageert op kleine en grote spanningen, die is beter in staat om vreedzaam in het leven te staan. Dit is inderdaad een vaardigheid die geoefend kan worden en die een grote innerlijke kracht vergt en die juist daardoor die term 'passiviteit' helemaal niet verdient."

Oordeelsvermogen
Van Tongeren: "Passiviteit kan wel degelijk een belangrijke deugd zijn. Want 'kunnen verdragen' betekent juist: je ergens mee inlaten. Niet wegkijken, maar de confrontatie aangaan, hoe dan ook. En dat hoe, dat is vraag twee. Want dapperheid is niet hetzelfde als roekeloosheid. Dus de mate waarin je jezelf 'erin stort' moet passen bij de situatie en bij je eigen kracht en vermogens. Daarbij komt het aan op een andere deugd: het oordeelsvermogen. Al bij Aristoteles is dit een centrale deugd. Je zult een onderscheid moeten maken tussen gedrag dat jou gewoon niet aanstaat, maar nu eenmaal voorkomt, en gedrag dat écht niet kan. Ook dat oordeelsvermogen kun je trainen, aanscherpen. Maar het blijft lastig; in je eentje begin je weinig tegen bruut geweld."

Gescinska: "Of juist wel. Vaak is er maar één persoon nodig die ingrijpt. Mensen zijn conformistisch. Uit psychologisch onderzoek blijkt dat proefpersonen niet reageren op een brandalarm als je ze in een groep zet waar anderen ook niet op dat alarm reageren. Maar zodra één iemand opstaat, komen anderen ook in actie. Daarom is het belangrijk dat je groepsmechanismen doorhebt. Ingrijpen wordt makkelijker als je weet hoe je anderen erbij kunt betrekken.

"Wat mij niet aanstaat, is de suggestie dat burgerlijke onverschilligheid bij geweld specifiek Nederlands zou zijn. Je vindt talloze van zulke gevallen in andere landen. Onlangs nog een verkrachting in de VS waar omstanders niet op reageerden. In Duitsland een baby die verhongerde, ook al hoorden de buren urenlang gehuil. Ik denk dat de neiging om je afzijdig te houden bij geweld iets algemeen menselijks is."

Denken over geweld
Van Tongeren: "Ik denk dat vooral het plegen van geweld iets algemeen menselijks is. Net als de fascinatie voor geweld. Want als het geweld op enigszins veilige afstand plaatsvindt, één coupé verder, kijken we niet weg, maar toe.

"Dag in dag uit zien we hoe mensen elkaar wereldwijd fanatiek haten en vernietigen. De gruwelen van IS shockeren al bijna niet meer, we kijken er nauwelijks van op als blijkt dat Israëlische soldaten de opdracht hadden om te schieten op alles wat leefde, vijandig of niet vijandig.

"Soms denk ik dat we niet in staat zijn om over geweld te denken, ook niet over 'klein' geweld in de trein, omdat we weigeren te erkennen dat de mens een door en door gewelddadig wezen is. We blijven denken dat geweld een primitieve eigenschap is, die we langzaam maar zeker uit onze cultuur kunnen weren. Maar volgens filosofen als Friedrich Nietzsche en John Gray is dat ijdele hoop. En ik denk hoe langer hoe meer dat ze gelijk hebben. Ik weet alleen niet wat voor gevolgen dat moet hebben voor het denken. Want de ethiek begint met het beteugelen van geweld."

Gescinska: "Het lijkt mij ook een illusie om te denken dat geweld valt uit te roeien. Maar de sociale en morele omgeving is wel veel veranderlijker dan de menselijke natuur. En die kan geweld indammen. We leven in een samenleving die erg afwijzend staat tegenover geweld, waardoor het wel degelijk teruggedrongen wordt.

Hoopvol
Gescinska:"De intense verontwaardiging als een grensrechter een doodschop krijgt of een treinconducteur belaagd is, zou ons eigenlijk hoopvol moeten stemmen: geweld laat ons kennelijk niet onverschillig. Die verontwaardiging kan de motor zijn om mensen niet aan hun lot over te laten wanneer ze in het openbaar aangevallen worden.

"Er bestaat in onze tijd een grote gevoeligheid voor zinloos geweld, psychologisch geweld, discriminatie en subtielere vormen van onrecht. Dat is een positieve ontwikkeling. Maar de menselijke natuur, die blijft zoals ze is.

"Toen de Poolse filosoof Leszek Kolakowski ooit gevraagd werd of de mens in die vreselijke twintigste eeuw slechter is geworden, antwoordde hij: de mens is zoals hij altijd is geweest. We zijn niet beter of slechter dan vroeger - hooguit zijn onze middelen om slecht te zijn beter geworden."

Van Tongeren: "Dat klinkt niet echt hoopvol. Maar inderdaad: geweld is in de westerse cultuur altijd veroordeeld. Bij Plato al. In de Middeleeuwen was het niet anders. Het was iets wat er niet zou moeten zijn, wat de stad uit werd gedreven. En nu hebben we de mensenrechten. Die worden bewaakt in New York. In hetzelfde land zetten ze mensen op de elektrische stoel."

Hoe word je een actieve toeschouwer?

In de Verenigde Staten worden publiekscampagnes gevoerd om mensen te stimuleren 'active bystanders' te worden. Want slachtoffers van geweld zijn vaak minstens zo ontzet over de schijnbare onverschilligheid van de omstanders, als over de agressie van de dader. Enkele tips:

- Gebruik uw beoordelingsvermogen en gezond verstand. Soms is het verstandiger ná het eigenlijke moment van geweld op te treden.

- Gebruik lichaamstaal om uw afkeuring te laten blijken.

- Schakel hulp in.

bron: Active Bystander Program and Mediation

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden