'Zij zijn trots op kernwapens, wij moeten hun hoop geven'

Correspondent Seoul: VS moeten vrede sluiten met Pyongyang en banden aanhalen

Onlangs uitte nucleaire waakhond IAEA zijn zorgen over de voortgang die Noord-Korea boekt bij de bouw van een nieuwe kernreactor. Prompt maakte het regime in Pyongyang bekend dat het kernenergie voortaan ook in wapens gaat toepassen. Is dat zorgwekkend? Choe Sang-hun, werkzaam bij The New York Times, kijkt genuanceerd tegen het probleem aan. Noord-Korea moet hulp krijgen, vindt hij.

"De angst voor Noord-Koreaanse kernwapens is kenmerkend voor de manier waarop Amerika naar Korea kijkt. Onderhandelen over non-proliferatie is alsof je de rook verjaagt, maar de brand laat voortwoekeren. Het is beter het probleem te zien in het licht van de koloniale geschiedenis en het sterke Koreaanse nationalisme dat daar uitvloeisel van is."

Sommige analisten denken dat Pyongyang zijn kernwapens nooit zal opgeven, anderen willen het land overhalen ervan af te zien. Wat denkt u?
"Ik hang daar tussenin. Het wordt in ieder geval een lange weg die veel concessies vergt. In feite is Noord-Korea één grote kerk. Hun geloof is gebaseerd op de confucianistische leider-vader, op sterk nationalisme en anti-imperialisme. Er is nog steeds geen vrede gesloten tussen Pyongyang en Washington. In feite loopt de oorlog sinds 1950. Voor Noord-Korea gaat de revolutie door en is Zuid-Korea nog bezet. Eigenlijk is het hele land tot garnizoensstad gemaakt. Radio's in huizen kunnen niet uit, en altijd moet er een tas klaarstaan om te vluchten.

Al zestig jaar leven de Noord-Koreanen zo, constant op hun hoede voor een Amerikaanse aanval. Voor hen zijn kernwapens niet zomaar wapens, maar de kern van hun nationalisme. Ze zijn er trots op. En ze zijn trots op de overleden leider Kim Jong-il die hen die kernwapens gegeven heeft. Wij moeten ze dus hoop en andere trots geven.

In Zuid-Korea en de VS wint de mening aan kracht dat het tijd is in te gaan op de wensen van Noord-Korea. Dat betekent: eindelijk een vredesverdrag tekenen en de vijandige politiek laten varen. Diplomatieke banden aanknopen; Washington moet daar een grote ambassade bouwen. En in plaats van sancties uitvaardigen de economie opbouwen met hulpgeld. De VS kunnen ervoor zorgen dat de Wereldbank en de Aziatische Ontwikkelingsbank Pyongyang voor het eerst helpen."

De nieuwe leider Kim Jong-un zegt dat hij een welvarende natie wil. Gaat hij de economie hervormen?
"Niemand kent het antwoord. In ieder geval zullen de Noord-Koreanen nooit dat woord gebruiken. Kims grootvader beloofde de arbeiders al het paradijs, dat klopt. Maar in die tijd was Noord-Korea compleet geisoleerd. Nu hebben velen Zuid-Koreaanse dvd's of een mobieltje op het Chinese netwerk. Het rantsoeneringsysteem voor voedsel is bezweken. Er is handel en smokkel met China. Velen werken tijdelijk over de grens en leren daar veel. Wil het regime overleven, dan moet het het leven van de burgers - de meerderheid is ondervoed - verbeteren. Maar als dat bedreigend wordt, zal het regime er direct mee stoppen. Dus de grote vraag is: in hoeverre kan Kim de economie veranderen?

Het idee om boeren in oktober een derde van de oogst te laten houden, is een nooit bevestigd experiment op slechts een paar boerderijen. De oogst zal, zoals bijna elk jaar, tegenvallen, zeker nu er een droogteperiode en overstromingen zijn geweest. Het plan om fabrieken te laten meebeslissen over hun productie is nog vager. Als de buitenwacht wil dat het beter gaat in Noord-Korea, moeten we ze gaan helpen. Zijn wij daartoe bereid?"

Is het leger een gevaar voor Kim Jong-un?
"Niemand kent de exacte omvang van de legereconomie. Zij hadden exclusieve exportrechten van paddestoelen, mijnbouwproducten, wapens, schelpdieren. Die heeft Kim Jong-un hen afgenomen. Dus er zijn ontevreden generaals ja. Maar zij staan strak onder controle. Een generaal kan niet één kilometer reizen zonder dat te rapporteren aan zijn politieke eenheid."

Wanneer komt die langverwachte ineenstorting van het regime?
"Als Koreaan hoop ik dat het snel instort. Mijn hart breekt als ik de kinderen daar zie. Maar wachten op instorten betekent dat je je ogen sluit. Militaire provocaties komen er geheid, tenminste, als Kim het weer nodig acht een gevoel van crisis te creëeren of als er geen concessies uit het buitenland komen. Daarom moeten we met hen in gesprek blijven, ze vooral niet negeren. De consensus in het buitenland is nu om daar minder geld aan uit te geven, en er meer voor terug te krijgen."

Choe Sang-hun
Choe Sang-hun (50) is correspondent in Seoul voor de New York Times. Hij won de Pulitzer Prijs voor zijn onderzoek naar een massamoord van Amerikaanse militairen op Zuid-Koreaanse vluchtelingen. Dit drama bij het dorp No Gun Ri speelde zich af aan het begin van de Koreaanse oorlog (1950-1953). De Amerikanen vreesden dat Noord-Koreaanse militairen achter de frontlinies zouden opduiken. Het leger van de VS had daarom als beleid te schieten op naderende groepen vluchtelingen. Dit gold ook voor luchtmachtpiloten. Het precieze aantal slachtoffers is niet bekend. Zuid-Korea houdt het op zeker 163 doden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden