TV-RECENSIE

Zien huilen doet huilen. Tissues, kom er maar weer in

null Beeld Still van tv
Beeld Still van tv

Een vaste burcht in ons televisielandschap: ‘Spoorloos’. Al sinds 1990 trekt het in groten getale kijkers, en tranen: de firma Kleenex mag weleens om een omroepbijdrage worden gevraagd, als tegenprestatie voor dit emotionerende programma dat geknapte familiebanden herstelt.

Wat is het toch, waarom is het onmogelijk om niet mee te sniffen wanneer presentator Derk Bolt de zoekende ziel dat laatste zetje in de rug geeft? ‘Loop maar verder, toe maar, hier om de hoek zitten ze.’ En daar zet de verloren zoon of dochter dan de laatste stappen in een lang traject, om luttele momenten later in de armen te vallen van - vaak veel kleinere - moeders, vaders, broers en zussen. Die ze niet verstaan, maar die ze volledig begrijpen.

Het is denk ik simpelweg: zie de mens. We willen dat dingen goed gaan, we houden van harmonie. Puntje moet weer bij paaltje komen, hoe groot ook de afstand.

Zoals maandag in een licht poëtische aflevering rond de 76-jarige Jack. Diens Amsterdamse moeder had zo’n hekel gekregen aan zijn Chinese vader, dat ze alle foto’s van ‘die man’ had weggegooid. Het enige wat Jack had was een kiekje met daarop een haarscherpe schaduw van zijn verwekker. Maar ach, omdat zijn ma zijn pa zo zwart maakte, was Jack nooit echt bezig geweest met die afwezige vaderfiguur. Tot hij op zijn oude dag dan ontdekte dat zijn eigen personage wél een grote rol had gespeeld in het verre China, waar vijf halfbroers en -zussen al die jaren van zijn bestaan wisten. Er opende zich daar een nieuwe wereld voor Jack, vol lieve mensen, een portretfoto van een vader-met-gezicht en het vreemde besef: “Een deel van mijn leven is daar heel ver weg gebeurd.”

null Beeld Still van tv
Beeld Still van tv

Vrolijk ten onder

Spoorloos scoorde maandag weer dik anderhalf miljoen kijkers, een aantal dat ik een ander gevoelig tv-monument ook had gegund. Maar dat stond zondagavond geprogrammeerd tegenover het voetbal en de postcodeloterij en ontging je dus als kijker gemakkelijk: de documentaire ‘Een poging tot vrolijk verval’. Deze film gaat over Eric van Neure, een docent Nederlands die nog geen 60 jaar was toen hij Alzheimer kreeg. Met steun van - geweldige - vrouw, familie en vrienden besloot hij er het beste van te maken. Vrolijk ten onder dan maar!

Maar het is Van Neure niet vergund zomaar zachtjes weg te glijden in de vergetelheid. Pijnlijk scherp blijft hij zijn leven in perspectief zien. Hij beseft wat er gebeurt, weet hoe hij het wil, maar vrolijk ten onder gaan blijkt een illusie. De gang naar een verpleegtehuis wordt onvermijdelijk, het onderwerp euthanasie komt op tafel.

En tóch is Van Neures poging er het beste van te maken meer dan geslaagd. Neem alleen al de beelden van zijn 65ste verjaardag: een samenzijn alsof het zijn begrafenis was. Met toespraken van allerlei dierbaren over hoe belangrijk Eric in hun leven was geweest, terwijl hij er zelf dus nog bijzat, stralend en ontroerd in zijn rolstoel.

Wat een goed voorbeeld, om je geliefden bij leven en welzijn al eens officieel te vertellen dat je ze waardeert, en dat je blij bent dat ze in de buurt waren. Oftewel: elkaar ook zonder de aanwezigheid van een Derk Bolt eens wat vaker liefdevol in de armen vallen. En te vertellen hoe het zit. Tissues, kom er maar weer in.

Vier keer per week schrijven Renate van der Bas en Maaike Bos columns over televisie. Lees alle stukken in ons dossier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden