Zestig procent weet niet dat er ooit rassenwetten zijn afgekondigd in Italië

Het einde in close-up: tussen de stapel dode lichamen op het Loreto-plein in Milaan de bebloede hoofden van Benito Mussolini en zijn maitresse Clara Petacci. De gezichten zijn bijna onherkenbaar door het schoppen van de menigte, die haar woede heeft gekoeld over ruim twintig jaar onderdrukking.

WILS REBERGEN

De historische opname, beeldmateriaal van het Amerikaanse leger, was nooit eerder vertoond. Mussolini en Petacci werden op 28 april 1945, vandaag 50 jaar geleden, om 16 uur 10 door partizanen bij Dongo aan het Como-meer geëxecuteerd en vervolgens aan hun voeten opgehangen bij een tankstation op het Loreto-plein in Milaan. Twee dagen eerder was de vluchtende 'Duce', de Leider, uit een konvooi Duitse legertrucks gehaald, waar hij zich vergeefs trachtte te verbergen tussen Duitse soldaten, een deken om de schouders geslagen en een Duitse helm op het hoofd.

De beelden van het roemloze einde werden vorig jaar door de Italiaanse televisie uitgezonden, tien dagen na de verrassende stemmenwinst van de neo-fascistische Alleanza Nazionale bij de parlementsverkiezingen eind maart. De partij, een samensmelting van een paar uiterst conservatieve onafhankelijken en de Movimento Sociale Italiano (MSI), in 1946 opgericht door Mussolini-adepten, werd de op twee na grootste van het land.

Het tv-programma ontketende een fel debat over de 'kleine dictator', zijn fascisme, en vooral hoe daarop moet worden teruggekeken. Aanleiding waren niet zozeer de Amerikaanse zwartwit-beelden, maar wat de deelnemers aan de uitzending zeiden. Zo sprak de neo-fascist Giano Accame bij het zien van de executie van drie vermeende spionnen door Amerikaanse soldaten over “helden van Mussolini's Sociale Republiek”.

Slachtoffers

Oud-verzetstrijdster Tina Anselmi, nu Europarlementariër voor de christen-democraten, diende hem onmiddellijk van repliek: “Onze piëteit gaat uit naar alle slachtoffers, maar we moeten onderscheid blijven maken tussen hen die kozen voor de oorlog en de mensen die streden voor de vrede.”

Wat commentatoren verbaasde was de opstelling van jongeren in het programma. Studenten die aan het woord kwamen, vroegen zich af of het na zoveel jaar nog zin had onderscheid te maken tussen de “goeden en de kwaaien” in het verleden. “Als de Italianen tegenover elkaar blijven staan als fascisten en communisten, kunnen zij zich nooit als één volk beschouwen”, meende een van hen.

Dat plus de opmerking van de presentator dat “in de dood iedereen toch gelijk is”, leidde tot de kritiek dat met het programma een forse kans is gemist om lessen uit de geschiedenis te trekken.

De discussie over hoe het huidige Italië moet omgaan met het fascistische verleden, en de betekenis daarvan voor de nationale identiteit, is sindsdien steeds weer opgelaaid, aangewakkerd door het verschijnsel Alleanza Nazionale.

Tot het succes van de club van Gianfranco Fini konden en werden deze vragen simpel beantwoord. De christen-democraten, socialisten en communisten die het naoorlogse Italië opbouwden, hielden het, grofweg, op de lezing dat Mussolini de verdeelde, hulpeloze natie in de oorlog had gestort, aan de kant van de verkeerde bondgenoten, maar dat de Italianen uiteindelijk, toen zij de kans kregen, met hem hadden afgerekend door de zijde van de partizanen te kiezen. Italië had het fascisme overwonnen.

Maar dat die uitleg hapert, bleek afgelopen dinsdag in Milaan tijdens de feestelijke viering van 50 jaar bevrijding, en het aandeel van de Italianen daarin. President Oscar Luigi Scalfaro was daar en tal van politieke kopstukken, maar aanhangers van Berlusconi werden onder een regen van munten en verwensingen wegens hun bondgenootschap met de 'neo-fascisten' weggejaagd. De ex-premier zelf bleef weg, omdat voor zijn veiligheid werd gevreesd. En dat terwijl zijn alliantie twee dagen eerder de stemmen kreeg van 40,7 procent van de Italianen die mee mochten doen aan regionale verkiezingen.

Gianfranco Fini houdt zich afzijdig in de discussie over de betekenis van het fascisme in het huidige Italië. Zijn Alleanza is een fatsoenlijke rechts-conservatieve partij, die in januari van dit jaar definitief een streep heeft gezet onder het fascistische erfgoed. Mussolini's rassenwetten werden veroordeeld. En in de partijstatuten staat nu dat rascisme en anti-semitisme niet mogen.

In de ogen van communistische ijzervreters die nog trouw zweren aan Stalin en Gorbatsjov uitmaken voor verrader, blijft Fini echter een fascist. Anderen zijn minder stellig, maar hebben hun twijfels over de ware aard van de ex-leider van de neo-fascistische MSI. Zo weigerden tal van leden van de Volkspartij, de opvolger van de vroegere christen-democratische partij (DC), onlangs hun leider Rocco Buttiglione te volgen in een coalitie met Fini's Alleanza, omdat de partij volgens hun te weinig afstand heeft genomen van het fascisme.

Tullia Zevi, presidente van de Unie van Joodse gemeenschappen in Italië, noemt de Alleanza-voorman een sluwe politicus. “Hij weet welke weg hij moet bewandelen om geaccepteerd te raken. Zijn rechts wil een sterke staat. Maar als zo'n man autoriteit heeft, weet je nooit hoever het gaat. Mussolini wist ook niet waar hij uit zou komen.”

Fini noemde vorig jaar Mussolini de “grootste staatsman van de eeuw”. Een geschiedkundig oordeel, geen politiek, voegde hij daar haastig aan toe. Hij verklaarde ook dat “met de dictator het fascisme is gestorven”.

Postzegel

Is dat zo in een land waar je in 'fascistische sfeer' kunt eten (Turijn), waar een wijnhandelaar in Bolzano 'Mussolini'-wijn verkoopt compleet met portret op het etiket, en eind vorig jaar het ministerie van posterijen op verzoek van neo-fascisten een postzegel wilde uitgeven met de beeltenis van de filosoof Giovanni Gentile, het brein achter de fascistische ideologie van Mussolini?

Fini doet dit soort zaken af als folklore van MSI-aanhangers, die niet langer bij zijn partij horen. Net zoals hij vragen wegwuift over 'naziskins', die in zwarte hemden op partijbijeenkomsten de fascistengroet brengen.

Wat dan te denken van de uitkomsten van een recente enquête onder jongeren, waaruit bleek dat zij maar weinig weten van wat er is voorgevallen in de jaren '22 tot '45 onder het dictatorschap van de duce? Zestig procent weet niet of ontkent dat er ooit rassenwetten zijn afgekondigd in Italië. “Het kan allemaal opnieuw gebeuren”, verzucht de sociologe Laura Balbo, een drijvende kracht achter de anti-racismebeweging in Italië. Maar zij gelooft niet dat het oude fascisme zal herleven onder Gianfranco Fini.

Ook de oud-partizaan en vakbondsleider Vittorio Foa (84) gelooft dat niet. Het afschilderen van de Alleanza als fascistisch, gebeurt volgens hem door geharnaste communisten die zo hun eigen bestaan willen legitimeren. Hij vertrouwt op de verklaring van Fini dat zijn partij de democratie onderschrijft, en op het Italiaanse volk, dat volgens Foa nooit meer aan een avontuur als het fascisme wil beginnen.

Zekerheden

Maar anderen, als de joodse Tullia Zevi, willen meer zekerheden van de man die volgens peilingen kans maakt de nieuwe premier van Italië te worden. “Waarom neemt Fini geen stelling? Waarom veroordeelt hij Mussolini niet, in plaats van te roepen dat de geschiedenis dat al heeft gedaan?”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden