Zestig gedichten in het museum zonder zalen

Impressie van het virtuele museum op het Amsterdamse Museumplein Beeld RV

Een virtueel gedichtenmuseum brengt poëzie naar de mobiele generatie. Curator Anna Enquist mikt ook op het ongeoefende publiek.

Amsterdam krijgt er zaterdag een Poëziemuseum bij, verspreid over maar liefst tien paviljoenen. Ze staan in het gras van het Museumplein, ze zijn 'rolstoelvriendelijk' en gratis toegankelijk. Wie ze wil bezoeken moet wel even een app downloaden, want het museum is virtueel. Dankzij de techniek van 'augmented reality' zien poëzieliefhebbers die fysiek op het plein aanwezig zijn, de gebouwtjes op het scherm van hun mobiele telefoon verschijnen.

Van de technische kant van dit nieuwe museum snapt schrijfster en dichteres Anna Enquist 'helemaal niets', zegt ze zelf. Toch zei ze van harte 'ja' toen de initiatiefnemers (Twan Janssen en Johannes Verwoerd) haar vroegen als curator. "Alles wat de poëzie bevordert, moet je toejuichen. Ik zie het als een soort zendingswerk." Bovendien vond ze het leuk 'dat die jonge mannen zo'n oude dame uitnodigen'. "Eén van hen zei: 'Ik zou het zo goed vinden als er gedichten van Ida Gerhardt in het museum zouden hangen'. Dat trok me over de streep."

Carte blache

Als curator kreeg ze carte blanche om voor elk virtueel paviljoen één dichter te selecteren, zes gedichten per persoon, dus zestig gedichten in totaal. Haar keus viel op werk van Alfred Schaffer, Elly de Waard, Eva Gerlach, Gerrit Kouwenaar, Ida Gerhardt dus, Leonard Nolens, Menno Wigman, Neeltje Maria Min, René Puthaar en Annie M.G. Schmidt. Die laatste is "echt een liefde van mij", zegt Enquist. "Het is heel jammer dat ze nooit de P.C. Hooftprijs voor poëzie heeft gekregen. Haar gedichten zijn in de onderlagen best aangrijpend."

Neem 'Erwtjes', waarin een meisje van zeventien een hele middag erwtjes moet doppen, tot haar grote verdriet:

"Toen ging ze maar wat dromen, van geluk,
en dat geluk had niets van doen met erwten
maar met de Liefde en de Grote Verte. Dat
dromen hielp. Het scheelde heus een stuk."

Maar een halve eeuw later denkt dit inmiddels oud geworden meisje: toen op het balkon, met mijn moeder en die erwtjes in de zon, tóén was ik gelukkig.

Voor iedereen

Enquist koos Annie M.G. Schmidt ook nog om een andere reden: "Het Poëziemuseum hoeft niet highbrow te zijn. Er komen vast ook mensen op af die niet zoveel ervaring hebben met gedichten lezen."

Zij hoopt op docenten Nederlands en hun schoolklassen vol jongeren, die allemaal een mobieltje hebben en daarmee mooi over het Museumplein kunnen struinen. Poëzie is in de virtuele realiteit mogelijk vluchtiger dan op papier, "maar misschien wordt er toch iemand geraakt". En hopelijk botsen al die op hun schermpje starende lezers op het plein niet tegen elkaar op.

Zelf het Poëziemuseum bezoeken? Ga vanaf zaterdag naar het Museumplein en open de app (nu al gratis te downloaden via www.poëziemuseum.amsterdam).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden