'Zelfs mijn hond is tweedehands'

Iedereen kan de laatste mode bij elkaar shoppen, maar een eigen stijl is niet te koop | tekst Roos Menkhorst | foto's Maartje Geels

"Ik word ook wel Fransje Tweedehandsje genoemd. Zolang ik me kan herinneren, struin ik markten en winkels af op zoek naar vintage- kleding. Sinds 2010 heb ik mijn eigen kledingmerk, Topshit Vintage. Ik lever aan verschillende winkels vintage kleding, alles is door mij persoonlijk uitgekozen.


Toen ik net begon, kocht ik veel bij kringloopwinkels en op markten. Dat kostte ontzettend veel tijd. Inmiddels heb ik verschillende leveranciers en rijd ik in mijn bestelbus door het hele land. In de vintagewereld werkt het zo: je hebt grote loodsen overal in de wereld. Daar kun je kleding afnemen vanaf drieduizend euro. Je kunt het alleen niet zelf uitkiezen. Dat is jammer, want driekwart van de kleding is niet om aan te zien. Bij een mannetje dat wel groot inkoopt, haal ik mijn kleding. Bij hem kan ik met de hand uitzoeken en ga ik op zoek naar de kersen op de taart.


Ik ben altijd met mode bezig. Ik kijk constant om me heen, en ik ga nooit de deur uit zonder na te denken over wat ik aanheb. Ik ben ijdel, zonder meer, maar mode heeft voor mij vooral met expressie en karakter te maken. Soms voel ik me stoer, dan trek ik een oversized colbert aan en zet ik een petje op. Als ik een rotdag heb, trek ik juist opvallende kleding aan waardoor ik me beter voel.


In Nederland vind ik het straatbeeld wel heel praktisch, het is wat saai. Weinig expressie of eigenheid. Met Topshit wil ik vrouwen laten zien dat vintage kleding heel erg van 'nu' kan zijn. Ik krijg nooit te horen: 'je lijkt wel een wandelende vintage encyclopedie', of: 'heb je de verkleedkist geplunderd'. Het gaat om het combineren van oud en nieuw, en zo creëer je een eigen stijl.


Mijn gevoel voor mode heb ik meegekregen van mijn familie. We zijn opgegroeid in Veenendaal, toch gingen mijn ouders een keer in de maand naar Rotterdam om te winkelen. Daar had je een winkel die het merk Moschino verkocht. Ik weet nog dat mijn moeder op een dag thuiskwam met een felgroene bomber met gouden details, die had mijn vader voor haar gekocht. Dat klinkt nu ordinair, maar dat was toen chic en avant-garde. Mijn ouders leerden mij om aan te trekken wat ik wil, en schijt te hebben aan wat andere mensen denken."

De hond

"Mijn opvallendste accessoire is mijn hond, ik neem hem overal mee naartoe. Hij heet Hans, mensen noemen ons Frans en Hans. Ik heb mijn teckel op Marktplaats gevonden: zelfs de hond is dus tweedehands. Van tevoren zei iedereen: 'Op Marktplaats moet je geen hond kopen.' Toen ik de foto's van het nest voorbij zag komen, was ik eigenlijk al verkocht. 'Ik ga alleen even kijken', had ik mijn toenmalige vriend verzekerd. Hans beet mij bij die eerste ontmoeting zachtjes in mijn been. Een week lang kon ik niet ophouden te denken: 'Ik wil hem hebben, ik pas mijn leven er wel op aan.' Sinds ik de master scenografie doe, is het alleen steeds lastiger te combineren. In het begin sneakte ik hem weleens de school in. Tot ik op mijn kop kreeg van de directrice, nu durf ik dat niet meer."


De jas


"De jas is van nepbont. Hij hoort, net als de blouse, bij de Topshitcollectie. Ik heb hem gevonden bij mijn vaste mannetje Youssef. Als hij nieuwe aanwinsten heeft, appt hij me altijd. Soms mag ik zelfs in zijn loods om zelf te zoeken."


De gouden ring


"Ik heb deze vintage-ring al zeven jaar, ik heb hem altijd om. Hij heeft in het midden een grote zwarte steen, die wordt gedragen door twee vrouwen. Ik zie mezelf als een sterke, onafhankelijke vrouw, en dat is wat die ring voor mij symboliseert. Een feminist zou ik mezelf niet zo snel noemen, maar ik geloof wel heel erg in gelijkheid."

De blouse

"Je zal mij nooit met een decolleté zien. Ik houd daar echt niet van. Voor mij zit vrouwelijkheid in je polsen laten zien, je hals en een stukje van je enkels. Ik vind een decolleté iemand zelfs minder sexy maken. Mijn katholieke opvoeding zal hier wellicht een rol spelen. Deze blouse heb ik gevonden bij een leverancier. Ik heb hem gekocht vanwege het klassieke boordje, ik houd erg van die Victoriaanse stijl."


De schoenen


"De schoenen zijn het enige designstuk dat ik ooit heb gekocht, ze zijn van het merk Maje. Ze waren vierhonderd euro, in de sale heb ik ze kunnen kopen voor 230 euro. Ik vond het zo moeilijk om aan één paar schoenen zoveel geld uit te geven. Het is eigenlijk om te lachen: soms geef ik per week namelijk makkelijk tweehonderd euro uit aan vintage kleding op een markt. Maar over dit paar heb ik een week getwijfeld."


De kettingen:


"Ik draag een gouden kruisje en een ketting met 'Amsterdam' als hanger. Een kruis vind ik een heel sterk symbool. Ik word er altijd door aangetrokken. De ketting met 'Amsterdam' draag ik omdat ik er vijftien jaar heb gewoond. Vier maanden geleden ben ik verhuisd naar Rotterdam. Ik had jaren antikraak gewoond. Op een gegeven moment moest ik om de drie maanden verhuizen. Ik dacht: ik ben 33, de grap is er nu wel van af. In Amsterdam kon ik alleen niks betaalbaars vinden. Door een vriendin kwam ik op het idee in Rotterdam te zoeken, en al snel had ik een fantastische woning. De ketting heb ik gekocht toen ik net was verhuisd. Rotterdammers reageren er heel leuk op."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden