Zelfs een erfwinkeltje ligt moeilijk

door Jeroen den Blijker

Een erfwinkeltje, een camping, een uitspanning waar wandelaars even kunnen uitblazen: veel boeren zinnen op nieuwe kansen. Maar zij vinden de gemeenten op hun weg.

Nee, hij wil niet met naam en toenaam in de krant. De voormalig varkenshouder is namelijk al acht jaar bezig met de gemeente om zijn minicamping te mogen ombouwen tot een volwaardige camping. „Mijn adviseur denkt dat de gemeente dit voorjaar over de brug komt. Het lijkt me niet verstandig daar nu over te praten. Kunt u niet iemand anders vragen?”

De huiver om naar buiten te treden is exemplarisch. Boeren die willen omschakelen zijn met handen en voeten gebonden aan de vergunningverstrekker. En dat vaak al jarenlang. „Wie in zijn schuur wat horeca wil opzetten, een adviesdienst, een timmer- of klusbedrijfje wil starten, moet een lange adem hebben”, zegt Tjerk Elzinga, beleidmedewerker van boerenorganisatie LTO Noord. „Daarvoor moet namelijk de agrarische bestemming worden gewijzigd en dat kan niet zomaar. Van alles moet dan worden onderzocht: hoeveel verkeer trekt de nieuwe activiteit aan? Wat zijn de parkeerfaciliteiten? Hoeveel overlast is te verwachten? Dat duurt dus jaren. Zelfs erfwinkeltjes liggen moeilijk, omdat die het dorp zouden beconcurreren.” Â

Tegelijk is er de noodzaak het platteland een nieuwe economische impuls te geven, zegt Bertus Hesselink. „Alleen al in de Achterhoek houdt de komende tien jaar driekwart van de boeren het voor gezien.” Hesselink is voorzitter van de LTO-afdeling in de gemeente Berkelland. „Veel boeren hebben geen bedrijfsopvolgers, ze zien onvoldoende perspectief of denken, vooruitlopend op de afschaffing in 2014, hun melkquotum goed te kunnen verkopen.”

Nu hebben de gemeenten in de Achterhoek wel een gezamenlijk plan opgesteld voor de toekomstige plattelandsontwikkeling. De regio is daarmee een van de voorlopers in Nederland. „We zijn daarmee op de goede weg, maar wat de gemeenten willen, is nog veel te betuttelend”, zegt Hesselink. Leefbaarheid en kleinschaligheid bijvoorbeeld gaan in de visie van gemeenten hand in hand. Dat leidt tot veel gesteggel om een paar meter, zegt Hesseling. „Een standaard ligboxenstal heeft een vloeroppervlakte van 1200 vierkante meter. Prima ruimte voor een aannemer, zou je zeggen. Maar volgens de huidige plannen wordt de bestemming alleen gewijzigd voor activiteiten van maximaal 350 vierkante meter”, zegt Hesselink.

Nu kunnen de boeren met veel eisen leven, onderstreept hij. ,,We zijn het ermee eens dat alle activiteiten binnen bestaande gebouwen moeten plaatsvinden, om verrommeling van het landschap te voorkomen. Dat er geen nieuwe grootschalige horeca bijkomt of supermarktketen, prima. We willen ook helemaal geen grote supermarkt. Maar er moet toch wel íets meer mogelijk zijn dan wat gemeenten nu willen toestaan; winkeltjes met uitsluitend streekproducten.”

Hesselink voorspelt dat gemeenten zich in de vingers snijden als ze zo star blijven opereren. „Ik ken een varkensboer die een paar jaar geleden is omgeschakeld naar wijn. Prachtig, zo vindt ook de gemeente. Die wijnstokken passen namelijk heel goed in het landschap. De man laat in zijn schuur wel eens een glaasje proeven aan gasten. Maar een tweede glaasje mag niet, want dan is het opeens horeca. Daarvoor moet je dus een vergunning hebben. Nu moet de man bussen vol mensen op een bedrijfsuitje aan zich voorbij laten gaan. Want die mensen willen nog wel eens een glaasje extra drinken. En die man heeft die extra glaasjes eigenlijk nodig om financieel rond te komen.”Â

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden