ESSAY

Zelfmoord in China

Het Aokigahara-bos in Japan is berucht: daar slaan veel mensen de hand aan zichzelf - ondanks bordjes met vermaningen om dat niet te doen. Beeld Hollandse Hoogte

"Ik stuurde dit verhaal over de zelfmoord van een studente in 2014 naar mijn broer Joost. Ik mailde hem dat hij het misschien interessant zou vinden, en dat me was opgevallen dat hij in zijn essays over zelfdoding nooit de culturele kant van het verhaal besprak."

Mijn vader heeft zelf in een wanhopige - en, jawel, egoïstische - bui geprobeerd een einde aan zijn leven te maken. Voor een zoon is het een klap in het gezicht, dat je het niet waard bent om voor in leven te blijven. Mijn broer Joost heeft er veel over geschreven in Nederland, maar hij was er niet toen mijn vader wakker werd, begreep dat hij in het ziekenhuis lag en onmiddellijk zei dat hij dit niet had gewild. Een vriend van hem, naast zijn ziekenhuisbed, zei 'nee, natuurlijk wilde je niet dood, natuurlijk niet'. Maar mijn vader bedoelde dat hij niet wilde leven. Ik zei niets. Wat kun je op zo'n moment als zoon zeggen? Behalve 'wat ben je een enorme lul', maar daar leek het me de tijd noch plaats voor.

Zoiets dacht ik ook toen ik hoorde van de zelfgekozen dood van een student, Fiona (de Engelse versie van haar Chinese naam Fu Xi). Ik had haar graag willen uitschelden voor haar egoïstische daad. En daarna omhelzen vanwege haar wanhoop.

Schrijver en essayist Alexander J. Zwagerman (1973) woont afwisselend in Burma en China. Hij doceert sinds 2009 westerse literatuur aan verschillende Chinese universiteiten.

In de jaren negentig had China een van de hoogste zelfmoordpercentages ter wereld. Het waren vooral jonge meisjes op het platteland die de dood kozen, meestal door pesticide te drinken. China had in die jaren ook de merkwaardige eer om als enige land ter wereld meer vrouwelijke zelfdodingen dan mannelijke te hebben. In sommige jaren waren er vier keer zoveel vrouwen die de wanhopige stap namen als mannen. In alle andere landen zijn de mannen in dit geval het zwakkere geslacht. In 2002 meldde het Britse medische tijdschrift The Lancet dat in China tussen 1995 en 1999 23,2 gevallen van zelfdoding per 100.000 mensen kende. In 2009 tot 2011 was dat 9.8, een ongelooflijke daling; geen enkel ander land ter wereld heeft ooit zo snel zo'n daling gezien. In China is het zelfs gebeurd zonder een dramatische verbetering van de geestelijke gezondheidszorg en zonder een of andere nationale campagne. Het is gewoon gebeurd. In diezelfde periode heeft China een enorm economisch wonder meegemaakt en het zal ongetwijfeld iets met elkaar te maken hebben. Geld maakt niet gelukkig, maar blijkbaar maakt het minder mensen zo ongelukkig en wanhopig om de eigen dood te kiezen. In het rijke Westen is dat echter niet het geval. Daar zijn de percentages wat omhoog gegaan, van 11,6 naar 14.

Hu Yalu
Hu Yalu is een leuke meid van 23, afkomstig uit een dorpje nabij Chengdu. Ze ziet er prima uit en heeft veel vriendinnen. Op haar Weibo - een soort Facebook - schrijft ze over Koreaanse popmuziek en haar marketingstudie in Peking. Vorig jaar heeft ze geprobeerd zelfmoord te plegen, maar nu heeft ze er spijt van. Ze had slechte cijfers gehaald en was haar studiebeurs kwijtgeraakt. Haar vriendje bood aan om haar te helpen, maar wilde in ruil daarvoor een afspraak dat ze zijn maîtresse zou worden en hij met een meisje van zijn eigen stand kon trouwen.

Omdat ze twijfelde maakte hij het uit en schreef op een briefje dat ze later in haar tas vond dat ze maar beter een einde aan haar leven kon maken, want er zou nu toch niets van haar terecht komen. Op haar kamer op de universiteit vond ze slaappillen in de tas van een kamergenoot en op een avond voor een vakantie, toen iedereen naar hun ouderlijk huis was teruggekeerd nam ze het flesje van haar kamergenoot en nam alle pillen in met een scheut baijiu, Chinese sterke drank.

Als ik met haar praat in een coffeeshop in het Sanlitun district van Beijing, valt mij op hoe rustig en zakelijk ze erover praat. Ze heeft haar handen in haar schoot en kijkt naar de grond als ze zegt dat het blijkbaar niet allemaal goede slaappillen waren. Ze moest alleen maar heel erg overgeven en was dronken van de baijiu, maar verder niet. Dan kijkt ze op en zegt 'denk je dat er een God is die me heeft gestopt?'

Ik weet niet wat ik ervan moet denken, want als dat zo is, dan suggereert dat natuurlijk meteen dat God anderen niet stopt en dat besef maakt mij verdrietig, zelfs al stemt de reddende God haar hoopvol. Ik wil liever weten hoe ze er nu mee omgaat, wie ze het allemaal heeft verteld en ik wil weten wat ze denkt over Fiona, die een vriendin van haar was. Dus zeg ik dat als God haar heeft gestopt, dat natuurlijk prachtig is. Maar waarom Fiona niet?

Val in zelfmoordstatistieken
Yalu en Fiona zijn uitzonderingen, want de enorme val in de Chinese zelfmoordstatistieken is het duidelijkst bij vrouwen tot 35. In 1990 was dit de grootste groep. Het aantal zelfmoorden in deze groep is met 71 procent afgenomen; als je alleen kijkt naar jonge vrouwen op het platteland, dan is die afname bijna 90 procent. Overigens is het heel goed mogelijk dat veel zelfmoorden worden afgedaan als dood door ongeval, maar volgens de meeste experts is die trend niet veranderd in de jaren, dus zelfs als het aantal zelfmoorden nu hoger is dan in de statistieken, dan was het in de jaren negentig nog vele malen hoger.

Er zijn twee uitzonderingen op de neerwaartse trend: ouderen en hoge partijfunctionarissen plegen meer zelfmoord dan voorheen. De ouderen zijn vaak eenzaam of voelen zich bezwaard om hun familie op te zadelen met medische zorg, en de significante groei onder partijfunctionarissen is pas sinds 2012, dus een verband met de anti-corruptiecampagne van president Xi Jinping ligt voor de hand.

Yalu heeft een vriendin die ook van het platteland komt en samen hebben ze het weleens over Yalu's zelfmoordpoging. Ze heeft het er nooit met anderen over en ik heb het ook alleen maar van haar gehoord na de onverwachtse dood van Fiona. De vriendin spreekt geen Engels, maar Yalu stelt me toch aan haar voor en de twee hebben snel veel lol om mijn slechte Chinees.

Vervreemding
De migratie van meisjes van het platteland naar de stad is een van de factoren waardoor zelfmoord onder hen is afgenomen. Hoewel ze als tweedeklasburgers worden beschouwd in de stad, voelen ze zich bevrijd: geen druk van de familie, geen ongelukkige huwelijken waar ze anders te jong in zouden zijn gestapt, geen dictatoriale schoonmoeders en geen zwaar werk op het land. Maar misschien, zegt de vriendin van Yalu, is het veel moeilijker om in de stad een goed glas giftige pesticide te vinden. Zwarte humor is een goed medicijn.

China bewijst het tegendeel van de theorie van Emile Durkheim, een Franse socioloog uit de 19de eeuw, dat verstedelijking, modernisering en het kleiner worden van families een soort vervreemding veroorzaakt die een hoger zelfmoordpercentage tot gevolg heeft. In rijkere landen bestaat dat Durkheimeffect, maar blijkbaar is enige economische vooruitgang en verstedelijking goed voor de menselijke geest.

Yalu en haar vriendin zijn het erover eens dat Fiona alles had om voor te leven. Ze was lang en mooi en haar ouders hadden goede banen bij de overheid, wat men in China een 'ijzeren rijstschaal' noemt, omdat je altijd te eten zult hebben. Dankzij haar studie Japans kon ze zelf ook rekenen op een goede baan. Maar het was in Japan waar ze depressief was geworden.

Yalu merkte een andere toon in haar e-mails en berichtjes op WeChat, een veel gebruikt programma om tekst-, foto- en videoberichtjes te sturen. In november 2013 reed ze in een huurauto naar Aokigahara en plaatste foto's op haar WeChat met het onderschrift dat dit bos in vroeger tijden werd gebruikt voor ubasute, een ritueel waarin de oudste en ziekste leden van de gemeenschap het bos in werden gedragen om daar in alle rust te sterven en zo de gemeenschap te verlossen van een last.

"Ik stuurde een berichtje terug dat ze daar maar niet te lang moest blijven, in het geval de Japanners haar als last zagen voor hun gemeenschap", zegt Yalu. "Het was een flauwe opmerking, maar niet bedoeld om haar pijn te doen."

Alles is al gezegd
In haar laatste e-mail aan mij vertelde Fiona over een roman uit 1960, van Seicho Matsumoto, waarin de heldin in Aokigahara zelfmoord pleegde. Ook schreef ze dat veel Japanners zich in de jaren negentig, nadat de financiële zeepbel waarop het Japanse systeem was gebouwd was geknapt, zichzelf hier van het leven hadden beroofd.

Ik vond de toon van haar e-mail erg deprimerend, maar helaas ging ik alleen maar in op het economische verhaal in haar bericht, dat de Chinese banken erg lijken op die van Japan voor de crash van de jaren negentig, en dat er nu ongetwijfeld minder zelfmoorden in Japan zijn.

Een week later hoorde niemand meer van Fiona. Haar huurauto werd gevonden bij een van de ingangen van Aokigahara. De baas bij wie ze stage liep belde de school om te klagen over haar onverwachte afwezigheid. Niemand wist wat er was gebeurd, maar iedereen was bang dat ze het bos in was gegaan om een onwereldse stilte te zoeken.

Yalu heeft een foto van Fiona en haarzelf. Ze heeft nu een nieuw vriendje die niets weet van de schoft die haar ooit in een briefje zelfmoord had aangeraden. Hij weet niet eens dat Yalu ooit zelf zelfmoord heeft geprobeerd te plegen. "Hij wil dat ik de foto wegdoe. Hij zegt dat het ongeluk brengt om een foto te houden van iemand die zelfmoord heeft gepleegd."

Later op de avond lopen Yalu en ik over de straat in Sanlitun naar haar campus. Haar vriendin moet die avond werken en heeft al gedag gezegd, dus we zijn alleen met vele mensen die langs ons heen schieten. Mensen die Fiona nooit hebben gekend, mensen die niet weten hoe wij lijden. Er hoeft niets meer gezegd te worden, want alles is al gezegd. En niets is uitgelegd. Ze omhelst me bij de poort waar we gedag zeggen, een bijzonder afscheid in China, waar publieke affectie ongewoon is, zelfs tussen minnaars. Ik merk dat mensen naar ons kijken en denken dat een vieze oude buitenstaander een Chinees meisje heeft versierd.

Het lichaam van Fiona is pas maanden later gevonden, maar iedereen had toen al aanvaard wat ze had gedaan. Het was een bevestiging van al onze onbeantwoorde vragen, maar nog steeds geen uitleg. Ze had zich opgehangen aan een boom op een van de vele heuvels van oud vulkanisch materiaal.

Langs de weg naar de heuvel staat een bordje met de Japanse tekst dat het leven waardevol is, en een alarmnummer voor suïcidale personen, want Fiona is niet de enige die Aokigahara als een veel te vroeg eindstation van haar reis heeft gekozen. Het enorme bos slokt de geesteszieken, de wanhopigen en de moedelozen op, als een zwijgend, prachtig en wachtend monster. Een bos van dodelijke schoonheid in een land dat zoveel rijker en vrijer is dan China, maar dat ons eraan herinnert dat de wereld nooit verlost zal worden van de ziekte die zelfdoding heet.

Dit essay is afkomstig uit: Alexander Zwagerman, 'Eerst Xi dan geloven'. (Pharos; 160 blz. euro 15,90.)

De opbrengst van dit boek met essays over China, dat deze week verschijnt, gaat naar Hong Kong Free Press, een non-profit nieuwssite die in Hong Kong een tegengeluid laat horen nu de meeste media daar pro-Peking zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden