Zelfgebakken

Achter elke rouwadvertentie schuilt een verhaal. Mickelle Haest tekent de ervaringen op van een uitvaartverzorger.

De ouderdomsrimpels van de vrouw voor mij worden strak getrokken door de vele medicijnen die ze slikt. De dood laat zich al zien in de vorm van een masker. "Ik wil nu alles bespreken en regelen", zegt ze zacht. Ze vertelt me, ondersteund door haar zoon, het verhaal van haar ziekte. "Ik kom nu op een punt dat het niet meer gaat. Al heel lang ben ik hulpbehoevend. Nu moet ik ook met gênante dingen geholpen worden." Haar man is jaren geleden al gaan hemelen.


"Ik wil begraven worden in mijn dorp. Ik wil worden bijgezet in het graf van mijn man." Van de dood gaat ze over op het leven. "Ik heb een hoop vrijwilligerswerk gedaan. Ik kom uit een grote familie, daar heb ik geleerd dat je elkaar hoort te helpen." Ze kijkt haar zoon liefdevol aan. "Ik heb zelf maar één kind. Direct na zijn geboorte begon mijn ziekteproces al. Vanwege operaties heb ik mijn gezin nooit compleet kunnen maken. Maar het is een welbesteed leven geweest..."


Even is ze stil en dan breekt een glimlach door op haar gezicht. "Ik heb iets bedacht", zegt ze samenzweerderig. "Ik ben in mijn familie befaamd om mijn appeltaart. Ik doe onderin een laagje amandelspijs en noten. Niet alleen maar appels, kaneel en rozijnen. Iedereen vreet zijn vingers op bij mijn appeltaart."


"Zeker weten", bevestigt haar zoon met een grote glimlach. "Als ik ergens op bezoek ging, nam ik nooit bloemen mee, maar altijd appeltaart. Op mijn verjaardag bakte ik er wel vijf."


Ze neemt een slok water om verder te kunnen praten. "Ik ben blijven bakken. Zittend op een stoel bij het aanrecht. Ik heb er nu vijftien gemaakt, extra grote. Ze zijn allemaal ingevroren. Hier zitten er een paar in de vriezer, bij mijn zoon en bij de buren een paar. Na afloop van de begrafenis krijgen mijn familie en vrienden koffie met mijn appeltaart en ik wil ook dat ze weten dat die door mij is gebakken."


Ik krijg buikpijn. Je mag tegenwoordig in geen enkel uitvaartcentrum zelf meegebrachte taart serveren. Door de hygiënewetgeving is iedereen als de dood dat er iemand ziek wordt. Vroeger kon het nog wel als je serveerkosten betaalde.


"Dat gaat waarschijnlijk een probleem worden", zeg ik voorzichtig. "Zelf meegebracht voedsel serveren wordt nergens meer geaccepteerd." Haar ogen vullen zich met tranen. "Maar ik ga het proberen", zeg ik snel. Als ik wegga, klampt ze zich aan mij vast. "Doe alsjeblieft je best, want dit is wat ik echt wil."


Ik ga langs bij de begraafplaatsbeheerder en de chef catering. "Ik heb een probleem, en ik hoop dat jullie het kunnen oplossen." Ik vertel het verhaal. "Nee, dat kan niet", antwoorden ze in koor. "En dat weet je toch", zegt de chef catering. "Ze zijn al gebakken", probeer ik. En ik vertel ze om wie het gaat. "Oh, die kennen we wel. Zij heeft heel veel voor het dorp gedaan." Met een 'we gaan erover nadenken' ga ik richting huis.


"We maken een uitzondering", hoor ik een dag later via de telefoon. "Het is echt alleen maar voor deze ene keer. Bovendien willen we dat de familie een verklaring tekent dat wij niet verantwoordelijk zijn en dat zij de verantwoordelijkheid van ons overnemen."


Ik ga die dag nog langs bij de vrouw. Ze reageert licht beledigd. "Er is nog nooit iemand ziek geworden van mijn taart." "Dan is er dus ook geen probleem", zegt haar zoon vriendelijk. Ze lacht: "Ik kan er sowieso niet ziek meer van worden. Dus teken jij maar." Met een glimlach stop ik even later de getekende appeltaartverklaring bij de rest van de papieren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden