Zelfbouw vergt een lange adem

Veel mensen dromen ervan: een eigen kavel waarop, geheel naar eigen inzichten, een huis gebouwd mag worden. Het kan, maar je moet stevig in je schoenen staan.

Elk jaar als de kavelmarkt in Almere weer van start gaat, wachten mensen – al dan niet gehuld in slaapzakken – tot de deuren worden geopend. Ze willen er zeker van zijn dat ze het kavel van hun eerste keus bemachtigen. Daarop kunnen ze een eigen ontworpen huis neerzetten. Hun droomhuis.

Inmiddels wordt er in de zelfbouwwijk Homeruskwartier flink gebouwd. Tussen de zanderige bouwplaatsen staan veel huizen die al af zijn. Platte daken, groene gevels, glazen wanden; alles staat door elkaar. En dat mag.

De komende jaren zal de gemeente Almere zo’n zeshonderd kavels per jaar aanbieden. Ze verschillen in grootte (die varieert van honderd tot vierduizend vierkante meter) en dus ook in prijs. Er kunnen rijtjeshuizen, vrijstaande woningen en woonwerkvilla’s op worden gebouwd.

Almere is zeker niet de enige gemeente waar bewoners zelf hun huis bouwen. „Het lijkt alsof er in heel Nederland een toename te zien is van het aantal zelfbouwwijken”, zegt Manon van Essen van Vereniging Eigen Huis. „Maar dat is een gevoel dat we niet met cijfers kunnen staven.”

Het is wel het streven van de overheid: het ministerie van ruimtelijke ordening had als doel gesteld dat tussen 2005 en 2010 een derde van de woningbouw via particulier opdrachtgeverschap zou worden geregeld. Dat volume is niet gehaald, maar op vrijwel iedere vinexlocatie, het Amsterdamse IJburg, Leidsche Rijn bij Utrecht, het Haagse Ypenburg en Meerhoven bij Eindhoven – overal zijn vrije kavels ingepland.

De Vereniging Eigen Huis is een groot voorstander van dit particulier opdrachtgeverschap. „Je hebt als huiseigenaar dan veel meer zeggenschap over je woonwensen dan wanneer je een bestaande woning koopt”, zegt Van Essen.

Wanneer iemand een kavel heeft bemachtigd, mag hij daar niet zomaar alles op neerzetten wat hij wil. De welstandseisen verschillen per gemeente. In het Homeruskwartier in Almere zijn die eisen er bijna niet, maar in andere gemeenten kunnen ze strenger zijn. „Er zijn gevallen waarin de voorschriften bepalen wat voor type dak op een huis moet of wat de uitstraling van een woning moet zijn. Het komt zelfs voor dat de welstandscommissie bepaalt welke kleur steen of steensoort gebruikt moet worden. Die beperkte vrijheid kan een reden zijn om een kavel niet te nemen’’, zegt Van Essen.

Maar, zelfs als de vrijheid om te bouwen heel groot is, zijn er toch mensen die een ’gewone’ cataloguswoning nemen. Een huis dat al helemaal ontworpen is en meestal elders al eens is gebouwd. „Je eigen huis bouwen is een intensief avontuur. Het plezier ervan kan heel erg groot zijn, maar dan moet je je wel heel goed voorbereiden. Doe je dat niet, dan is de kans groot dat het een heel naar avontuur wordt.”

Dat wil ik ook, dacht Rob Veening toen hij een paar jaar geleden bij iemand in de nieuwe Amsterdamse wijk IJburg ging kijken, die zijn eigen huis aan het bouwen was. Nu staat hij trots voor zijn eigen pand, aan de Zeussingel in Almere.

Veel buren heeft hij nog niet, maar die komen wel. Daar is hij van overtuigd. Of zij hun huis ook zo’n unieke gevel zullen geven, dat denkt Veening niet. Rondom zijn huis hangen beige stroken, gemaakt van glasvezel en teflon, zachtjes wapperend in de wind. Het ontwerp is van cc-studio & studio TX. „Mijn muren leven.”

Veening krijgt regelmatig reacties van voorbijgangers. Mensen stoppen soms om een foto te maken. „Zelfs de postbode was geïnteresseerd”, zegt hij. Veening, kunstschilder van beroep, noemt zijn huis een experiment. Hij doet alles zelf, er komt vrijwel geen klusjesman aan te pas.

Helemaal nieuw is het bouwen van een huis voor Veening niet. „Ik heb in Canada gewoond, daar heb ik mijn huis van de grond af aan opgebouwd. Ook staat er een eerder zelfgebouwd huis van mij in Almere.”

De kunstenaar had een scherp budget voor zijn project. Het kavel heeft hij gekocht voor ongeveer 50.000 euro. Daarop heeft hij nu een houten huis gezet met vier verdiepingen en een dakterras. Het woonoppervlak bedraagt tweehonderd vierkante meter. Voor de hele bouw had hij 250.000 euro beraamd. „Dat bedrag heb ik inmiddels ruim overschreden. Ik heb helaas bij moeten lenen. Inmiddels zit ik aan de 280.000 euro.”

De overschrijding komt vooral door een te krappe budgettering. Veening heeft inmiddels verschillende manieren gevonden om op de kosten te kunnen besparen. „Ik heb de vier trappen zelf gemaakt en ik ga ook zelf isoleren. Op de bovenste verdieping ben ik daar al mee begonnen, dat geeft meteen een heel andere sfeer aan het huis.”

Als het mooi weer is, staat hij – regelmatig samen met zijn ontwerper Gerald Lindner – op de hoogwerker aan de gevel te knutselen. „Dat vind ik toch wel bijzonder, dat een architect zo enthousiast is dat hij me ook op die manier wil helpen.”

Zelf een huis bouwen is volgens Veening absoluut aan te raden. En het hoeft helemaal niet duur te zijn, als je maar een beetje handig bent. „De grond in het Homeruskwartier is relatief goedkoop. Je moet zoeken naar materialen met een goede prijs. Je kunt naar de bouwmarkt om de hoek gaan, maar als je op internet kijkt, betaal je voor hetzelfde spul vaak de helft van de prijs.”

Veenings doel is om eind dit jaar in zijn huis te trekken. Op de begane grond richt hij zijn atelier in. Via enorme vensters aan beide zijden van het pand valt er veel licht naar binnen. Op de drie bovenste etages komen de leefvertrekken.

Eén van Veenings paradepaardjes is het grote dakterras. Op 13,5 meter hoogte kan heeft hij uitzicht tot aan Amsterdam. „Als ik hier sta, voel ik me behoorlijk trots”, zegt hij, terwijl hij over de daken kijkt. „Veel mensen hebben de droom om zelf te bouwen, maar ze doen het niet. Terwijl het zo leuk is.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden