Zege van Cohen staat nog niet vast

Het gaat straks in juni tussen Cohen en Wilders. En waar twee vechten om een been...

Het mooie van de Nederlandse taal is dat er voor elke gebeurtenis een zegswijze bestaat. Sterker nog, soms zijn meer van dergelijke vlaggen beschikbaar en het is de vraag welke de lading het beste dekt. Waar moet de PvdA aan denken de eerste week na de leiderschapswisseling van Bos naar Cohen. Is de eerste klap hier ’een daalder waard’, of geldt veeleer dat het ’eerste gewin kattegespin’ betekent?

Het terugtreden van Wouter Bos en de entree van Job Cohen op het nationale politieke toneel kwam voor velen als een verrassing. Natuurlijk, Cohen was niet meer dan een eenvoudig partijlid dat zich kandideerde voor het lijsttrekkerschap van de immers intern democratische PvdA. Maar het was voor iedereen vanaf het eerste moment duidelijk dat het hier ging om de nieuwe politieke leider. Mogelijk zelfs om de aanstaande minister-president. De berichtgeving was welhaast euforisch, waaraan enige spin van de kant van de PvdA zeker bijdroeg. Volgens de eerste peilingen deed de PvdA goede zaken, en eveneens volgens peilingen zou een minister-presidentschap van Cohen op brede steun of althans sympathie kunnen rekenen. Mede gezien het lichte gemor in het CDA aangaande het leiderschap van Balkenende, was het begrijpelijk dat de wanhoop die tot voor kort in sociaal-democratische kringen viel te bespeuren was omgeslagen in hoop en vertrouwen. Van de deplorabele situatie waarin kort geleden Kamerlid Diederik Samsom meende dat de PvdA verkeerde, was na de voorzichtige opluchting na de raadsverkiezingen plots in het geheel geen sprake meer.

Maar hoe lang zal het duren? De politieke en electorale situatie in Nederland laat eigenlijk slechts als voorstelling toe dat zo goed als alles nog mogelijk is. Tussen de tweede week van maart en juni ligt een zee van tijd, waarin de hoop van nu gemakkelijk weer kan verdrinken. Want laten we eerlijk zijn: de positie van Cohen en zijn PvdA is weliswaar beduidend florissanter dan enkele maanden terug, maar nog altijd buitengewoon kwetsbaar. Enkele op zichzelf misschien kleine krasjes tonen dat het schitterende beeld van de wittebroodsweek van Cohen weinig robuust is.

Op het feit dat de nieuwe leider van de PvdA niet bij uitstek deskundig is op financieel en sociaal-economisch terrein is al door diverse commentatoren gewezen. Op zichzelf hoeft dat geen heel groot probleem te zijn, maar het meer subtiele signaal dat hiervan uit kan gaan is wellicht van groter belang. Met zijn leiderschap lijkt namelijk een keuze gemaakt te zijn voor het politieke vraagstuk dat centraal zal komen te staan in de komende campagne. Blijkbaar is het niet de economie waarover die campagne zal gaan, maar bovenal het integratievraagstuk. De boel bij mekaar houden is immers de mantra van Cohen. Nog even afgezien van de vraag of Cohen daar werkelijk in Amsterdam in alle opzichten in geslaagd is, wordt hiermee impliciet Geert Wilders als voornaamste politieke tegenstander gekozen. Nooit eerder zal in een campagne zo vaak theedrinken een thema zijn.

Dat Cohen op dit punt de strijd lijkt te zoeken met Wilders en niet op een politiek issue dat de PvdA vertrouwder is heeft andere voor de PvdA riskante neveneffecten. Cohen staat bekend als bestuurder, maar minder als een politicus die de harde strijd om de kiezers niet schuwt. Niet alleen mist hij die ervaring, maar het voeren van een keiharde, hier en daar wellicht negatieve campagne is bijna tegennatuurlijk voor iemand die vooral bindend wil zijn. Maar ja, als hij zich positioneert als man boven de partijen, staatsman, vader des vaderlands of wat dies meer zij, dan worden aanvallen van Wilders, en anderen, niet gepareerd. Na verloop van tijd moeten mensen dan wel geloven dat er een kern van waarheid zit in de alsdan onweersproken uitspraken en beschuldigingen. Of Cohen pakt de handschoen op en slaat, desnoods hard, terug naar Wilders. Die vervolgens fijntjes zal opmerken dat een dergelijk gedrag toch opmerkelijk is voor iemand die binden wil en de boel bij elkaar houden. Cohen krijgt zo dus een probleem met zijn dubbelrol van staatsman en beoogd premier en tevens politiek leider en voorganger in de waarschijnlijk uiterst venijnige verkiezingsstrijd.

De ironie kan trouwens willen dat niet Cohen, ingezet als matigende figuur boven de partijen, maar uiteindelijk Balkenende op 9 juni de pot wint. De strijd tussen Cohen en Wilders zal hard tegen hard zijn, met onderlinge verkettering, polarisatie en mogelijk uitsluiting. Dan kan een middenpartij met een ervaren politicus uitkomst bieden; Nederlandse kiezers houden niet van gedoe en geruzie en politieke spelletjes. Want zo zal de campagne door velen beschouwd worden. In het uitzonderlijke jaar 2002 kon Balkenende als een gematigd electoraal alternatief optreden. Het is denkbaar dat we in 2010 een herhaling van zetten zien. Zeker, zijn loopbaan van de afgelopen jaren kende struikel- en valpartijen, maar als Cohen en Wilders elkaar wekenlang het leven zuur hebben gemaakt, is Balkenende misschien een relatief fris en gematigd alternatief. Tja, waar twee vechten om een been...

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden