Zeg cello, en je zegt Rostropovitsj

Virtuoos cellist, dirigent en mensenrechtenactivist Mstislav Rostropovitsj overleed gisteren op 80-jarige leeftijd in zijn geliefde Moskou. Kunstenaars, koningen en politieke dissidenten waren bevriend met hem, want wie hield niet van ’Slava’?

’Een vulkaan die constant uitbarst’, noemde iemand hem ooit. Zeg cello, en je zegt Mstislav Rostropovitsj. Meer nog dan zijn illustere Spaanse voorganger Pablo Casals (1876-1973), staat de naam van de Russische Rostropovitsj synoniem voor het instrument waar hij internationale roem mee vergaarde. Hij bracht maar liefst 120 composities, speciaal voor hem gemaakt, in wereldpremière. Het laatste, een stuk van Penderecki, speelde hij in 2003 in Wenen. Daarna gaf hij het stokje door aan een jongere generatie.

Gisteren overleed de grote Rostropovitsj op 80-jarige leeftijd in een ziekenhuis in Moskou aan de gevolgen van kanker. Begin februari was hij daar al eens opgenomen in kritieke toestand. Hij kreeg er bezoek van president Poetin, die hem vervolgens de Orde van Verdienste voor het Vaderland, Eerste Graad toekende. Hij kreeg die ’voor zijn eminente bijdrage aan de ontwikkeling van de muziek en zijn vele jaren van creatieve activiteiten’.

De omgang met staatshoofden en het respect dat zij voor hem toonden, hoorde bij wereldburger Rostropovitsj. De cellist en zijn vrouw waren huisvrienden van koningin Beatrix en prins Claus. Bij verschillende speciale gelegenheden trad de cellist in privé- en openbare concerten op voor koningin en prins.

Mstislav Leopoldovitsj Rostropovitsj – Slava voor zijn vrienden, en wie was dat niet – was een icoon in de wereld van de cello én in de wereld van de klassieke muziek. In 1927 werd hij geboren in Bakoe. Naast cellist was hij dirigent, pianist, mensenrechtenactivist én echtgenoot van de eveneens wereldberoemde Russische sopraan Galina Visjnevskaja. Hij oversteeg zijn cello als het ware. Voor componisten als Dmitri Sjostakovitsj, Benjamin Britten en Sergei Prokofjev gold Rostropovitsj als muze, voor wie zij meerdere werken, nu alle opgenomen in de klassieke muziekcanon, componeerden. De cellist rekende deze en vele andere componisten tot zijn persoonlijke vrienden. Hij bekommerde zich de laatste vier jaar van diens leven om de zieke Prokofjev. Hij hield de Sovjetautoriteiten verantwoordelijk voor Prokofjevs dood. Hij beloofde de componist dat hij zich zou bekommeren om de opera ’Oorlog en vrede’ en hij hield die belofte, toen hij het grote muziektheaterstuk voor cd opnam. Een studie compositieleer gaf hij in 1948 op, omdat de Sovjetautoriteiten Sjostakovitsj – een genie volgens Rostropovitsj – voor de tweede keer in de ban hadden gedaan.

Rostropovitsj en politiek. Het is hem overkomen, zei hij steeds. In 1991 was hij in het Witte Huis van Moskou om de nieuwe politiek van de deze week overleden Boris Jeltsin en de zijnen te verdedigen. Door berichten bang geworden dat het communisme in Rusland weer de kop op zou steken, reisde hij vanuit Parijs spoorslags naar Moskou. Zijn vrouw, die op dat moment masterclasses gaf in Londen, lichtte hij niet in: „Ze zou me vermoord hebben.” Beroemd werd de foto van de cellist, wakend in het Moskouse Witte Huis, het machinegeweer van zijn tegen hem aan slapende bodyguard in de handen. Als men Rostropovitsj vroeg naar de betekenis van het communisme, antwoordde hij steevast: „Zevenentwintig miljoen doden.” Uit Moskou nam hij een stukje graniet mee van de sokkel van Felix Dzjerzjinski, oprichter van de KGB. „Het is mij een dierbaar souvenir.” Hij vond een medestrijdster in zijn vrouw Galina Visjnevskaja: „Nu moet het mausoleum van Lenin nog neer. Het is gewoon niet hygiënisch om die man daar zo lang opgebaard te laten liggen.”

In 1974 moesten Rostropovitsj en Visjnevskaja in ballingschap buiten de Sovjet-Unie leven. Zij hadden de dissidente schrijver Aleksandr Solzjenitsyn bij hen in huis genomen. „Toen wij hem in huis namen”, zei de cellist later, „bleek hoe ieder menselijk conflict naar een politiek conflict werd getild: je hebt iemand beschermd die tegen ons is, dus ben jíj ook tegen ons. Ik kreeg een politieke positie die ik nooit had gekozen – zoals de meesten van ons die de top van de piramide hadden bereikt. Wij lieten de politiek de politiek. De manier waarop Solzjenitsyn werd behandeld, opende voorgoed mijn ogen.”

In 1978 werd de cellist en zijn vrouw het staatsburgerschap van de Sovjet-Unie ontnomen. Alle prijzen en eerbetonen moesten ze inleveren. Rostropovitsj werd chef-dirigent van het National Symphony Orchestra in Washington, een positie die hij tot 1994 zou bekleden. De val van de Muur luidde de veranderingen in. Rostropovitsj was erbij en speelde tegen de achtergrond van een met graffiti volgekalkte muur cello; hij zat op een klapstoeltje. Een jaar later trad hij met zijn orkest uit Washington voor Gorbatsjov op in Moskou; het was de eerste keer dat hij er na zijn ballingschap terugkeerde. Hij speelde er Tsjaikovski en Sjostakovitsj evenals, de super-Amerikaanse mars ’Stars and Stripes Forever’.

Politiek die hem overkwam. Hij begreep er eigenlijk niets van. De cellist/dirigent keerde terug naar Moskou, maar wees het leiderschap van het Bolsjoitheater van de hand. De stad die hem onder Brezjnev uitspuugde, wilde hem weer terug. Moskou trok, ondanks alles. De zieke cellist was begin februari al opgenomen in een ziekenhuis in Parijs, maar hij wilde overgeplaatst worden naar Moskou. Toen hij weer tijdelijk uit het ziekenhuis was ontslagen bereidde men in Moskou de cellist op 26 maart een gala-concert ter ere van zijn tachtigste verjaardag. De verzwakte Rostropovitsj was er bij toen Poetin hem opnieuw fêteerde. In een korte toepspraak zei Rostropovitsj dat hij de gelukkigste man op aarde was, omdat zijn collega’s en familie op deze dag bij hem waren.

Nederland leerde Rostropovitsj kennen als cellist, maar ook als dirigent van het Koninklijk Concertgebouworkest en het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Zijn superioriteit als cellist stond buiten kijf, maar over zijn dirigeerkwaliteiten was men niet altijd zo euforisch. Hij had het zichzelf aangeleerd, tijdens het cellospelen met al die beroemde dirigenten over de hele wereld. In 1992 leidde hij bij De Nederlandse Opera in het Muziektheater de wereldpremière van Alfred Schnittke’s opera ’Life with an idiot’. Zijn jarenlange vriend Boris Pokrovski regisseerde. Uiteraard zorgde Schnittke in zijn opera voor een cellosolo voor de dirigent, evenals een lollig begeleidinkje op een ontstemde cafépiano. Rostropovitsj draaide er zijn hand niet voor om; weinig ging hem te ver. Wel trok hij zich in 2001 uit een volgend project van De Nederlandse Opera terug – ’Alice in Wonderland’ van Alexander Knaifel, geregisseerd door Pierre Audi. De muziek was te laat klaar. „Voor zo’n belangrijke gebeurtenis kan en wil ik onder deze voorwaarden niet de verantwoordelijkheid dragen, dat moet u begrijpen.” De Nederlandse Opera was er verlegen mee en kon ternauwernood een vervanger voor de belangrijke première vinden; de Knaifel-opera draaide uit op een flop.

In 2001 organiseerde het Koninklijk Concertgebouworkest een feestje voor de bijna 75-jarige Rostropovitsj. Onder de titel ’Slava in Amsterdam’ werkte hij mee aan twaalf concerten; hijzelf en zijn vrouw verzorgden tevens masterclasses. Het werd een ware happening, waarin de wodkafles – prominent figurerend op de affiches van het festival – kwistig rondging. Je dronk geen jus d’orange met Rostropovitsj, je dronk wodka, je liet je keer op keer hartstochtelijk omhelzen en je incasseerde dankbaar zijn natte zoenen. Berucht en geliefd waren zijn oneliners. In Amsterdam gaf hij daar in 2001 een klassiek voorbeeld van. In een discussie over interpretatie van een muziekstuk ontvouwde hij zijn eigen versie van Einsteins relativiteitstheorie: „In je soep zijn twee haren veel, op je hoofd is het weinig.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden