Ze zijn terug, de Britse auto's

Fameuze merken danken wederopstanding aan investeringen van buitenlandse bedrijven

CHELTENHAM - Verwacht geen brullende motoren als je het nieuwste sportmodel van de Range Rover uitprobeert. Al beklim je de steilste en modderigste heuvels in de bossen van Cheltenham, de terreinwagen zoemt alsof je in een stille Lexus over de snelweg rijdt.

"Ook al is deze auto gemaakt voor ruig terrein, veel van onze klanten zien hem als een luxevoertuig", zegt Ken McConomy bijna verontschuldigend. "Onze grootste concurrenten zijn niet andere terreinwagens, maar luxemodellen als de SE-klasse van Mercedes. Klanten willen een stille, comfortabele auto."

McConomy, het hoofd van de pr-afdeling van Jaguar Land Rover, draait overuren. Vijf weken lang presenteren hij en zijn team de nieuwste Range Rover aan autobladen uit de hele wereld. Aan het einde van de maand gaat het nieuwe sportmodel in de verkoop. In de glooiende heuvels rond het stadje Cheltenham in West-Engeland kunnen belangstellenden de terreinwagen uitproberen. "Volledig ontworpen en gemaakt in Groot-Brittannië", zegt hij met trots.

Het zijn gouden tijden voor de autofabrikant. Jaguar Land Rover maakt dit jaar een winst van 2 miljard euro en verkocht in 177 landen 360.000 voertuigen, een stijging van 30 procent in vergelijking met het jaar ervoor. Vier jaar geleden draaide het bedrijf nog een verlies van 600 miljoen euro, maar sindsdien is de omzet bijna verviervoudigd.

"We hebben ons meer gericht op de ontwikkeling van hoogwaardige luxemodellen. Vroeger ging het overgrote deel van onze auto's naar de Europese Unie en Noord-Amerika. Tegenwoordig is onze clientèle meer verspreid en verkopen we een groot deel in opkomende markten als Rusland en China."

Jaguar Land Rover is geen uitzondering. De hele Britse auto-industrie draait goed. Vorig jaar bereikten autofabrikanten een mijlpaal: voor het eerst sinds 1976 exporteerde het Verenigd Koninkrijk meer auto's dan het importeerde.

Daarmee lijkt een einde gekomen aan de neergang die zich zestig jaar geleden inzette. In de jaren vijftig was het Verenigd Koninkrijk de grootste auto-exporteur ter wereld. Beroemde merken als Aston Martin, Jaguar, Bentley, Lotus, Mini en Land Rover veroverden de markt. Maar met de toenemende concurrentie uit Duitsland en Japan begon de aftakeling.

Nu neemt het Verenigd Koninkrijk de veertiende plaats in op de ranglijst van autoproducerende landen. 2009 was het absolute dieptepunt toen er een miljoen auto's uit de Britse fabrieken rolden. McConomy: "We hebben toen even gedacht dat Jaguar Land Rover het niet zou overleven, maar de overname door Tata Motors heeft ons gered". Ook de overheid greep in. Met een subsidieregeling stimuleerde ze consumenten hun oude auto in te ruilen voor een nieuw model. Sindsdien is de Britse autoproductie gestegen naar 1,6 miljoen in 2012.

Er zijn wel grote verschillen met de hoogtijdagen van de jaren vijftig. Toen waren de bekende automerken in Britse handen, nu zijn de meeste eigendom van buitenlandse bedrijven. "We horen vaak de kritiek dat de Britse auto-industrie niet meer is wat ze is geweest, door de vele buitenlandse overnames", zegt Keith Lewis van de Society of Motor Manufacturers and Traders (SMMT), de belangenorganisatie van autofabrikanten. "Maar de productie van de bekende automerken is grotendeels in het Verenigd Koninkrijk gebleven. Die buitenlandse bedrijven investeren miljarden in onze economie."

De opleving van de auto-industrie is goed nieuws voor premier Cameron. Toen zijn regering in 2010 aantrad, bepleitte hij een hervorming van de Britse economie. Het land moest minder afhankelijk zijn van de financiële sector en meer een productieland worden à la Duitsland. Toch is McConomy kritisch over het overheidsbeleid. "Het is goed dat de regering het belang van de industrie inziet, maar er is nog steeds een gebrek aan ingenieurs. Het onderwijs blijft achter bij wat wij nodig hebben. Veel pas afgestudeerde ingenieurs en technisch personeel moeten wij verder opleiden, voordat ze aan de slag kunnen."

De SMMT maakt zich vooral zorgen over de groeiende euroscepsis in het Verenigd Koninkrijk. Cameron heeft een referendum over het Britse EU-lidmaatschap aangekondigd. Lewis: "Het is duidelijk dat het lidmaatschap van een sterke unie een groot voordeel is voor autoproducenten. Ondanks de problemen blijft de EU een belangrijke markt en het is zaak dat we onze invloed houden in Europa."

In buitenlandse handen
Veel beroemde Britse automerken uit de eerste helft van de twintigste eeuw bestaan nog, maar bijna allemaal zijn ze in buitenlandse handen. Jaguar en Land Rover zijn eigendom van Tata Motors uit India. Aston Martin werd eerst overgenomen door het Amerikaanse Ford en is nu in handen van een internationaal consortium. Bentley (Volkswagen), Mini (BMW) en Rolls Royce (BMW) hebben Duitse eigenaren. Lotus is in het bezit van het Maleisische Proton en MG is van het Chinese staatsbedrijf SAIC Motor. Van de bekende merken zijn alleen McLaren en Morgan nog in Britse handen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden