Ze zijn er nog, de rijke oases in de Vechtstreek

De Vechtstreek heeft vele gezichten: een omvangrijk plassengebied, weilanden, moerassen en een van de mooiste rivieren van Nederland, omzoomd door parkbossen. Jac. P. Thijsse schreef in 1915 al lyrisch over dit mooie stukje Nederland: '[...] als ik een koperwiek was, dan reisde ik ook altijd langs de Vechtstreek, want een mooier afwisseling van bosschen en weiden vind je nergens'.

Zoals overal in Nederland is ook het landschap van de Vechtstreek door de eeuwen heen ingrijpend veranderd en zijn oorspronkelijke ecosystemen aangetast. Is het niet door ontginning, drooglegging of turfwinning, dan wel door landbouw of bebouwing. De Vechtplassencommissie wilde ter gelegenheid van haar 75-jarig bestaan die ontstaansgeschiedenis en de huidige natuur- en landschapswaarden van de streek graag beschreven zien. In Wim Weijs, trotse streekbewoner en natuurkenner, vond ze de ideale chroniqueur. Hij dook de archieven in en ging in gesprek met de natuurbeheerders van nu. Zijn arbeid resulteerde in het bijna 400 pagina's tellende overzichtswerk 'Natuur & Landschap van de Vechtstreek'.

Aan de buitenplaatsen langs de Vecht en de parkbossen daaromheen dankt de Vechtstreek vooral haar roem, maar het gebied is veel groter. Het strekt zich tussen Vecht en Heuvelrug uit tot Naarden en Hilversum in het oosten en Utrecht in het zuiden. Zand, veen en klei vind je er, en veel water: het Naardermeer en het enorme plassengebied daaronder, bij Ankeveen, Vinkeveen, Kortenhoef, Loosdrecht, Tienhoven, Maarsseveen.

Hoe beeldbepalend deze plassen en de Vecht met de indrukwekkende buitenplaatsen ook zijn voor fietsers, wandelaars en watersporters, toch bestaat de Vechtstreek voor het merendeel uit grasland, waar van oudsher de melkveehouderij de dienst uitmaakt. Het romantische beeld dat landschapsschilders van weleer schetsten van het traditionele boerenland, met lome koeien in bloembespikkelde weiden, is inmiddels vervaagd. Die tijd, toen de soortenrijkdom van bloem, plant en dier nog niet was aangetast door monocultuur en overbemesting en het nog normaal was dat koeien in de wei stonden, is ook in de Vechtstreek voorbij. Maar toch, schrijft Weijs, zijn ze er nog, die 'oasen - lichtbemeste graslanden, kaden, bosjes, brede sloten - waar de natuur rijk is en divers'. Hoe minder mest, hoe gevarieerder de graslandflora en -fauna, die hij uitgebreid beschrijft. De sloten en slootkanten zijn vaak nog het natuurlijkst.

Niet alleen het boerenbedrijf heeft het aanzien van de Vechtstreek veranderd. Nieuwe woonwijken, industrie, infrastructuur en recreatievoorzieningen hebben veel van de ruimte afgesnoept. De druk op de ruimte is nog steeds groot, vooral vanuit de woningbouw en de recreatiesector. Over de horizonvervuiling die dat bijvoorbeeld in Oud-Loosdrecht tot gevolg heeft gehad, schreef Henri Polak in 1936 al buitengewoon chagrijnig: '[...] over nagenoeg de hele lengte van het dorp is de plas dichtgetimmerd. Huizen, werven, gebouwen van jachthavens en watersport-verenigingen, cafés, zweminrichtingen, enz. heeft men langs de waterkant neergezet, zodat er, van de dorpsweg af, van de plassen nagenoeg niets meer te zien is.' Verstedelijking, aanleg van wegen en vooral het opkomende toerisme halverwege de vorige eeuw, met de bijbehorende zomerhuisjes, woonboten, jachthavens en campings, hebben een zware tol geëist van het plassengebied. Het scheelde niet veel of ook de oevers van de andere plassen waren volgebouwd. Het opkomend milieubewustzijn in de jaren zeventig wist dat te verhoeden.

De, naar Weijs hoopt, laatste grootschalige 'vergissing' in het gebied was de aanleg, eind jaren tachtig, van een recreatiegebied met 'te hoge' watervilla's aan de Scheendijk bij Breukelen, die in de ogen van de schrijver 'ontsierend' zijn en 'volledig misplaatst in het kostbare landschap tussen Vecht en Loosdrechtse Plassen'. Ook de woonboten op de Vecht vinden in zijn ogen geen genade. Ze doen het uitzicht op de rivier teniet. En als de tuintjes bij de ligplaatsen ook nog eens met schuttingen van de weg worden afgeschermd, 'waant men zich in een Vinexwijk'.

Maar de kleinere veenriviertjes - Angstel, Gein, Winkel en Waver - zijn verrassend mooi gebleven, stelt hij tevreden vast, 'juweeltjes in het boerenland'.

Wim Weijs: Natuur & Landschap van de Vechtstreek; KNNV Uitgeverij, ISBN 9789050113922, 364 pg, 39,95 euro.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden