Ze vinden mij raar Dennis Heijn

Dennis Heijn (Bloemendaal, 1963) is ondernemer en schrijver van het onlangs verschenen boek 'Je kan bomen alleen ontwijken als je vaart hebt'. Hij is de zoon van Gerrit Jan Heijn die op 9 september 1987 werd ontvoerd en vermoord.

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben
"Ik heb laatst, toen mijn vrouw niet thuis was, een paar Jehova's Getuigen binnengelaten. Sindsdien heb ik waarschijnlijk een kruisje achter mijn naam staan, zo van: meneer is geïnteresseerd. Ben ik ook, maar vooral om te horen hoe die mannen op hun manier geloven dat zij de enige, ware stroming aanhangen. Ik vind het fascinerend om te zien hoe mensen, wereldwijd, proberen het ongrijpbare grijpbaar te maken. De essentie van grote mystieke tradities - het christendom, de islam, het boeddhisme - is vrijwel gelijk, maar zodra er regeltjes bij bedacht worden, begint de boel uit elkaar te drijven.

Uiteindelijk ben ik een agnost. Het evolutieverhaal lijkt me zeer plausibel, maar wie weet is het allemaal toch met een bepaald idee begonnen. En als mensen op zoveel verschillende plekken zulke identieke ervaringen hebben - verlichting, extase, reïncarnatie - moet er wel een kern van waarheid in zitten. Volgens mij is er niet één waarheid; het past allemaal in elkaar."

II Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is
"Waarom zou je niet voor een kunstwerk of een muziekstuk op de knieën gaan? Ik vind het wel mooi als mensen zich helemaal kunnen overgeven. Teruggrijpend naar dat eerste gebod: als je je het ongrijpbare voorstelt als de zee, en religies ziet als golven, groot en klein, dan is de ene golf niet natter dan de andere. Ik weet veel van veel religies, maar ik heb wel-eens gedacht: eigenlijk scheer ik alleen maar over het water en misschien moet ik, om het echt te ervaren, ergens een keer kopje onder durven gaan. Op de knieën. Ik doe het niet, omdat ik op al die geloven wel iets aan te merken heb, en ook omdat het mij te eng, te benauwd is. Ik wil ontdekken, aan het denken worden gezet. Zo'n boek heb ik ook willen schrijven: anders handelen door anders te kijken. Managementliteratuur is vaak zo saai; je hebt na drie pagina's al door welke kant het op gaat. Een boek met de titel 'Vergaderen doe je zo!' is aan mij niet besteed."

III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken
"Vroeger had je zo'n spreuk van de Bond tegen het vloeken: 'Spreek vrijmoedig over God, maar misbruik nooit zijn naam'. Dat vond ik wel een mooie. Waarom zou ik ook? Waarom zou ik jou beledigen? Waarom zou je iemand nou een geiteneuker willen noemen? Een beetje zelfspot is prima, ik ben absoluut voor vrijheid van meningsuiting, maar er is ook zoiets als verantwoordelijkheid om die vrijheid op een goede manier te gebruiken."

IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen
"In 2004 stopte ik als manager bij Heineken om een sabbatical te nemen. Ik wilde niet op de automatische piloot naar mijn pensioen toe hobbelen. Ik had het eerder willen doen, maar ik was bang. Wie springt er nou uit een rijdende trein? Hoe kom ik terecht, maar ook: hoe kom ik straks terug aan boord? En inderdaad, ik ben tien jaar verder en het blijkt niet zo makkelijk om de juiste baan te vinden. Ze vinden mij een beetje raar, daar in die trein. Alsof ik tien jaar heb weggegooid. Terwijl mijn leven juist zo is verrijkt. Toen Mandela, een van de meest inspirerende leiders ever, vrijkwam, heeft toch ook niemand gevraagd: 'Zeg, Nelson, wat heb je eigenlijk gedaan, de laatste 27 jaar? Hoe kom je erbij te denken dat jij een goede president zou zijn?' Ik heb gestudeerd, ik heb ervaring opgedaan. Nu is het tijd om alles wat ik te weten ben gekomen toe te passen in de praktijk. Het gaat mij niet alleen om het geld. Ik wil gewoon weer meedoen, dagelijks door de modder stampen, to make a difference. Ik ben hier tenslotte niet voor niets."

V Eer uw vader en uw moeder
"Toen ik in Argentinië werkte, ben ik een keer naar een workshop van Klaus Muller, een soort managementgoeroe, gegaan die de dag begon met een verhaal over zijn positie in het gezin. Hij was, net als ik, de derde van vier en bij alles wat hij vertelde, dacht ik: ja, zo is het precies! Ik kreeg ook de minste aandacht thuis, over mij werd ook gezegd: Dennis weet het allemaal zelf wel te regelen. Eindelijk erkenning. Totdat Muller over zijn zus, de tweede in de rij, begon. En daarna over het vierde kind... Uiteindelijk heeft elke positie zijn voor- en nadelen.

Ik viel niet op. Ik was braaf. Als mijn kerstrapport kwam, was het altijd even spannend - met zulke cijfers zou ik zeker blijven zitten - maar uiteindelijk haalde ik dan toch alles uit de kast om over te gaan. Niet buiten de paden gaan. Mijn rebellie kwam pas later. Ik ben in alles een laatbloeier geweest; ik werd ook pas een student nadat ik mijn studie had afgerond.

Ik kon altijd al goed opschieten met mijn jongste zus, maar de relatie met mijn broer en oudere zus kreeg eigenlijk pas na de ontvoering vorm. Die dag, 9 september 1987, is een waterscheiding in de geschiedenis van ons gezin. Die vier maanden in hetzelfde huis, elke avond waren er vergaderingen - maar vooral het delen van angst en verdriet - hebben ons absoluut dichter bij elkaar gebracht. Het was zo onwerkelijk allemaal. Elke avond zag ik ons huis op televisie, met een fotootje van mijn vader boven in beeld. Ik herinner me nog goed hoe ik me ergerde aan psychologen die ons kwamen vertellen hoe mijn vader, als hij terugkwam, misschien wel helemaal niet zou willen praten over wat hem was overkomen. Mijn moeder zei steeds dat haar man zo beschermd was opgevoed; dat hij niet tegen pijn zou kunnen. Ik wist één ding zeker: als hij terugkwam, zou hij gewoon kunnen communiceren. Ik dacht niet aan wat hem zou zijn aangedaan; het enige wat telde, was dat hij levend terug zou komen.

Naarmate de tijd verstreek, begrepen wij wel dat het niet goed zou aflopen. Ik woonde alweer in mijn eigen huis toen het telefoontje kwam: of ik thuis wilde komen. Iedereen was er al, ik was de laatste die het hoorde en weet je wat mij heel vaak is gevraagd? Of ik niet boos was op mijn vader; dat hij zich niet heeft verzet, dat hij niet is weggerend toen het nog kon. Maar ik voel alleen maar medelijden. Ik zie hem, onbeholpen in zijn kostuum, a-sportief, volledig uit zijn comfortzone, constant nadenkend over hoe hij in die situatie verzeild is geraakt, door dat bos lopen... Tot hij van achteren door zijn hoofd wordt geschoten. Het rare is: ik huil er niet meer om. Ik begrijp het nauwelijks van mezelf. Hoe vaak heb ik Bambi al gezien? Of The Lion King? Ik ben al die keren in tranen geweest, en ik weet zeker dat het weer gebeurt als ik ga kijken. Wat is dat, verdringing? Ik denk dat ik in een survival-modus ben geschoten: als we samen ten strijde trekken en jij wordt neergeschoten, dan ga ik ook niet bij jou op de grond zitten huilen, nee, ik moet door. Zoiets.

In die tijd durfden mensen er nauwelijks over te beginnen. Tot de vader van een vriendin met een rugklacht naar het ziekenhuis ging en door een verkeerde narcose op de operatietafel kwam te overlijden. Toen ik haar wilde troosten, zei zij: 'Wat jou is overkomen, dát is pas erg.' Zo zie ik dat helemaal niet. Het is spectaculairder, naar buiten toe. De angst, de onzekerheid, dat verhaal van de pink die na een maand werd opgestuurd. Dat was trouwens één van de dingen die Ferdi wist; dat ze nooit konden bepalen of de pink van een levende of een dode man was afgesneden. En dan die cynische boodschap erbij: hij zal voorlopig geen piano meer kunnen spelen. Waar die pink gebleven is? Goeie vraag. Geen idee. Ik neem aan dat ze hem mee begraven hebben.

Het is gek, door dit soort interviews moet ik terug in de tijd, maar ik denk niet voortdurend aan mijn vader... ja, op zijn verjaardag, 14 februari. Je hebt gelijk: als ik reïncarnatie niet uitsluit, is het dus mogelijk dat ik op de een of andere manier ooit nog eens met mijn vader in contact zal komen. Het is geen verlangen dat mij drijft, maar als jij zegt dat je een afspraak voor mij kunt regelen, zou ik daar graag op ingaan. Ik weet niet of hij een andere zoon gaat zien. Hij heeft vooral mijn brave kant gekend. Misschien zegt hij: Dennis, jongen, je bent eindelijk jezelf geworden."

VI Gij zult niet doodslaan
"Ik heb hem in de rechtszaal gezien. Ferdi E. was een klein, onopvallend mannetje. Ik had hem zo dood kunnen schieten - we werden niet eens gefouilleerd - maar ik heb nooit wraakgevoelens gehad. Vond ik het erg dat hij in 2009 door een graafmachine werd overreden? Niet echt. Ik heb gewoon niet zoveel energie in die man gestoken. Uiteindelijk ben ik liever de zoon van Gerrit Jan Heijn dan de zoon van Ferdi E.; zijn kinderen hebben het in zekere zin veel zwaarder gehad dan ik."

VII Gij zult niet echtbreken
"Als hier wordt bedoeld dat je tijdens het huwelijk niet vreemd mag gaan, dan moet ik bekennen dat er tussen mijn eerste en mijn tweede vrouw enige overlapping is geweest. Het was een lastige periode en ik heb mij wel degelijk bezwaard gevoeld - voor de vier kinderen uit mijn eerste huwelijk was dit niet bepaald papa op z'n best - maar het is natuurlijk niet voor niets gebeurd. Ik moest iets doorbreken; ik kon niet langer aan bepaalde verwachtingen voldoen. Mijn vorige huwelijk was niet slecht of zo, maar kennelijk ook niet goed genoeg. Ik stond open voor nieuwe dingen. Ik was altijd braaf geweest. Never rock the boat. Nou, dit was behoorlijk rocking the boat.

Die overgang was niet makkelijk, maar wij waren zeker niet de eersten die met zo'n situatie moesten zien om te gaan. Uiteindelijk kregen we drie kinderen samen. We zijn nu officieel zevenenhalf jaar getrouwd, maar al langer bij elkaar. En gelukkig, ja. Ik geloof dat het aantal scheidingen onder tweede huwelijken hoger is, maar wat mij betreft was het eens en nooit meer."

VIII Gij zult niet stelen
"Als je met een bootje uit Afrika naar Europa komt en helemaal niks te eten hebt, dan ga je stelen. Zou ik ook doen. Bedrijven die enorme risico's nemen en de maatschappij ervoor laten opdraaien als het misgaat: dat is veel erger. Ik las laatst het verhaal over de verjaardag van de vrouw van een Enron-medewerker in Amerika. Voor een feestje ter ere van haar veertigste verjaardag werden met privéjets tweehonderd mensen ingevlogen. Dat is toch bizar? Kijk, als jij een bedrijf zoals Whatsapp opbouwt en het vervolgens voor 19 miljard weet te verkopen, kan ik daar alleen maar bewondering voor hebben, maar in dienst zijn van een onderneming en denken dat je recht hebt op een feestje van 2 miljoen dollar? Nee."

IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste
"Stel dat ik jou nou echt een enorme eikel vind, een waardeloze journalist die ook nog eens beroerde romans schrijft, en ik zeg dat tegen iemand die mij later vertelt dat jij juist heel lovend over mij was geweest - dan zet dat mij toch wel even aan het denken. Voor mijn overgrootvader, Albert Heijn, was dit één van zijn leefregels: 'Wanneer iemand kwaad spreekt van een ander, zeg dan eens, als je dit naar waarheid zeggen kunt: de ander spreekt beter over u, dan jij over hem. De kwaadspreker zal zeker ontroeren.'

Wat mij, in dit verband, ook opvalt is dat we anderen op hun acties, en onszelf op onze intenties beoordelen. Volgens mij moet je er altijd van doordrongen zijn dat iedereen zijn eigen struggle met het leven heeft. Het gebeurt vaak dat mensen alleen op basis van mijn achternaam een oordeel over mij hebben, of allerlei dingen aannemen: hij zal het wel in de schoot geworpen hebben gekregen, dat soort dingen. Misschien dat ik mij om die reden wel-eens gedeisd houd. Aan de andere kant ben ik vooral trots op mijn achternaam. Er zijn veel mensen die Heijn heten - google maar eens - en géén familie van Albert zijn. Dat lijkt me eerlijk gezegd veel vervelender."

X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is
"Als je in Italië in een Ferrari rondrijdt, steken ze allemaal vrolijk hun duim omhoog als je voorbijkomt. Hier ben je verdacht, met zo'n auto. Ik ken dat soort jaloezie niet, ja, bij zakelijk succes - als iemand zijn bedrijf voor een geweldig bedrag verkoopt - denk ik: dat zou ik ook wel willen, maar dan zal ik vooral proberen om het voor mezelf ook zo goed te regelen. En op het persoonlijke vlak? Ik zou graag ook eens een directe ervaring met het bovennatuurlijke hebben. Ik deed mee aan Vision Quest, waarbij je vierenhalve dag zonder eten op een berg doorbrengt. Aan het eind van die queeste vertelden de andere deelnemers prachtige verhalen over hun dierbaren die ze in visioenen hadden gezien en zo... En ik? Niks. Ik heb mij weleens afgevraagd of het met mijn bevoorrechte leven te maken heeft, of er meer ellende voor nodig is om echt verlicht te kunnen raken."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden